Waarom toch?

“Meneer van Rijswijk, ik studeer strafrecht. Wat u doet is misdadig”
(ING aandeelhouder op de aandeelhoudersvergadering. Van Rijswijk is CEO ING)

Begeerte heeft ons aangeraakt.
(De Internationale, socialistisch strijdlied, vertaling Henriëtte Roland Holst)

De inflatie dendert voort. Oude maatregelen uit het verleden die niet of maar zeer ten dele werkten en grote schade aan de samenleving veroorzaakten – zoals renteverhogingen door de Centrale Banken, bezuinigingen en loonmatiging – worden van stal gehaald uit angst voor een loon-prijsspiraal, hoewel de kans daarop klein is volgens de Nederlandse Bank. Zoals ook bij andere maatschappelijke problemen wordt in de politiek – en in dit geval ook door de journalistiek – niet gekeken naar wat de diepere oorzaak is. Waarom duurt de inflatie voort (vooral zichtbaar in de consumentenprijzen) terwijl de energiekosten inmiddels gedaald zijn tot het niveau van begin 2021, en de effecten van de oorlog in Oekraïne inmiddels gestabiliseerd zijn?

Door een column van Koen Haegens in de Groene Amsterdammer van 20 april vielen mij de schellen van de ogen. Het is heel simpel: de helft van de inflatie wordt veroorzaakt door de ‘onstilbare honger van bedrijven en aandeelhouders naar meer’, die leidt tot de hoge consumentenprijzen en tot giga bedrijfswinsten en uitkeringen aan aandeelhouders. Kennelijk hebben de bedrijven voldoende marktmacht om dat straffeloos te kunnen doen (monopolies en oligopolies die niet aan banden worden gelegd). Zo harkten bijvoorbeeld de vijfhonderd grootste bedrijven in de VS ‘het onwaarschijnlijke bedrag van $ 1800 miljard binnen’ (ter vergelijking: dit is 2,5 x de totale begroting van de V.S.). De lonen blijven hiermee ver achter bij de inflatiecijfers, en ook worden die winsten niet besteed aan duurzame doelen. (zie het citaat hierboven).

Bedrijven doen dit omdat het kan en mag. Maar waarom toch? Waarom zijn de verantwoordelijke bestuurders en aandeelhouders zo gewetenloos bezig? Waarom spannen zelfs de certificaathouders van Triodosbank, van wie ik dacht dat ze deze certificaties mede hadden gekocht omdat ze de duurzame doelen van Triodos belangrijk vonden, nu een rechtszaak tegen Triodos aan omdat Triodos, ten gevolge van de kredietcrisis, wettelijk werd gedwongen de inkoop van aandelen stop te zetten?* Ik weet het, Boeddha heeft gezegd dat begeerte ons aangeboren is, maar ook dat we ons daarvan kunnen bevrijden. Maar waarom doen we dat dan niet? Waarom willen we steeds meer en meer, terwijl allang is aangetoond dat dit niet bijdraagt tot meer geluk. Waarom ‘kiezen’ vele bestuurders en aandeelhouders voor het vergroten van de maatschappelijke ongelijkheid en de destructie van de wereld? Welbewust onbewust? En waarom slikken we dit als consumenten en burgers? Wie het weet mag het zeggen.

Natuurlijk ken ik de verschillende psychologische en spirituele verklaringen, maar als puntje bij paaltje komt bevredigen die me niet. Voor iedereen die niet lijdt aan een psychische stoornis is er altijd de keuze om te luisteren naar ons geweten. Waarom wordt die niet gemaakt ten behoeve van ons allemaal? Waarom kunnen zovelen van ons het leven niet zien als een heilige reis?

In mijn volgende blog ga ik in op wat deze vragen voor mezelf betekenen.

.

