Tag archieven: politiek

De zegeningen van onze regering.

Mensen die mij kennen weten dat ik niet zo gecharmeerd ben van onze regering. Ik deel die mening met alle Nederlanders op 20 personen na. Die zijn misschien wat minder negatief dan de rest, want zij zijn de regering.

Maar vandaag wi ik het eens voor onze regering opnemen. Hier volgen mijn argumenten:

1. Zij zijn niet corrupt, althans (veel) minder dan de regeringen in andere landen, op een paar landen in Noord-West Europa na.

2. Zij doen niet aan cliëntelisme, althans veel minder dan de regeringen in de meeste andere landen.

3. Zij kiezen niet eenzijdig partij voor een deel van de bevolking, althans veel minder dan de regeringen in bijna alle andere landen.

4. Zij hebben hun nek uitgestoken om een vrijwel onmogelijke taak te vervullen: een herstructurering in de economie, en tegelijkertijd het begrotingstekort omlaag brengen. Die taak is vrijwel onmogelijk, omdat wisselende meerderheden in dit land tegen ELK voorstel zijn dat een wezenlijke verbetering inhoudt. Dat geldt zowel voor maatschappelijke organisaties als in het parlement. Deze meerderheden hebben bovendien geen werkbaar tegenvoorstel, want daarover zijn ze onderling weer zeer verdeeld.

5. Zij zijn bereid weerstanden in hun eigen partijen te trotseren.

6.  Zij voeren een gematigd buitenlands beleid.

7. Zij varen slechts beperkt mee op de golven van het populisme, en zijn niet racistisch.

8. De meeste leden van deze regering gaat het niet uitsluitend om macht, maar ook om een missie. Vele ministers en staatssecretarissen hadden een veelvoud van hun huidige salaris kunnen verdienen in het bedrijfsleven. Het merendeel van deze regering bestaat uit fatsoenlijke mensen, die soms nog aardig zijn ook. De ego’s van een aantal ministers en staatssecretarissen zijn bij lange na niet zo groot als die van veel van hun tegenstanders.

9. Het kabinet telt 8 vrouwen (40 %) onder wie 5 ministers (ook bijna 40 %).

10. Zij worden ten onrechte aangesproken op de puinhopen van het tweede kabinet Kok en de daarop volgende vier kabinetten Balkenende, met name op het gebied van de hypotheekrenteaftrek en de pensioenen; de primaire oorzaken van de achterblijvende economische groei in Nederland (wat op zichzelf trouwens een zegen is, maar daarover  een andere keer).

Kortom, ik vind dat we ons gelukkig mogen prijzen met een dergelijke regering. Natuurlijk heb ik ook wezenlijke kritiekpunten (waarover ook een andere keer), maar het had zoveel erger kunnen zijn. We krijgen, zoals elk land, natuurlijk ook de regering die we verdienen Ik tel mijn zegeningen, en daar hoort bij dat ik woon in een land dat ordelijk bestuurd wordt. We onderschatten wel eens hoe bijzonder dat is en hoeveel plezier we daarvan hebben. Als we onze kritiek op de regering eens zouden funderen op een basis van waardering en respect, dan zou dat zeer kunnen bijdragen tot goede verhoudingen in de samenleving. We zijn natuurlijk fantastische stuurlui aan de wal, maar zolang we niet in staat zijn op de wal te varen past ons bescheidenheid. Hear, hear, gesproken door iemand die daar nou niet bepaald in uitblinkt! Ik zou trouwens ook niet weten hoe je in bescheidenheid kan uitblinken – het lijkt me een contradictie in terminis (zoals door Dickens is aangetoond middels zijn onsterfelijke figuur Uriah Heep in David Copperfield).

 

 

GroenLinks onder vuur.

“Wat er mis is gegaan met GroenLinks is dat na de fusie van de CPN, de PSP, de PPR en de EVP er belangrijke elementen van de organisatiestructuur van de CPN zijn overgenomen. GroenLinks is sinds haar oprichting in 1990 bestuurd volgens het democratisch centralisme. Toen te veel prominente partijleden dat niet meer accepteerden in mei 2012 is het misgegaan.” Deze stelling werd gisteravond geponeerd in het Historisch Café door Aafke Beukema toe Water, al tien jaar lid van GroenLinks. Van deze stelling werd gehakt gemaakt door Erik van Ree, die een levenslange studie heeft gemaakt van de communistische partijen, zowel in landen waar ze aan de macht waren als in landen waar dat niet het geval was. Kenmerkend voor communistische partijen is de volstrekte interne dictatuur (tot spreekverboden en verboden tot samenspraak buiten de door de partij gezette kaders om). Daarvan is in GL geen sprake. Maar wat is dan wel de oorzaak van de neergang van GL? (Let wel: in de peilingen en de verkiezingen: binnen de partij zie ik nog niet zoveel neergang).

