Oudejaarsdag/avond is een moment van terugkijken op het afgelopen jaar: wat was fijn, wat was frustrerend, wat wil ik laten gaan, en wat wil ik het volgend jaar anders doen. Maar dit jaar verviel ik eigenlijk meer in een terugkijken op mijn 80-jarige leven tot dusverre. En wat ik zag beviel me. Ik heb een prachtig leven gehad, met heel mooie belevenissen. Natuurlijk waren er wel moeilijke tijden en momenten, maar over het geheel genomen ben ik toch wel heel tevreden. Zelfs de pijnlijke en moeilijke ervaringen hadden hun functie. Niet alles wat ik wilde bereiken is me gelukt, en daar heb ik wel een tijdje moeite mee gehad, maar dat heb ik intussen wel een plaats gegeven. Er is eigenlijk maar één ding dat me tot op de dag van vandaag frustreert. En dat is dat het boek De Aarde heeft koorts (2008) over de klimaatproblematiek, dat ik samen met Jan Paul van Soest en Judy McAllister heb geschreven, zo slecht is verkocht.
Ik heb het boek deze dragen weer eens ter hand genomen. Men zegt wel eens dat ‘eigen roem stinkt’, maar ik wil toch wel kwijt dat ik dat boek nog steeds een prachtig boek vindt. Het boek was geboren uit de nood die we alle drie voelden omdat wij zagen dat de opwarming van de aarde volledig uit de hand dreigde te lopen met alle desastreuze gevolgen van dien. Wij hadden de aarde en haar bewoners te lief omdat zomaar te laten gebeuren. Wij vulden elkaar als auteurs heel mooi aan. Jan Paul zorgde voor de feitenkennis (wetenschap), Judy voor de spirituele dimensie en ik zelf gaf mijn bijdrage als psycholoog/andragoloog. We hebben in dat boek vele bijdragen opgenomen van deskundigen op diverse terreinen, nationaal en internationaal, bekend en minder bekend. En we gaven na de analyse van het probleem ook een scala van dingen die we zouden kunnen doen om deze tragedie alsnog af te wenden.
Er zijn van dat boek slechts enkele honderden exemplaren verkocht. In het Engelse taalgebied liep de vertaling nauwelijks beter. Misschien waren we onze tijd te ver vooruit, wie zal het zeggen. Het probleem had niet de aandacht die nodig was – niet bij beleidsmakers en ook niet bij de bevolking als geheel – daarom hadden we het boek juist geschreven. En eigenlijk is dat nog steeds zo. Weliswaar is nu iedereen zich wel van dit probleem bewust, maar nog steeds laten zeer velen niet tot zich doordringen hoe erg de consequenties kunnen zijn. Ware dat wel zo, dan was er wel meer gevoel van urgentie en meer baanbrekend beleid. Het klimaat akkoord van Parijs laat het voorlopig voornamelijk bij mooie woorden. (Hoewel. . . de actie van Frans Timmermans en de Europese Unie is een bescheiden eerste stap. Voorshands alleen nog maar een plan en een budget, maar wie weet. . . ).
Gelukkig zien we onder jongeren nu ook een tegenbeweging opkomen. Daarbij denk ik aan mensen als Greta Thunberg, en te onzent Lena Hartog (https://www.collaction.org). Zij willen het puin ruimen dat mijn en de na mij komende generaties hebben laten liggen. Voor mij een signaal dat ik mijn frustratie nu maar eens moet loslaten. Dan kan ik schoon het nieuwe jaar in. U wens ik eveneens een nieuw begin toe.