*) Triodosbank mag wettelijk niet meer dan 3 % van haar kapitaal ( € 36 mio) inzetten om certificaten (een soort obligaties) op te kopen. Toen de vraag naar verkoop te groot werd, moest Triodos dus de inkoop stop zetten. De bank creëert nu een vrije markt om certificaten te verhandelen, maar daardoor is de nominale waarde van de certificaten niet meer gegarandeerd. Dientengevolge hebben de certificaathouders, net als de meeste beleggers in 2008/9, geld verloren, en konden ze een tijdlang niet bij hun geld. Dat hebben ze gemeen met hypotheekhouders, mensen met een verzekeringspolis en gepensioneerden. Dat een aantal van hen nu hun idealisme over boord zetten en zich opstellen als de gemiddelde consument die eigen belang stellen boven een groter belang verbaast me. Zie voor meer informatie over de financiering van banken: Frank Jan de Graaf in Trouw van 25 april j.l.

Onze heilige reis.

. . . tussen passer en winkelhaak, alwaar is heiligheid. . . *)

In mijn blog voor Pasen stelde ik dat ons leven is te zien als een heilige reis. Maar ervaren we dat ook zo?

Voor dit blog definieer ik ‘heilig’ als volgt: uniek, gewijd aan een roeping en verbonden met de transcendente wereld. Onder transcendent versta ik dan de materiële wereld overstijgend.

Hoe kunnen we ons van de heiligheid van ons leven (meer) bewust worden? Ik noem een paar mogelijkheden. Ten eerste beseffen dat schoonheid door ons kan worden ervaren en dat schoonheid een kwaliteit is die door onze geest aan de wereld wordt gegeven. Ten tweede door ons bewust te worden van onze roeping. En ten derde door ons te realiseren dat onze ziel na ons leven kan voort bestaan. Dit zijn drie vormen van spirituele bewustwording; er zijn er meer.

Vaak komt die bewustwording na een keerpunt in ons leven. Dat zijn soms crises, zoals ziekte of sterven van een geliefde, een (bijna) faillissement, een natuurramp. Of een openbaring (visioen, inzicht, het meemaken van een wonder). Je kunt het zien bij Jezus, na zijn doop in de Jordaan (het ontstaan van zijn Christus-bewustzijn), of bij Arjuna (Bhagavad Gita, het ontstaan van zijn Krishna bewustzijn), maar het komt ook bij ons ‘gewone’ mensen voor.

We weten niet met zekerheid wat de uiteindelijke bestemming is van onze reis. Maar dat geeft niet – op het reizen komt het aan. Een heilige reis is een stap in het geheel van deze schepping. Als we uit dit geheel stappen is dat een bron van onbehagen, ziekte of destructiviteit, en het verlies van het besef van heiligheid. Maar ik neem aan dat dit bij de lezers van dit blog niet of nauwelijks voorkomt: jullie weten wel dat het leven heilig is. Het is echter goed om daar af en toe eens bewust bij stil te staan.

.

*) Zie: https://nl.wikipedia.org/wiki/Passer_en_winkelhaak

Zullen de vogels blijven zingen?*

Hoop kun je ontlenen aan het contact met de universele waarden. Universeel: dat betekent dat ze bij iedereen in de hele wereld leven. Maar niet iedereen heeft er contact mee. Hetzij door uiterlijke omstandigheden (ziekte, honger, oorlog, natuurrampen, armoede, angst voor de toekomst), hetzij door onze versluierende denkbeelden over onszelf en de wereld, kan dat contact verloren zijn gegaan.

Als je de luxe hebt om tijd en aandacht aan jezelf te besteden loont het de moeite dat contact met die waarden te verdiepen of zonodig te herstellen. Dat kan door jezelf de vraag te stellen ‘Wie of wat ben ik?’, en bij een van die twee die vragen stil te blijven staan totdat hèt antwoord je geopenbaard wordt. Daarna zul je betrekkelijk makkelijk jouw diepste waarden kunnen vinden. Een andere weg is je af te vragen wat je roeping of opdracht is in deze wereld en dan na te gaan welke waarden daaraan ten grondslag liggen.

