Maandelijks archief: december 2018

Verdriet als de weg naar liefde.

Twee weken geleden beschreef ik de drie maatschappelijke scenario’s die in alle industriële samenlevingen van deze tijd tegelijkertijd naast elkaar bestaan, en ook in ieder van ons leven. Een onderdeel van het derde scenario, The Great Turning, is een verschuiving in ons bewustzijn. Een van de manieren om die verschuiving te bevorderen is om, in de woorden van Joanna Macy, vrienden te worden met ons verdriet. Ik citeer haar (vertaald): We hebben enorme verliezen geleden: plaatsen waar we van hebben gehouden en verloren; dromen die we hebben gekoesterd en opgegeven, rollen die we hebben gespeeld en waar we geen plaats meer voor kunnen vinden, vaardigheden die we niet langer kunnen gebruiken, geliefde landschappen geplunderd. Centraal in het werk dat ons verbindt met de wereld staat de kans om het verdriet daarover te eren, inclusief de angst en de verontwaardiging – onze pijn voor de wereld. Door het tegen elkaar te zeggen, het op de een of andere manier tot uitdrukking te brengen, wordt de verlammende gevoelloosheid die inherent is aan het normaliseren van de Industrial Growth Society tegengegaan. . . . Verdriet is de andere kant van liefde. Als we ons verdriet niet volledig voelen, zijn we niet in staat om de volle maat van onze liefde te ervaren. En ons door de liefde te laten leiden, zou ik daaraan willen toevoegen.

Tot zo ver Joanna Macy. Verdriet als de weg naar liefde. Dat is wat ik mijn eigen leven heb ervaren. Ik vind dat een mooie gedachte bij de komende jaarwisseling. Het afgelopen jaar was in een aantal opzichten heel teleurstellend: geen majeure stappen op klimaatgebied, de Brexit, de verdere afbraak van samenwerking in de wereld door president Trump, enfin, u weet het zelf wel. Dat alles doet pijn. Maar laten we die pijn niet wegdrukken, dan kunnen het nieuwe jaar ingaan met onze versterkte liefde. Dat wens ik mezelf en alle lezers toe.

Er waren trouwens ook enkele opmerkelijk lichtpunten – misschien is het u ontgaan.  In Hongarije heeft de leider van extreem rechts, Márton Gyöngyösy, eerdere antiracistische en antisemitische uitspraken herroepen, neemt ook een gematigder standpunt tegenover de Islam, en vindt bovendien dat echte vluchtelingen in Hongarije moeten worden toegelaten. Daarmee heeft hij samenwerking met de linkse oppositie tegenover premier Orbán mogelijk gemaakt. En hier in Nederland: het Urgenda-vonnis is in hoger beroep bekrachtigd en de klimaatwet is aangenomen. Amsterdam heeft nu een vrouwelijke burgemeester die komt uit een groene traditie. Het inzicht dat het zo niet verder kan met de wereld, zowel in sociaal als in economisch en ecologisch opzicht, begint veld te winnen. Nog niet in onze regering en in het bedrijfsleven, maar vroeg of (te) laat zullen die voor deze opkomende bewustzijnsgolf moeten buigen.

Dus wie weet zal 2019 enkele opmerkelijke veranderingen laten zien. Hoe dit zij, ik wens u persoonlijk een gezegend nieuwjaar, met veel vreugde, verdriet en liefde.

Natuurlijk niet. Hopelijk wel.

Iemand vroeg aan Niek Schuman (emeritus hoogleraar theologie): “Komt het goed met deze wereld?”. Zijn antwoord: “Natuurlijk niet! Hopelijk wel.” De Dominicuskerk in Amsterdam nam dit antwoord als thema voor de advent tijd.

Kerstmis is voor veel niet Christenen nog altijd het feest van de terugkeer van het licht. Maar voor mij is het meer het feest van de hoop. Ik zie het kerstverhaal als een metafoor voor de mogelijkheid, niet de zekerheid, dat het goed zal komen met de wereld. Het licht schijnt in de duisternis, en hoe ver weg het licht in het donker ook lijkt, het kan door de duisternis nooit overwonnen worden. Met het versieren van de straten, pleinen en kerstbomen met lichtjes, en het aansteken van kaarsen brengen we ons die bemoedigende gedachte weer in herinnering.

Maar al is het door het licht dat ver weg schijnt in de duisternis nooit pikkedonker, intussen zitten we toch maar mooi in de donkere nacht. Die nacht staat dan wat mij betreft voor de nood waarin we als mensheid, en samen met ons de dieren en planten, verkeren.  Ons dat te realiseren is voor mij eveneens een boodschap van kerstmis. De nacht is donker, maar ook stil.

Als ik me bij het kerstverhaal de kerstnacht buiten voorstel, met name daar waar de herders in het veld lagen, dan stel ik me voor dat het stil is. Het is immers vrede op aarde, en zelfs de dieren hebben voor één nacht vrede gesloten. De roofdieren belagen hun prooidieren niet, en er wordt geen geluid gehoord. Zo heb ik eens een kerstnacht doorgebracht in de duinen op Schiermonnikoog, waar het inderdaad doodstil was. En in mijn meditatie stelde ik me voor dat diezelfde stilte overal ter wereld heerste, ook al wist ik natuurlijk wel dat dit niet zo was. Inderdaad: Vrede op aarde. 

Zo is Kerstmis voor mij ook het feest van de stilte, waarin de hoop en de vrede geboren kunnen worden. Zo komen dan verdriet om wat is, en vreugde om wat ook is en kan zijn, bij elkaar. En dan heffen we het glas, en dan delen we het brood, in dankbaarheid om wat de aarde ons nog steeds geeft. Vrolijk Kerstfeest!