Er is al veel geschreven en over gedacht, maar ik zelf houd het op vier redenen, drie incidentele en een meer structurele. De drie incidentele zijn: het actief meebeslissen en meedoen met de Kunduzmissie, de demarche van Tofik Dibi en het onhandige manouvreren van de partijvoorzitster daarna en , toen de peilingen eenmaal terugliepen, de veel geringere zendtijd die GroenLinks (en de andere ‘kleine’ partijen) kregen dan de wat grotere partijen. Over elk van die drie redenen een enkel woord:

Wat de Kunduzmissie betreft: iedereen die zich een beetje had verdiept in de situatie ter plekke en zijn hersens gebruikte kon zien dat dat een ‘mission impossible’ was, zeker met de beperkende condities die eerst GroenLinks en daarna het kabinet daaraan stelde.

Dan het onhandige manouvreren vande partijvoorzitster: Zij wilde eerst de reglementen handhaven en ging achter de kandidatencommissie staan , en deed daarna precies het omgekeerde. Dat maakt natuurlijk niet zo’n goede indruk. Het hielp natuurlijk ook niet dat iedereen zich er  toen ‘en public’ mee ging bemoeien (met name de populaire Ineke van Gent – die er meningsverschillen in de fractie bijhaalde).

En wat de geringere zendtijd voor de kleinere partijen betreft: blijkbaar brengen de media voor ons al een soort kiesdrempel aan. Interessante manier van invloed uitoefenen.

Deze drie redenen deden het imago van GL geen goed, maar de de vierde  structurele reden heeft zeker ook meegespeeld. Men kan zich afvragen waarom de groene partijn in Europea, met name in Duistland, zoveel succesrijker zijn dan GroenLinks. Daar kan men op zich een hele discssie over voeren, maar ik denk dat meespeelt, dat de andere groene partijen formeel een groene politiek niet verbinden met een linkse politiek. GroenLinks doet dat wel, en met reden (het is een zeer doordachte stellingname), maar daarmee stoor je kiezers af die in het centrum staan maar wel ‘groen’ denken. Die gaan nu naar D66. Femke Halsema heeft daar wat aan trachten te doen door een meer liberale visie te ontvouwen, maar juist de laatste tijd bewoog GL weer meer in linkse richting.

Tja, de boodschap van GL wordt op die manier wel een heel onaangename: het gaat ecologisch niet goed met de wereld, en we  zullen daarvoor moeten inleveren. Met die boodschap valt de strijd om de kiezer nauwelijks te winnen. Nog niet in elk geval. Maar, als de grimmige toekomst naderbij komt, wie weet. . . Dan moet GL natuurlijk wel eerst overleven. We zullen zien.

Einde aan de economische groei.

‘Opnieuw ontbrak  in de regeringsverklaring een visie voor de lange termijn’ kopte Trouw vanmorgen boven het hoofdartikel. Dat is maar half waar, want de regering streeft wel degelijk naar een weer groeiende economie. Maar inderdaad, verder staat er niets. En dat kan ook niet, want we weten niet meer hoe het verder moet. De politici niet, de deskundigen niet, en wij burgers ook niet.

Een ding is wel zeker: groei kan niet meer (zie een van mijn vorige blogs). We doen nog steeds alsof we in een tijdelijke inzinking zitten, maar in feite is de groei nu al tot stilstand gekomen. Daarom al die bezuinigingen, want we zitten nog wel met de schulden vanuit het verleden, die niet bepaald een garantie bieden voor de toekomst. Het zal allemaal nog veel erger worden. Dat is niet mijn persoonlijk doemdenken – het wordt onderschreven door vele deskundigen. Om er een te noemen: Paul Schnabel, de directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau in Trouw van 12 november.

Als je ziet wat de eerste reacties zijn op het eerste en tweede regeerakkoord, dan kan je dat niet anders omschrijven als gehuil en gejammer in de polder. But we haven’t seen nothing yet. De belangrijkste vraag wordt dus: hoe maken we de overgang naar een duurzame en rechtvaardige economie zonder de opstand der horden? Hoe redden we wat er te redden valt op ecologisch gebied, en streven we ernaar dat de meer dan 1 miljard mensen die moeten leven van 1 dollar per dag (of minder) een fatsoenlijk bestaan kunnen opbouwen? (of kan ons dat niet schelen?) Hoe vermijden we de oorlog van allen tegen allen (Hobbes)? De tijd dat dit alles nog bereikt kon worden met relatief eenvoudige middelen hebben we intussen achter ons gelaten.

Drie ‘oplossingen’ worden aangedragen voor een economie zonder groei in de ontwikkelde landen door Tim Jackson in zijn uitstekende boek ‘Welvaart zonder groei’: alleen investeren in goederen en diensten die milieuwinst opleveren, een nieuwe arbeidsverdeling (deeltijd), en de buikriem aanhalen. Afgezien van het feit dat dit mijns inziens niet voldoende is rijst de vraag: maar hoe ontwikkelen we de bereidheid onder de bevolkingen van de rijke landen om daaraan mee te werken? Want zonder die bereidheid zal het waarachtig niet gaan.