Bij dit onderzoek is er een valkuil: dat je aangeleerde normen en overtuigingen voor universele waarden aanziet. Een voorbeeld uit mijn eigen leven: verantwoordelijkheid houdt voor mij in dat ik me niet alleen door eigenbelang laat leiden, maar ook door zorg voor mijn naasten, en door het algemeen belang. Maar daarmee is verantwoordelijkheid nog geen universele waarde: deze waarde is mij aangeleerd in mijn jeugd, en wordt volgens mij niet door iedereen gedeeld. Het vraagt dus nauwkeurige zelfreflectie en observatie van de wereld om je heen om het onderscheid te maken tussen universele en persoonlijke waarden.

Ik meen te weten dat er maar twee, misschien drie, universele waarden zijn (die dus bij iedereen leven) die aan alle andere waarden ten grondslag liggen. Deze universele waarden zijn dus ook fundamentele waarden. Om je ontdekkingsproces niet te verstoren houd ik even voor me welke dat volgens mij zijn. Uit die waarden vloeien overigens afgeleide waarden voort, die meer cultureel bepaald zijn. Maar hoe die ontdekkingsreis ook verloopt, en waar die eindigt, ik kan je verzekeren dat je naarmate je dichter bij de basis van je waardenstelsel komt deze waarden invloed gaan uitoefenen op je denken en handelen. Dan zal de hoop op natuurlijke wijze opbloeien.

*) Misschien wordt de Silent Spring van Rachel Carson niet bewaarheid. Dat hoop ik althans.

Zonder hoop vaart niemand wel.

Hoop is ergens voor werken omdat het goed is,
Niet alleen omdat het kans van slagen heeft.

(Vaclav Havel)

Hoop ontstaat door actie. Soms is geloof en vertrouwen voldoende om die actie te beginnen, maar soms wordt het erg moeilijk onszelf te motiveren als er niet vooraf al hoop is. We dreigen dan in een vicieuze cirkel te belanden: we ondernemen niets omdat we geen hoop hebben, en daarom hebben we geen hoop. Dan is het van belang andere wegen te vinden om hoop te ontwikkelen.

Een manier die vaak geprobeerd is, is het ontwerpen van utopieën. Maar daaraan kleven twee bezwaren: ze missen vaak de binding met de huidige realiteit, en verliezen daardoor aan geloofwaardigheid, of ze kunnen doorschieten in absolute systemen (communisme, nationalisme of zelfs nationaal-socialisme), waardoor ze feitelijk ons vertrouwen in de toekomst ondermijnen. Dat werkt dus niet.

Wat wel werkt is het op meer realistische en bescheiden schaal ontwikkelen van blauwdrukken, eerst voor deelterreinen van de samenleving en daarna voor de samenleving als geheel. Dat is gewoon leuk om te doen, een creatief spel waarvoor geen hoop nodig is, alleen je verbeeldingskracht: buiten de kaders denken. Ik heb dat zelf herhaaldelijk gedaan, en daar zelfs een boek over geschreven*), en ik kan uit ervaring zeggen dat mijn stemming daardoor aanzienlijk is verbeterd. Margaret Atwood spreekt in dit verband van ‘Practical Utopias’ en heeft daar zelfs een website voor ontwikkeld: https://www.discostudios.com/learn-live-with-margaret-atwood-course. Daarop staan voorbeelden, die ik zelf nogal ingewikkeld vond, maar het idee is wel duidelijk. Via Google kan je ook een interview met haar lezen in De Groene Amsterdammer van 2 november 2022.

Een andere methode om hoop te ontwikkelen alvorens te handelen is om nog eens contact te maken met je fundamentele waarden. Maar hoe maak je onderscheid tussen waarden en normen, en waar komen de fundamentele waarden vandaan? Daarover de volgende keer.

© Getty Images

*)Voor niets gaat de zon op. Een blauwdruk voor een waardige wereld, 2012

Leven met sterven en verrijzenis.

