We slagen er als mensheid maar niet in om een waardige wereld te scheppen: een wereld waarin de menselijke waardigheid en de waarde van de aarde en alles wat er op leeft centraal staat, en die daarom respect verdient. Dat is merkwaardig omdat vrijwel alle godsdiensten en spirituele tradities een dergelijke wereld in enigerlei vorm pretenderen na te streven, en deze religies de menselijke cultuur eeuwenlang hebben gedomineerd. In de 20e eeuw hebben twee ideologieën deze functie tijdelijk overgenomen: het communisme en het fascisme, maar zoals we weten hebben zij eveneens gefaald. Ook het kapitalisme, met name in het bedrijfsleven, heeft een poging gewaagd een inspirerend toekomstbeeld te scheppen, maar ook dat loopt nu op een fiasco uit. In deze godsdiensten, tradities en ideologieën is met grote overgave geloofd, maar dat heeft niet mogen baten.
In het Westen (maar misschien ook elders – dat weet ik niet zo precies) is in al deze ‘geloofssystemen’ de klad gekomen. Een toenemende menigte gelooft eigenijk nergens meer in, zoals ik in het vorige blog al zei. Ik liet daar ook zien wat daarvan het gevaar is. En zoals ik daar al noemde, is als reactie daarop na de tweede wereldoorlog hier het Humanistisch Verbond opgericht, met als uitdrukkelijk doel de leegte die door dit ‘nihilisme’ is ontstaan op te vullen. Maar daarin is het uiteindelijk niet geslaagd, althans niet voor de overgrote meerderheid der ongelovigen. Ik heb me afgevraagd hoe dat komt, omdat ik op grond van mijn praktijkervaring meen te weten dat er wel een grote behoefte is aan zingeving. En zonder een zeker geloof is het bijna onmogelijk aan dit leven zin te geven.
Je hoort vandaag de dag weer meer over humanisme spreken, maar dat is vooral in het kader van het transhumanisme: een filosofie die gelooft dat het mogelijk en wenselijk is dat de mens met behulp van moderne technologie, zoals bijvoorbeeld nanotechnologie en kunstmatige intelligentie, zich zelf overstijgt. Maar of dat nu gaat leiden tot een waardige wereld is allerminst zeker. Het transhumanisme geeft daar geen antwoord op.
Maar laten we terugkeren tot de bron: het modern humanisme. Waarom is het (nog) niet in staat gebleken om ons te leiden naar een waardige wereld? Waarom is het geen massabeweging geworden, die onze leiders zou opstuwen op de weg naar die wereld? Niet een beetje rommelend in de marge, zoals nu, maar echte stappen makend? Waarom?
In mijn volgende blog ga ik nader op die vragen in.

het geloof in een scheppende kracht, die de evolutie voortstuwt en richting geeft.
Het is wel een interessant gedachte-experiment om je voor te stellen wat je als grafschrift op je steen zou willen zien staan, of, als je niet begraven wil worden, hoe een voor jou belangrijk of dierbaar persoon jou in een oneliner zou karakteriseren na je overlijden. En een ander gedachte-experiment: als je zou weten dat je morgen, over een week, over een jaar zou overlijden: wat zou je nog willen doen? Doe dat dan nu. Deze gedachte-experimenten zijn oude technieken uit de groeibeweging van de zestiger en zeventiger jaren, die hun relevantie nog geenszins verloren hebben.
Een leven dat niet kritisch naar zichzelf kijkt, is het niet waard om geleefd te worden. (Socrates)*
Afgelopen zaterdag woonde ik op de Universiteitsdag van de UvA een college bij met bovenstaande titel. Hoewel het een zeer boeiende bijeenkomst was, gaven de sprekers geen antwoord op de vraag die in deze titel verborgen ligt – Is Amsterdam veranderd? – ; die vraag kwam niet aan de orde. Prof. Gabri van Tussenbroek, hoogleraar stedelijke identiteit, liet de parallellen zien tussen de huidige situatie, met name de negatieve aspecten daarvan (overmatige drukte, tekort aan goede betaalbare woningen, transportproblemen) en de situatie in de tweede helft van de zestiende eeuw – opmerkelijke overeenkomsten. Dat geldt overigens ook voor de situatie aan het eind van de 19e eeuw en het begin van de 20e. Fenne Pinkster, stadsgeograaf, beschreef vervolgens op indringende en humoristische wijze de chaotische toestand in het centrum van Amsterdam, met name de grachtengordel, en had goede ideeën over wat je daaraan zou kunnen doen. Hoewel beiden niet politiek stelling wilden nemen, lieten ze toch wel doorschemeren dat het aantreden van het nieuwe college hen hoopvol stemde over wat de gemeente daaraan zou kunnen doen. Maar een antwoord op bovenstaande vraag gaven ze niet.
Of course we don’t love our neighbor immediately after meeting him/her, or continuously. As Carl Jung wrote in a letter to Mrs. A. Schim van de Loeff: “The general idea of christian love for one’s neighbour is a pretense. In that way one can interact with everyone in a nice and detached way, because you are loving everyone after all. I possess no christian love, so why should I pretend to love you? I take you seriously, and that, in all honesty, is the only thing I can do.”
Over deze vraag hebben geleerden zich al eeuwen lang gebogen. Een tijdlang werd gedacht dat tijd is te zien als een constante stroom, die één richting op stroomt. Vandaar ook de tweede wet van de thermodynamica, die luidt, kort door de bocht: de wanorde van elk gesloten systeem neemt toe in de tijd. Of anders gezegd: warmte stroomt altijd één kant op, van warm naar koud. Maar aan dit beeld werd door Einstein radicaal een einde gemaakt met zijn algemene relativiteitstheorie. Ruimte en tijd vormen een onverbrekelijk geheel, dat ontstaan is met het ontstaan van het heelal, en dat weefsel van de ruimtetijd is vervormbaar. Het kromt onder invloed van de zwaartekracht, en niet iedere gebeurtenis of handeling duurt overal even lang. Er bestaat in de kosmos geen gemeenschappelijk nu. De tijd zou uiteindelijk zelfs circulair kunnen zijn, en het verschil tussen heden en verleden zou kunnen verdwijnen.
“As a punishment for his trickery, King Sisyphus was made to endlessly roll a huge boulder up a steep hill. The maddening nature of the punishment was reserved for King Sisyphus due to his presumptuous belief that his cleverness surpassed that of Zeus himself. Zeus accordingly displayed his own cleverness by enchanting the boulder into rolling away from King Sisyphus before he reached the top, which ended up consigning Sisyphus to an eternity of useless efforts and unending frustration. Thus it came to pass that pointless or interminable activities are sometimes described as Sisyphean.”