Categoriearchief: Politiek

GroenLinks onder vuur.

“Wat er mis is gegaan met GroenLinks is dat na de fusie van de CPN, de PSP, de PPR en de EVP er belangrijke elementen van de organisatiestructuur van de CPN zijn overgenomen. GroenLinks is sinds haar oprichting in 1990 bestuurd volgens het democratisch centralisme. Toen te veel prominente partijleden dat niet meer accepteerden in mei 2012 is het misgegaan.” Deze stelling werd gisteravond geponeerd in het Historisch Café door Aafke Beukema toe Water, al tien jaar lid van GroenLinks. Van deze stelling werd gehakt gemaakt door Erik van Ree, die een levenslange studie heeft gemaakt van de communistische partijen, zowel in landen waar ze aan de macht waren als in landen waar dat niet het geval was. Kenmerkend voor communistische partijen is de volstrekte interne dictatuur (tot spreekverboden en verboden tot samenspraak buiten de door de partij gezette kaders om). Daarvan is in GL geen sprake. Maar wat is dan wel de oorzaak van de neergang van GL? (Let wel: in de peilingen en de verkiezingen: binnen de partij zie ik nog niet zoveel neergang).

Er is al veel geschreven en over gedacht, maar ik zelf houd het op vier redenen, drie incidentele en een meer structurele. De drie incidentele zijn: het actief meebeslissen en meedoen met de Kunduzmissie, de demarche van Tofik Dibi en het onhandige manouvreren van de partijvoorzitster daarna en , toen de peilingen eenmaal terugliepen, de veel geringere zendtijd die GroenLinks (en de andere ‘kleine’ partijen) kregen dan de wat grotere partijen. Over elk van die drie redenen een enkel woord:

Wat de Kunduzmissie betreft: iedereen die zich een beetje had verdiept in de situatie ter plekke en zijn hersens gebruikte kon zien dat dat een ‘mission impossible’ was, zeker met de beperkende condities die eerst GroenLinks en daarna het kabinet daaraan stelde.

Dan het onhandige manouvreren vande partijvoorzitster: Zij wilde eerst de reglementen handhaven en ging achter de kandidatencommissie staan , en deed daarna precies het omgekeerde. Dat maakt natuurlijk niet zo’n goede indruk. Het hielp natuurlijk ook niet dat iedereen zich er  toen ‘en public’ mee ging bemoeien (met name de populaire Ineke van Gent – die er meningsverschillen in de fractie bijhaalde).

En wat de geringere zendtijd voor de kleinere partijen betreft: blijkbaar brengen de media voor ons al een soort kiesdrempel aan. Interessante manier van invloed uitoefenen.

Deze drie redenen deden het imago van GL geen goed, maar de de vierde  structurele reden heeft zeker ook meegespeeld. Men kan zich afvragen waarom de groene partijn in Europea, met name in Duistland, zoveel succesrijker zijn dan GroenLinks. Daar kan men op zich een hele discssie over voeren, maar ik denk dat meespeelt, dat de andere groene partijen formeel een groene politiek niet verbinden met een linkse politiek. GroenLinks doet dat wel, en met reden (het is een zeer doordachte stellingname), maar daarmee stoor je kiezers af die in het centrum staan maar wel ‘groen’ denken. Die gaan nu naar D66. Femke Halsema heeft daar wat aan trachten te doen door een meer liberale visie te ontvouwen, maar juist de laatste tijd bewoog GL weer meer in linkse richting.

Tja, de boodschap van GL wordt op die manier wel een heel onaangename: het gaat ecologisch niet goed met de wereld, en we  zullen daarvoor moeten inleveren. Met die boodschap valt de strijd om de kiezer nauwelijks te winnen. Nog niet in elk geval. Maar, als de grimmige toekomst naderbij komt, wie weet. . . Dan moet GL natuurlijk wel eerst overleven. We zullen zien.

Einde aan de economische groei.

‘Opnieuw ontbrak  in de regeringsverklaring een visie voor de lange termijn’ kopte Trouw vanmorgen boven het hoofdartikel. Dat is maar half waar, want de regering streeft wel degelijk naar een weer groeiende economie. Maar inderdaad, verder staat er niets. En dat kan ook niet, want we weten niet meer hoe het verder moet. De politici niet, de deskundigen niet, en wij burgers ook niet.

Een ding is wel zeker: groei kan niet meer (zie een van mijn vorige blogs). We doen nog steeds alsof we in een tijdelijke inzinking zitten, maar in feite is de groei nu al tot stilstand gekomen. Daarom al die bezuinigingen, want we zitten nog wel met de schulden vanuit het verleden, die niet bepaald een garantie bieden voor de toekomst. Het zal allemaal nog veel erger worden. Dat is niet mijn persoonlijk doemdenken – het wordt onderschreven door vele deskundigen. Om er een te noemen: Paul Schnabel, de directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau in Trouw van 12 november.

Als je ziet wat de eerste reacties zijn op het eerste en tweede regeerakkoord, dan kan je dat niet anders omschrijven als gehuil en gejammer in de polder. But we haven’t seen nothing yet. De belangrijkste vraag wordt dus: hoe maken we de overgang naar een duurzame en rechtvaardige economie zonder de opstand der horden? Hoe redden we wat er te redden valt op ecologisch gebied, en streven we ernaar dat de meer dan 1 miljard mensen die moeten leven van 1 dollar per dag (of minder) een fatsoenlijk bestaan kunnen opbouwen? (of kan ons dat niet schelen?) Hoe vermijden we de oorlog van allen tegen allen (Hobbes)? De tijd dat dit alles nog bereikt kon worden met relatief eenvoudige middelen hebben we intussen achter ons gelaten.

Drie ‘oplossingen’ worden aangedragen voor een economie zonder groei in de ontwikkelde landen door Tim Jackson in zijn uitstekende boek ‘Welvaart zonder groei’: alleen investeren in goederen en diensten die milieuwinst opleveren, een nieuwe arbeidsverdeling (deeltijd), en de buikriem aanhalen. Afgezien van het feit dat dit mijns inziens niet voldoende is rijst de vraag: maar hoe ontwikkelen we de bereidheid onder de bevolkingen van de rijke landen om daaraan mee te werken? Want zonder die bereidheid zal het waarachtig niet gaan.

Je kunt niet van een nieuwe regering verwachten dat ze daar een-twee-drie een oplossing voor vinden. Zelfs van politieke partijen mag je dat niet verwachten. Maar wat je wel mag verwachten is dat ze het probleem adresseren, in plaats  van de oude mantra, de mythe van de te herstellen economische groei keer op keer herhalen. En dat ze de vaste bereidheid uitspreken om naar nieuwe wegen te zoeken om dit probleem aan te pakken. Van rea’c’tie naar ‘c’reatie: it all depends on how you ‘c’ it.

Ik heb wel een idee over hoe je dit zou moeten aanpakken (evenals een aantal anderen trouwens), en dat heb ik ontvouwd in mijn laatste boek: ‘Voor niets gaat de zon op – een blauwdruk voor een waardige wereld.’ Maar echt hard loopt het nog net met de verkoop van dit  en soortgelijke boeken. Maar wat niet is kan komen. . .