Here is a test to find wether your mission on earth is finished:
if you’re alive, it isn’t.
(Richard Bach, Illusions, The Adventures of a Reluctant Messiah)

Het leven is op te vatten als een heilige reis.*) Heilig, omdat ik denk dat iedereen een persoonlijke opdracht krijgt. Waar die opdracht vandaan komt? Dat weten we niet precies, maar in elk geval niet uit de materiële wekelijkheid; daarom noem ik deze opdracht heilig. En als die opdracht heilig is, dan is ons leven ook heilig, en op te vatten als een reis inde richting van de vervulling van die opdracht – of die nu helemaal voltooid wordt of niet is daarbij niet van belang. Op de beweging, op de reis komt het aan.

Heeft iedereen die opdracht? Ik denk het wel, maar ik zie in dat als je leeft onder zulke barre omstandigheden dat je leven eigenlijk neer komt op overleven, er niet altijd aandacht voor die opdracht kan zijn, en dan komt er ook van de reis niet veel terecht. Maar daar ga ik u niet verder op in.

Ook als je al weet dat je leven een heilige reis is, is het toch goed er in deze lijdensweek, en tijdens de Ramadan, weer eens naar te kijken. Zo is het interessant om eens naar het begin van de reis te kijken. Wanneer hoorde je de roep om te gaan? En wat hield die roep in? En wanneer stapte je over de drempel om je thuis, je veiligheidsgebied, te verlaten? En wat kwam je onderweg tegen? Wat moest je opgeven, loslaten, laten sterven? Wanneer ging je geestelijk dood (de ‘dark night’). En hoe vond de wederopstanding plaats, of moet die nog plaats vinden? Welke haltes of stations kwam je onderweg tegen? En heb je je eindbestemming al bereikt?

Als we zo naar ons leven kijken dan zien we dat leven sterven is. Voortdurend gaan er stadia voorbij om niet meer terug te komen en gaan er zaken verloren. Maar na ieder afstervingsproces is er een nieuw begin mogelijk. Dat is de aard van het leven: sterven en wedergeboorte, zoals ook verwoord in de mythe van de Phoenix en het Paasverhaal.

Uiteindelijk zal het ook zo gaan met de mensheid. Of we nu kosmisch gezien snel uitsterven door de klimaat catastrofe, of pas na vele eeuwen of tijdperken door een kosmische ramp of anderszins, uiteindelijk zullen we als mensheid ten onder gaan. Zijn dan alle creaties (kunstwerken) en is dan onze kennis- en bewustzijnsontwikkeling helemaal voor niets geweest? Is het leven dan eigenlijk zinloos? Dat is alleen maar zo als je gelooft dat de materiële werkelijkheid alles is er wat er is. Ik geloof echter dat wij geestelijk, niet-lichamelijk, zullen voortbestaan. Dan zal ons bewustzijn dat van de oorsprong benaderen, verrijkt met nieuwe ervaring. Dit lijkt me een opwekkende gedachte voor het aanstaande Pasen – maar eerst zullen we vandaag en de komende twee dagen moeten stilstaan bij de vergankelijkheid van de fysieke werkelijkheid en alles wat dat bij ons oproept.

.

*) Zie ook Joseph Campbell, De held met de duizend gezichten

Eindelijk!

Onbeperkte economische groei heeft de prachtige kwaliteit om onvrede te sussen en ondertussen voorrechten te behouden, een feit dat niet onopgemerkt is gebleven onder liberale economen.
(Noam Chomsky)

In 2012 stelde ik de vraag aan de orde of groene economische groei wel mogelijk was, en in 2015 kwam ik tot de conclusie dat dit niet het geval was. Dat was niet zo moeilijk om vast te stellen – je hoefde er alleen maar goed de kranten en tijdschriften voor door te lezen of het nieuws te volgen, en dan vervolgens je gezond verstand te gebruiken. Niettemin bleef de mythe dat economische groene groei wel mogelijk is tot op de huidige dag bestaan – met name bij de meerderheid van de economen. Deze mythe vormde ook jarenlang de grondslag van de programma’s van de meer progressieve politieke partijen; in ons land met name GroenLinks.

In dat beeld kwam in 2014 een barstje door het boek van Ha-joon Chang (Economie, een gebruiksaanwijzing), waarin hij stelde dat de huidige economische wetenschap eigenlijk helemaal geen wetenschap is, maar een verzameling modellen gebaseerd op persoonlijke voorkeuren en waarden. Die geven geen oplossingen voor het volstrekte falen van het huidige economische stelsel met name op het gebied van rechtvaardigheid en duurzaamheid. Maar Chang geeft ook geen duidelijk beeld van hoe het dan wel moet.

Een echte aanzet voor een nieuw economisch stelsel komt van de hand van Jason Hickel (Minder is meer, 2020) die er voor pleit dat we de productie en diensten van alles wat niet noodzakelijk is afschalen. E.F Schumacher had daar in 1975 met zijn boek Small Is Beautiful: A Study of Economics As If People Mattered al een voorzet voor gegeven, maar Hickel gaat veel verder en is veel radicaler. Martin Wolf, die om voor mij onduidelijke redenen heel kritisch is op Hickel, komt in zijn boek The crisis of Democratic Capitalism (2023) tot een analoge conclusie, al zegt hij bij mijn weten niet expliciet dat groene groei per se onmogelijk is. Dat kan hij ook bijna niet maken, want hij komt uit de neo-liberale school van Friedrich Hayek (The road ot serfdom, 1944), maar het vloeit wel als consequentie uit zijn visie voort.

Eindelijk, eindelijk beginnen de eerste economen de werkelijkheid dus onder ogen te zien. Nu de politici nog, en daarna de burgers. Het is de verdienste van GroenLinks, dat ze recentelijk in de 2e kamer Jason Hickel hebben uitgenodigd voor een presentatie en een debat (zoals destijds Thomas Pikety). Het vergt moed om onder ogen te zien dat je het misschien al die jaren bij het verkeerde eind hebt gehad.

Hickel en Wolf ontwerpen nog niet een volledig nieuw economisch systeem, maar het is een begin. Ook geven ze niet aan hoe hun voorstellen draagvlak kunnen krijgen – dat zal nog niet meevallen zoals de recente verkiezingen leren. Het lijkt me dat we moeten beginnen met een burgerforum dat zich over deze problemen buigt. En wij, de geïnformeerde burgers, kunnen ons intussen in deze vraagstukken verdiepen en nadenken over oplossingsrichtingen. Zo dragen we indirect bij aan een langzame verandering in het collectieve gedachtengoed.

Pat. Wat nu?

Als je handelt vanuit Woe Wei doe je ronde dekseltjes op ronde doosjes en vierkante dekseltjes op vierkante doosjes.
(Uit: De ‘Tao van Poeh’ van Benjamin Hoff)

Ik denk dat het voor iedereen die met open blik naar de uitslag van de verkiezingen kijkt wel duidelijk is dat we een periode van verdere stagnatie tegemoet gaan. Stagnatie op het gebied van de stikstofproblematiek en het klimaatbeleid in het bijzonder. En we kunnen daar als individuele burgers op dit moment weinig invloed op uitoefenen. Ik ben nooit van mening geweest dat bewustzijnsontwikkeling op individueel niveau op zichzelf een oplossing biedt voor onze maatschappelijke problemen. Daarvoor is ook collectieve structurele, actie nodig. Maar je kunt die stelling niet omkeren. Werkelijke collectieve actie zal immers nooit plaats vinden als er niet een zekere bewustzijnsontwikkeling plaats heeft gevonden. Dat hebben de verkiezingen nu weer aangetoond.

Wat we in elk geval niet moeten doen is in paniek raken, en uit onmacht allerlei acties gaan bedenken en uitvoeren. Dat heeft in deze situatie weinig zin. Beter is het om ons in deze situatie te laten leiden door Woe Wei (Tao, de weg, handelt niet, maar niets blijft ongedaan) en TzoeJan (Zelf Zo). Dat wil zeggen, dat de dingen vanzelf gebeuren, spontaan. Maar om dat ‘vanzelf’ te gaan ‘doen’ zullen we goed in contact met onszelf, met name met onze ziel, moeten zijn. (Over de ziel en over hoe we het contact daarmee kunnen kwijt raken en weer herstellen heb ik uitvoerig geschreven in mijn blogs van 11 november en 14 december 2021 en 13-27 januari 2022).

Een tweede ding wat ik kan aanraden in deze barre tijden is ons contact met de onzichtbare werelden aandacht te geven en zonodig te verdiepen. Ook daarover heb ik eerder uitvoerig geschreven (3 oktober 2018 – 19 november 2018). Daar staat voor zover ik kan overzien eigenlijk alles wel wat we nu nodig hebben. Wat ik hier nu nog wil benadrukken is het belang van gebed (zie mijn blog van 18 mei 2017). Een gebed geeft zowel ons persoonlijk steun, als dat er een heilzame invloed van kan uitgaan voor de wereld.

Overijsselse politici en bouwbedrijven willen na de verkiezingen samenwerking uitbreiden

Tot zover voor vandaag, met excuses voor de vele verwijzingen. Maar het zou zomaar kunnen dat het de moeite loont even de tijd te nemen om die oude blogs terug te lezen, zodat u daar vertrouwen en veerkracht aan ontleent en dat u daardoor in de wereld een verschil gaat maken. Het herlezen van die blogs werkte in elk geval zo voor mezelf. Ik vergeet namelijk nog wel eens wat ik eerder – al dan niet intuïtief – geschreven heb.

Je stem telt.

Je neemt 100% verantwoordelijkheid voor je leven. – Dank je
(Inzicht/feedback die je kan ontvangen in het Transformatiespel*)

In mijn vorige blog heb ik de vraag gesteld of we er verantwoordelijk voor zijn (en dus in staat zijn) de klimaatcatastrofe het hoofd te bieden, of dat de uitkomst is voorbeschikt. En als we verantwoordelijk zijn moeten we dan gehoorzaam zijn aan een externe, bovenpersoonlijke, transcendente autoriteit die uiteindelijk zal boordelen of we juist of niet juist hebben gehandeld; of zijn we wezenlijk vrij in onze beslissingen?

Degenen die me kennen en me al een tijdje hebben gevolgd weten wel dat ik er voor kies de laatste optie te geloven. Maar als dat zo zou zijn, dan verbaast het me hoe weinig mensen de daaruit de konsekwentie trekken. Dat geldt ook voor mezelf; ik heb daarover in mijn blog van 16 februari gesproken. Het is nu wel algemeen bekend dat we door de klimaatcatastrofe als mensheid groot gevaar lopen – ik noemde dat eerder een catastrofe in slow motion – maar we trekken daaruit voor ons gedrag geen of weinig consequenties. In meerderheid blijven we vliegen, vlees eten, consumeren (kleren!) enzovoort aslof er niets aan de hand is.

Het is natuurlijk moeilijk om uit onze comfort zone te komen, en wat van de luxe waarin we leven op te geven. Dat geldt ook voor mezelf. Het laaghangend fruit – geen vlees meer eten, niet meer vliegen, korter douchen, de verwarming wat lager, geen nieuwe kleren meer kopen behalve het meest noodzakelijke ondergoed, enz. – heb ik intussen geoogst. Ik acht dat geen verdienste, want ik doe het gewoon omdat ik me er beter bij voel. Daarmee is mijn voetafdruk verlaagd tot 4,25 ha, maar dat is nog heel ver verwijderd van de 1,7 ha waar ik recht op heb. Maar om in die richting te komen zou ik werkelijke offers moeten brengen: vakantie opgeven, auto wegdoen, niet meer douchen, binnentemperatuur veel verder verlagen, niet meer uitgaan, enz.,enz. Kortom, vrijwel alles opgeven wat mijn leven aangenaam maakt, al zou ik natuurlijk nog kunnen genieten van alles wat gratis is: wandelen bijvoorbeeld. Als ik alles wat ik enigszins zou kunnen missen zou opgeven maar in mijn huidige huis zou blijven wonen zou mijn voetafdruk toch nog 2,62 ha bedragen. Hoe dit zij, ik ben daartoe voorshands niet bereid. Ik kan daar allerlei (drog)redenen voor aanvoeren , maar die wou ik u maar besparen. Feit is dat ik me net zo gedraag als veruit de meeste mensen.

Aristoteles

Wat moeten we hier nu mee? Wel, ik denk dat het in elk geval nuttig is ons van ons gedrag bewust te blijven en met het ongemak daarvan te leven. Dat hoeft, naar ik uit ervaring weet, een gelukkig leven niet in de weg te staan. Ongemak en levensvreugde kunnen naast elkaar bestaan – sterker: het toelaten van ongemak kan de levensvreugde verdiepen, want we hoeven dan niets meer weg te stoppen. Bovendien zal dit bewustzijn op subtiele wijze ons gedrag gaan beïnvloeden – bij voorbeeld onze stem verheffen en onze stemkeuze bepalen bij de verkiezingen van morgen. En ten slotte, laten we ons de wijsheid van Aristoteles herinneren: Het kan niet anders dan dat de middenweg in het leven het beste is.

.

*) Zie elders op deze website (Spelen voor het leven). Deze feedback is een van de twee diepste inzichten die je in het spel kunt verwerven. Een ander inzicht uit het spel is: Plezier hebben in je leven betekent niet dat je pijn vermijdt.

Timshel

Handel je slecht, dan ligt de zonde op de loer, begerig om jou in haar greep te krijgen, maar jij moet sterker zijn dan deze. (Genesis 4:7)

Disclaimer: Veel wat ik in dit blog aan de orde stel is al eerder neergeschreven (John Steinbeck, East of Eden, en bijvoorbeeld: https://peterdejaegher.com/2016/02/11/timshel/.) Niettemin heb ik er voor gekozen er ook zelf nog eens op in te gaan. Excuses voor de lezers die hier al alles over weten.

De bijbel is nog geen vier bladzijden oud of de mensheid wordt al twee keer opgezadeld met de erfzonde. De eerste keer is de bekende zondeval (Genesis 3); de tweede keer is de val van Kaïn nadat de Heer zijn offer had afgewezen. Tussen beide verhalen is een belangrijk verschil.

Na de eerste zondeval wordt de mensheid zonder meer gestraft. Dat heeft er toe geleid dat de leer van de erfzonde – wij zijn alzo verdorven, dat wij ganselijk onbekwaam zijn tot enig goed en geneigd tot alle kwaad (Heidelbergse catechismus) – in Christelijke kringen wijd verbreid is. Slechts de genade Gods kan ons redden – tenzij dan dat wij door den Geest Gods wedergeboren worden (Heidelbergse catechismus, vervolg).

In het geval van Kaïn ligt dat anders – zie het citaat hierboven, dat de reactie van God is op de woede van Kaïn. Opvallend is dat in alle bijbelversies die ik heb gelezen het woordje moet is gebruikt als vertaling van het Hebreeuwse timshel. Zo vertaald klinkt het als een bevel; vriendelijker geformuleerd, een opdracht. Het kan echter ook vertaald worden als zal, en dan is het meer een voorspelling, iets wat is voorbeschikt. En tenslotte is de meest voor de hand liggende vertaling: kan. Dan wordt de verantwoordelijkheid geheel gelegd bij Kaïn: je hebt een keuze.

We zien dat achter deze vertalingsmogelijkheden drie verschillende levensbeschouwingen schuil gaan. Wat zegt het over de westelijke cultuur dat vanaf de middeleeuwen timshel steeds vertaald is als moet, (Engels: must) terwijl de vertaling kan dichter bij het oorspronkelijke Hebreeuws schijnt te liggen (hierover kan ik niet zelf oordelen – want ik ben geen kenner van het bijbels Hebreeuws. Ik moet dus afgaan op het oordeel van ter zake kundigen).