De verhalen van deze tijd.

Soms zegt een leraar iets dat je eigenlijk al wel weet, maar zet het zo mooi op een rijtje dat het toch overkomt als een nieuw inzicht.  Dit overkwam me dezer dagen in een sessie met Joanna Macy (de bedenker van de Council of Alle Beings) vanuit Findhorn. Zij stelde dat in onze samenleving drie verhalen de boventoon voeren. Verhalen die werken als een lens waardoor we de realiteit zien en beoordelen. Die drie verhalen zijn:

  1. Business as Usual
  2. Het grote uiteenvallen (the Great Unraveling)
  3. De grote omkeer (the Great Turning)

Het eerste verhaal spreek voor zichzelf. Het tweede verhaal  beschrijft de vernietiging van de wereld zoals wij die kennen, door de ineenstorting van ecosystemen, klimaatrampen, atoombommen, enfin, u kent het wel. Het derde verhaal is het scenario van de hoop, soms tegen beter weten in. Het schetst een wereld waarin we de problemen van het tweede verhaal overwinnen, en we een sprong maken naar een hoger niveau van bewustzijn, hetgeen resulteert in een meer harmonieuze wereld.

Deze denkscenarios bestaan tegelijkertijd in vrijwel elke samenleving op deze planeet. Wat Joanna wel zijdelings noemt maar niet benadrukt, is dat deze scenarios ook stevig zijn verankerd in elk van ons persoonlijk, ook al verdringen we sommige van die scenario’s. In mijn eigen leven bijvoorbeeld wordt een groot deel van mijn denken en leven nog steeds in beslag genomen door ‘business as usual’, hoewel ik me van die andere scenario’s best bewust ben. 

Het punt dat ik in dit blog wil maken is dat we er goed aan doen ons bewust te zijn en blijven van de rol die elk van deze scenario’s speelt in ons denken en handelen. Zouden we ons beperken tot ‘business as usual’, zoals veel voorkomt in de politiek en het bedrijfsleven (al wordt soms lippendienst bewezen aan een van de andere scenario’s *), dan verandert er niets en koersen we zeker af op een of meer rampen. Als we onevenredig veel nadruk geven aan scenario 2, dan verliezen we de moed, en worden we apathisch, angstig of machteloos woedend. Aandacht geven aan scenario drie is het lastigst, omdat er nog maar weinig in deze tijd is wat daarop wijst. Maar wat in elk geval niet helpt, is de beide andere verhalen ontkennen, want dan belanden we in een soort ongegronde ‘airy-fairy’ wereld.

In de komende blogs zal ik ingaan op wat we kunnen en moeten doen om scenario 3 meer werkelijkheidsgehalte te geven. Ten dele ben ik daar in de vorige blogs over geloof en hoop al op ingegaan, maar er valt nog meer over te zeggen. Wordt vervolgd. 

*) Voorbeelden hiervan: het idee dat economische groei nog mogelijk is, gecombineerd met een houtsnijdend klimaatbeleid, dat aangehangen wordt door alle politieke partijen met uitzondering van de Partij voor de Dieren. Of het idee dat we toe moeten naar allemaal een elektrische auto, en gasloze huishoudens en dat we dan alle benodigde elektriciteit tijdig duurzaam kunnen opwekken . Quod non. 


Vitaliteit

Geloof, hoop en liefde worden vaak in één adem genoemd, maar er is een essentieel verschil tussen hoop en geloof enerzijds en liefde anderzijds.Hoop en geloof zijn gedachteconstructies, en beïnvloeden in positieve zin je stemming en je gevoelens van welbevinden. Liefde is, zoals ik vorige week al zei, een uiting van de levenskracht zelf.

Deze levenskracht kan zich op vele manieren uiten. Fysieke levenskracht manifesteert zich als behoefte aan eten, drinken, sex, voortplanting, beweging, slaap, en bovenal als de drang tot ademhaling. Geestelijke levenskracht kan zich uiten als: verlangen (naar intimiteit of schoonheid), woede, levensvreugde, creativiteit, angst (met name voor de dood – allerlei andere angsten zijn daarvan als regel afgeleiden), moed, (diep) verdriet en liefde; alsook in allerlei combinaties daarvan.

Persoonlijk geloof ik niet in een doodsdrift als uiting van de levenskracht – zoals die door Freud werd gesteld. Al kan ik me in zekere omstandigheden en aan het eind van je leven een verlangen naar de dood wel voorstellen.

Als sommige uitingen van de levenskracht in jouw leven permanent ontbreken of uiterst zwak zijn, dan leef je niet in balans en tevredenheid. Je leeft dan niet ten volle en je leven heeft dan niet de rijkdom die het zou kunnen hebben. Waarschijnlijk vervul je dan ook niet je levensopdracht. Als het blijft bij het ontbreken van één enkele vorm valt het nog wel te compenseren. Anders leidt het tot gevoelens van ontevredenheid en tekort, en soms zelfs ziekte. Ik denk dat dit bij de lezers van dit blog weinig voorkomt, maar je kan het vaak wel zien in je omgeving. Je kan zulke mensen ondersteunen door hen middels vragen of een milde observatie hiervan bewust te maken. Soms als een antwoord op hun onlust of ontevredenheid. Voorbeeld: “Ik heb jou nog nooit eens kwaad gezien? Ben je echt nooit boos?” Uiteraard kan dit alleen maar als je met de betrokkenen een goede relatie hebt. In dat geval kan het zijn dat jouw vraag of observatie bij de ander iets in beweging brengt. En daarmee draag je zelf weer een steentje bij tot wat de wereld nodig heeft: de levenskracht van ons allemaal.