Je kunt niet van een nieuwe regering verwachten dat ze daar een-twee-drie een oplossing voor vinden. Zelfs van politieke partijen mag je dat niet verwachten. Maar wat je wel mag verwachten is dat ze het probleem adresseren, in plaats  van de oude mantra, de mythe van de te herstellen economische groei keer op keer herhalen. En dat ze de vaste bereidheid uitspreken om naar nieuwe wegen te zoeken om dit probleem aan te pakken. Van rea’c’tie naar ‘c’reatie: it all depends on how you ‘c’ it.

Ik heb wel een idee over hoe je dit zou moeten aanpakken (evenals een aantal anderen trouwens), en dat heb ik ontvouwd in mijn laatste boek: ‘Voor niets gaat de zon op – een blauwdruk voor een waardige wereld.’ Maar echt hard loopt het nog net met de verkoop van dit  en soortgelijke boeken. Maar wat niet is kan komen. . .

 

 

Verbijsterd. . .

Ik ben verbijsterd over de heftige en ook vaak domme reacties over het regeerakkoord – van De Telegraaf aan de ene kant (maar dat kon  je verwachten) tot Groen Links aan de andere kant. In de eerste plaats wordt de onderhandelaars verweten dat het akkoord vaag is. Merkwaardig  – ik vind het het meest concrete regeringsakkoord dat ik in een decennium gezien heb. Met eindlijk eens echte maatregelen. Maar ja, alles is natuurlijk niet in detail uitgewerkt en doorgerekend. Gelukkig niet – stel dat dat ook nog had gemoeten, dan had het waarschijnlijk een jaar geduurd voordat het klaar was, en was regeren eigenlijk overbodig geworden. De allerdomste opmerking, die zowel van links als van rechts wordt gehoord: waarom is de VVD in godsnaam met de PvdA in zee gegaan, en vice versa. Alsof er een alternatief was, quod non….

En dan. . . omdat het zo concreet is, vindt iedereen wel iets van zijn gading waar hij het niet mee eens is of, sterker nog, waar hij woedend over wordt. Buiten de kamerfracties van VVD en PvdA, en vele ‘gewone’ burgers, is er niemand, maar dan ook vrijwel NIEMAND, die zijn waardering over het akkoord uitspreekt, behalve een enkel redactioneel commentaar de eerste dag. Maar dat slikken de desbetreffende kranten gauw weer in nu de volkswoede losgebroken is. Per slot van rekening, wiens brood men eet, diens woord moet men spreken. . . Over de schandelijke manier waarop bijvoorbeeld Halbe Zijlstra, de pasgekozen fractieleider bij de VVD,  bij Pauw en Witteman werd aangevallen door Paul Jansen van de Telegraaf, daarbij hartelijk gesteund door de presentatoren (hoezo presentatoren, het zijn, zoals gewoonlijk gewoon agressieve, partijdige journalisten vermomd in een presentator jasje. . . waar is de waardige, intelligente, objectieve Witteman van weleer, zoals Sonja Barend dezer dagen weemoedig opmerkte? Moet ouderdom werkelijk noodzakelijkerwijze met geestelijk verval samengaan? Dat mag ik toch niet hopen. . . ). Ik ben geen Zijlstra fan, maar gezegd moet worden dat hij zich uitstekend staande hield, en dat nog wel met een glimlach. De enige die, behalve hij, in die uitzending nog een redelijk woord had was nota bene een voormalige voetbalkeeper, Hans van Breukelen, een wijs en aardig mens.

Waar zou dat nu allemaal door komen? Ik zie drie factoren: politici die moeten scoren (voor hun ego of voor een vermeend partijbelang?), belangengroepen die in deze troebele vijver gaan vissen (de kroon spanden wat dat betreft voor mij Wientjes van het VNO, en Van der Kolk van FNV bondgenoten – maar dat was geen verrassing), en de opruiende werking van bijna alle media, ook Trouw, ook NRC/Handelsblad. Met name de televisie moest veel moeite doen om ontevreden burgers te vinden; dat lukte maar ten dele. Het zou me niets verbazen als de instemming met dit akkoord veel wijder verbreid is onder de ‘gewone’ burger dan het  lawaai aan de oppervlakte doet vermoeden. Nederland als een zee: woeste golven aan de oppervlakte, daaronder kalmte en diepte. . .

Tenslotte: een en ander zou ook wel eens gevoed kunnen zijn door een onderhuidse angst om te verliezen wat we hebben: onze banen, onze overvloed, onze veiligheid. En die angst is terecht en reëel: we gaan nog veel meer verliezen dan wat er nu op ons afkomt. (Lodewijk Asscher: “Dit is licht geritsel vergeleken met wat er nog op ons afkomt”) Maar die angst is slechts te pareren met een visie, een inspirerend toekomst perspectief. Dat is overigens wat ik in het regeerakkoord wel mis, maar een wijds perspectief is niet binnen een paar weken te verwachten daar het ontbreekt in de onderliggende partijprogramma’s. Hoewel: bruggen bouwen vind ik gen slecht motto! Over mijn meer wezenlijke kritiek, niet zozeer op het regeerakkoord, maar op de onderliggende visie, of liever het gebrek daaraan, kom ik nog te spreken in een volgend blog.