vraag is niet óf Nederland onder water verdwijnt, maar wannéér. Een jaar geleden hield het KNMI nog rekening met 1,20 meter zeespiegelstijging aan het eind van deze eeuw; nu wordt een stijging van 2 meter niet uitgesloten. Niet heel waarschijnlijk, maar niet onmogelijk. En uiteindelijk zal het gaan naar een
zeespiegelstijging van 15 meter, maar waneer, dat weten we niet (zoals L. Meijer, onze vertegenwoordiger bij het IPCC, al zei in 2017). Citaat van Peter Kuipers: ‘Het jaar 2100, 2400 of 4000 als houdbaarheidsdatum voor Nederland. Hier stelt de natuurwetenschap een interessante, filosofische vraag aan de politiek. Voor wie moet je nog klimaatbeleid maken? Voor wie de dijken ophogen? Voor de komende drie generaties? Voor de komende tien? Hoe lang moet de arm van je beleid zijn?’
Des te interessanter is de reactie van onze premier op het coalitieakkoord in Amsterdam. Daar staan o.a. enkele begrijpelijke en concrete doelen in: betaalbaar wonen, goed openbaar vervoer, grondige aanpak van de luchtverontreiniging, aanpak van het massatoerisme. Het akkoord is ook helder over de maatregelen waarmee men dat denkt te bereiken. Onze premier liet echter weten bijzonder ongelukkig te zijn met het akkoord. De stad was ‘verloren gegaan aan ‘links’. Een onthullende terminologie. De premier liet zich kennen als een diehard aanhanger van het neo-liberalinsme, dat ons in zulke ernstige problemen heeft gebracht.
Wat dat betreft vond ik de afgelopen campagne voor de gemeenteraadsverkiezingen onthullend. Deze campagne werd gedomineerd door mannen, zowel lokaal als landelijk. Ik heb natuurlijk lang niet alles gezien, maar het geneuzel en gereutel, de scheldpartijen en de verdachtmakingen waren meestentijds niet om aan te zien en te horen. Van wat ik gezien heb vielen me eigenlijk maar vijf politici in gunstige zin op: Lilian Marijnisse, Barbara Kathmann (PvdA, Rotterdam), Kees van der Staaij, Jesse Klaver en Vincent Karremans (VVD Rotterdam). Zij waren volgens mij de enigen die persoonlijke betrokkenheid paarden aan fatsoen en helderheid van argumenten met een hoog waarheidsgehalte. (Ik kan natuurlijk enkelen over het hoofd hebben gezien). Toch nog drie mannen – dus we hoeven niet te wanhopen.
In de verre toekomst is het misschien mogelijk om min of meer klimaatneutraal te vliegen, maar op middellange termijn zijn die technische mogelijkheden er niet. In de woorden van Paul Peters, lector duurzaam transport en toerisme aan de NHTV in Breda: ‘Ik heb allerlei scenario’s doorgerekend, maar er is geen enkel scenario denkbaar waarin we de opwarming tot twee graden kunnen beperken zonder het vliegverkeer te beteugelen. Het past gewoon niet.’ **) Dat lukt overigens ook op andere gronden niet, maar dat terzijde.
Intercontinentaal zouden we alleen moeten vliegen in het geval van ernstige familieomstandigheden. We kunnen echt niet meer voor ons plezier naar Afrika, Amerika, Azië en China reizen – heel jammer. Conferenties en zakelijke contacten moeten plaats vinden via videoverbindingen. Zelf had ik nog eens de droom om naar IJsland te gaan, maar dat zal ik moeten opgeven en uit mijn ‘bucket-list’ moeten schrappen. (Tussen haakjes: compenseren door bomen planten is een doekje voor het bloeden – maar dat stelpt het bloeden niet!). Als enkelen van ons stoppen met vliegen heeft dat in directe zin weinig effect, maar er gaat zeker een voorbeeldwerking van uit (Je ziet dat nu al met vleesgebruik). Op de wat langere duur zal dat resultaat afwerpen.
Wie echt wil weten hoe het er met de wereld voorstaat leze The Uninhabitable Earth van David Wallace-Wells uit New York Magazine. **) Als u dat doet moet u wel doorlezen tot het eind, anders eindigt u in een depressie. De laatste alinea biedt nog enige hoop.
Wat is beter – deze ontmoedigende waarheden onder ogen zien, of, zoals onze leiders en hun medewerkers doen, leven in een illusionaire wereld? Per slot van rekening komt de zondvloed pas na ons.