Wat denkt u, welke visie overheerst in de hedendaagse Westerse cultuur, die in de wereld zo dominant is geworden? Als we deze vraag bijvoorbeeld toepassen op de klimaatcatastrofe: is de uitkomst onvermijdelijk (voorbeschikt), is de uitkomst afhankelijk van of we een bevel of opdracht uitvoeren van een externe instantie die beslist wat juist en niet juist is, of zijn we zelf verantwoordelijk en hebben we een keuze? Volgende week kom ik hierop terug.

Citaat uit John Steinbeck, East of Eden.

NB: In verband met de verkiezingen verschijnt het volgende blog al op dinsdag.

Cui bono?

’Een linkse wolk. . . Dat zou slecht nieuws zijn voor de hardwerkende Nederlander’ (Rutte in zijn rol als woordvoerder van PVV en Ja21)

Wie heeft er baat bij? Dit was een standaard vraag van de Romeinse advocaat Cicero bij de zoektocht naar het motief van een verdachte. Als we die vraag stellen in verband met ons huidige financieel-economisch stelsel, dan is het antwoord overduidelijk: de welgestelden. Niet alleen de minder bedeelden, de middenklasse en de in armoede levenden hebben er geen voordeel van; ook de aarde aarde als geheel, de biodiversiteit en de toekomstige generaties hebben er duidelijk geen baat bij.

Maar welk stelsel willen we dan wel? Die vraag is minder makkelijk te beantwoorden. Er zijn wel verbeteringen voorgesteld, onder andere door het Sustainable Finance Lab., en ook door economen die veelbelovende economische modellen hebben ontworpen (zie vorige blog), maar al deze voorstellen tasten de essentie van het huidige systeem niet aan en blijken bovendien in de praktijk lastig uitvoerbaar. Al zou het wel mooi zijn als we alleen maar het financiële systeem weer aan soortgelijke regels zouden binden zoals die golden voor 1970, en die sindsdien vrijwel allemaal zijn afgeschaft. Daar zouden we op zijn minst enige tijd mee winnen.

Maar één keer eerder in de moderne geschiedenis van ons land is er met politieke wil en door overheidsingrijpen een alomvattende wijziging in onze economie doorgevoerd. Die was gebaseerd op het Plan van de Arbeid*) dat reeds voor WO II was ontwikkeld, maar er was een catastrofe als de oorlog voor nodig om er, zoals we dat tegenwoordig noemen, voldoende draagvlak voor te verkrijgen. Zo’n catastrofe beleven we nu ook, maar in slow motion: de oorlog, de klimaatcrisis en de biodiversiteit crisis bedreigen ons minstens zozeer in ons bestaan als de wereldoorlog dat deed. Maar we voelen dat nog niet voldoende dus de ondersteuning voor een nieuw plan komt misschien pas als het (bijna) te laat is.

Niettemin hebben NU dringend een nieuw Plan voor de Arbeid nodig. Belangrijk is dat dit gebaseerd is op het echte algemeen belang, dat van ons en van Gaia als geheel, want anders zal er nooit voldoende draagvlak voor zijn. Maar wie moeten dat opstellen, en aan ons allen voorleggen? Het is wel duidelijk dat we dit niet van de huidige regering kunnen verwachten – wat dat betreft is het wel goed dat Rutte zijn masker heeft afgelegd (zou hij weten wat er met het woord solidariteit, of broederschap/zusterschap wordt bedoeld? Zo ja, dan is zijn uitspraak nog onthullender). De WRR, het PBL of de SER zouden het misschien kunnen doen, maar ik denk dat het beter is deze opdracht voor te leggen aan een burgerforum.

Een eerste aanzet schijnt geleverd te worden door Michiel Zonneveld in zijn op 25 april te verschijnen boek. Ik ben benieuwd, en zal er t.z.t. als ik zijn boek gelezen heb op terug komen. Een belangrijke vraag die daarbij aan de orde moet komen: zijn we nog wel in staat om onszelf aan te passen aan een radicale ‘shapeshift‘ van onze omgeving, i.c. onze financiële context? Over die vraag laat ik u alvast eens nadenken.

*) https://www.planvandearbeid.nl/essay/