angst

Elk zijn is tot niet-zijn geschapen.*

IJs, weder en Corona dienende word ik een dezer dagen in goede gezondheid 81 jaar – dank u voor de gelukswensen. En dan te bedenken dat ik me ooit had voorgenomen 75 jaar te worden. Maar dat project is dus grandioos mislukt. Hoe dit zij, ik ben dus weer een jaartje dichter bij de dood gekomen. Voor zover ik kan nagaan ben ik daar niet bang voor – hoewel, op het moment suprème me overgeven en alle controle loslaten . . ? – maar wel voor het mogelijke lijden dat daaraan vooraf zou kunnen gaan. De mens lijdt het meest door het lijden dat hij vreest, maar dat niet op komt dagen. Zo heeft hij meer te dragen dan God te dragen geeft.

Nu denk ik maar zo dat de meeste mensen, bewust of onbewust, hetzij bang zijn voor de dood of, net als ik, voor het lijden. De pandemie dreigt die angst meer naar de voorgrond te brengen, zoals eerder al de klimaatcrisis, die ons immers collectief bedreigt. Wel is de dreiging van de klimaatcrisis vager en verder weg dan die van de pandemie, maar toch kan ook het bewustzijn van dat gevaar de angst in ons oproepen. Met angst is moeilijk te leven. Veel van de ontkenning van beide problemen, en veel van de agressie en lelijkheid in de samenleving is daaruit te verklaren. Angst kan ons ook verlammen en doen vluchten in een houding van ‘na mij de zondvloed’.

Dat zijn dus allemaal geen constructieve manieren om met angst om te gaan. De angst onderdrukken is ook niet effectief; de angst is reëel en door deze weg te stoppen of te ontkennen wordt die onderhuids alleen maar groter, en heeft daar zijn schadelijke werking (depressie, verlies aan energie en levenslust, ziekte, wat dan ook). Maar wat dan wel? We zullen moeten leren met onze angsten te leven, door daarnaast veerkracht en hoop te ontwikkelen zodat die angst ons niet overmeestert of verlamt.

Hoe ontwikkelen we veerkracht en hoop? Door contact te maken met onze krachtbronnen: onze intuïtie, ons vermogen lief te hebben, onze kwaliteiten en talenten, onze innerlijke gids en last but not least onze hulpbronnen in de onzichtbare werelden, en dan vervolgens te handelen: doen wat onze handen en ons hart te doen vinden. Dan ‘sal ’t waerachtigh wel gaen. Twee weken geleden liet ik u mijn hoop zien, en vorige week wenste ik u een nieuw begin. Daar wil ik nu aan toevoegen dat ik u een jaar toewens vol veerkracht en hoop waarin u uw angst, als u die hebt, een plaats weet te geven.

  • J.C. Bloem. Dit blog is mede geïnspireerd op het prachtige stuk Hoe de angst te bedwingen? van Marian Donner in Trouw van 16 december 2020
Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Als men ziet wat juist is, en het nalaat, is dat een gebrek aan moed.*)

Veel narigheid in deze samenleving komt voort uit angst. Want mensen die bang zijn, zijn in nood, en een mens in nood maakt rare sprongen (daarin lijken we op katten). Hij/zij denkt vaak niet redelijk, neemt beslissingen die niet heilzaam zijn voor hem- of haarzelf of zijn omgeving. Angst die niet onder ogen wordt gezien leidt vaak tot woede, of het niet nemen van verantwoordelijkheid voor de situatie waarin men zich bevindt. Dan krijgt een ander de schuld van de eigen onlust. In het ergste geval leidt angst tot destructief  of kwaadaardig gedrag of geweld.

Waar zijn we bang voor? In mijn ervaring is iedereen wel ergens bang voor: om niet gezien te worden, om niet erkend te worden, om beledigd te worden, om geen betekenis te hebben in deze wereld, om niet meer te zijn dan een korreltje zand op het strand, bang voor schaarste en om niet genoeg te krijgen in deze wereld, bang voor de ander, bang om af te gaan, om het fout te doen, om slecht of zondig te zijn, bang om te verliezen wat we hebben, bang om te vallen, bang voor pijn, en uiteindelijk bang om ziek te worden en dood te gaan.

We scheppen allerlei denkconstructies om deze angsten te maskeren. Sommige mensen zijn daar zo goed in dat het lijkt alsof ze helemaal geen angst hebben. Anderen construeren een hiernamaals, waarin ze beloond kunnen worden voor hun goede daden (maar dan maskeren ze weer de angst voor straf), of zoeken het meer in het aardse vlak en streven naar genot, of willen uitblinken en macht verwerven. Velen  bouwen allerlei beschermingsconstructies (zoals verzekeringen en wetten). Zoals eerder gezegd  kan de maskering van angst leiden tot geweld, en dat voedt dan weer de angst. Daarom is het goed met regelmaat aan onszelf de vraag te stellen: waar ben ik eigenlijk bang voor? Als we onze angsten onder ogen kunnen zien kunnen we leren om daar zonder verdedigingsconstructies mee te leven.

Angst  heeft in ons leven een belangrijke functie: het geeft ons de gelegenheid moedig te zijn. Om moedig te zijn moet je eerst bang zijn, anders is moed nergens voor nodig, en zal het dus niet ontwikkeld worden. En moed is beslist iets wat we nodig hebben in deze barre wereld. Het is een van de kardinale deugden. In ons hart weten we dat wel en daarom scheppen mensen die zich niet bewust zijn van hun eigen angsten vaak situaties, die een zeker risico inhouden. Door onze angst gade te slaan, er niet in te verdrinken maar het ook niet weg te stoppen, trainen we moed. We kunnen dit proces versterken door ons veiligheidsgebied te verlaten, en een redelijk risico te nemen (growing edge). Join the club!

 

*) Confucius. Een deel van de tekst van dit blog is eerder gepubliceerd in Voor niets gaat de zon op. .  . een blauwdruk voor een waardige samenleving (2012).

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter