bewustzijn

Het onbegrijpelijke mysterie.

Wat is de relatie van ons collectieve bewustzijn met de onzichtbare werelden? Met die vraag beëindigde ik mijn vorige blog. Om op die vraag een antwoord te vinden moeten we ons allereerst realiseren dat ons collectieve bewustzijn zelf deel uit maakt van die werelden. Het bewustzijn manifesteert de fysieke werkelijkheid, maar maakt daar zelf geen deel van uit. Onze vraag wordt dan: wat is de relatie tussen ons collectieve bewustzijn en de overige onzichtbare werelden?

In oktober 2018 heb ik in deze blogs uitvoerige geschreven over de niet zichtbare werelden. Volgens mij is het zo dat die werelden gewoon naast ons bewustzijn kunnen bestaan. Maar misschien is er ook overlap, namelijk als het gaat om de schepping van onze fysieke wereld. Ik heb gesteld dat deze fysieke wereld door ons bewustzijn is geschapen, maar het is waarschijnlijk dat daar een centrale scheppende kracht achter zit, of deel van uitmaakt, die in het Christendom gedefinieerd wordt als God, in de Islam als Allah, in het Jodendom als יהוה, in de gnostiek als de demiurg, in het Taoïsme als Tao, in het Hinduisme als Brahma en en in de Vrijmetselarij als Opperbouwmeester des Heelals.

Sommige mystici hebben verklaard deze scheppende kracht direct of indirect ervaren te hebben. Zelf heb ik de directe ervaring niet, maar wel heb ik een aantal belevenissen gehad die ik als openbaringen van het goddelijke ervaren heb. Je kunt je overigens afvragen of deze kracht, het goddelijke, immanent is aan ons bewustzijn, of daarbovenuit stijgt, transcendent is. In dat laatste geval moeten we onze schepping beschouwen als een co-creatief proces: we scheppen samen met de Eeuwige. Dat laatste geloof ik, samen met bijvoorbeeld iemand als Neale Donald Walsch (Conversations with God). En dat roept dan weer de vraag op wat de Eeuwige motiveerde om onze wereld te scheppen. Het voert te ver om mijn geloof hierover in dit blog uiteen te zetten. Wie wil weten hoe ik daar over denk leze Voor niets gaat de zon op, pagina 94. Maar misschien is het veel interessanter daar voor uzelf op te reflecteren.

Tot slot: stel dat de ziekte waaraan we leiden terminaal is; dat alle leven op aarde ten einde komt en er een levenloze dode planeet, zoals Mars, overblijft. Is die planeet dan nog steeds een schepping van ons bewustzijn? Ik zou zeggen van wel. De consequentie van die gedachte is dat ons bewustzijn ons fysieke bestaan zal overleven. We blijven waarnemen, niet alleen de aarde, maar zelfs de kosmos zoals wij die kennen. Is die dan ook een manifestatie van ons bewustzijn?

Uiteindelijk lopen mijn reflecties over het bewustzijn uit op een voor mij onbegrijpelijk mysterie, en daar sta ik bepaald niet alleen in. En daarom ga ik voorlopig maar weer eens over tot de orde van de dag. Volgende keer over meer tastbare zaken.

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Een te lang blog over een persoonlijke ergernis.

In 2010 verscheen het boek Wij zijn ons brein van Dick Swaab, en dat baarde nogal opzien, onder meer omdat hij het bestaan van een vrije wil ontkende. Deze stelling werd sindsdien herhaaldelijk op logische en wetenschappelijke gronden weerlegd (onder meer door mij zonder het boek overigens gelezen te hebben). Niettemin blijft deze stelling van hem hardnekkig rondzingen. Dus toen ik dezer dagen het boek bij toeval (?) in handen kreeg dacht ik: ik moet het toch eens lezen. En dat heb ik intussen gedaan.

Het was een interessante ervaring. Mijn metafoor voor de hersenen als een ontvangsttoestel van non-lokaal bewustzijn bleek toch wel wat te simpel. Je kunt de hersenen beter vergelijken met een netwerk (bijvoorbeeld een zelflerende computer, of internet), of (Swaabs eigen metafoor) het geallieerde commandocentrum tijdens de tweede wereldoorlog. Maar ook die metaforen laten zien dat de hersenen temidden van alles ook te vergelijken zijn met een ontvangst- en weergavetoestel. Tegelijkertijd is het verbijsterend om te zien wat de hersenen allemaal kunnen zonder interventie van de geest, en ik begrijp goed hoe bestudering daarvan zowel de wetenschapper als de ontwikkelde leek in verwarring kan brengen.

Zolang Swaab zich beperkt tot zijn eigen vakgebied, hersenonderzoek, schrijft hij deskundig, informatief en onderhoudend, en met empathie voor patiënten met hersenletsel of -ziekte. Zo laat hij overtuigend zien dat geslachtelijk identificatie (lhbti) wortelt in de hersenen, en niet, zoals lang gedacht werd, in de opvoeding. Maar zodra hij zich buiten zijn eigen vakgebied begeeft – en dat doet hij herhaaldelijk – gaat hij volledig de mist in. Zo komt hij tot de volgende stellingen:

  • lichaamsbeweging is ongezond
  • de vrije wil bestaat niet
  • het bewustzijn zetelt in, en is beperkt tot, de hersenen
  • er bestaat geen hiernamaals
  • God bestaat ook niet, evenmin als een transcendente wereld
  • het geweten en moreel gedrag zijn uitsluitend biologisch (fysiek) gefundeerd, en worden verder bepaald door socialisatie
  • het volledige geheugen is opgeslagen in de hersenen
  • de evolutietheorie verklaart het scheppingsproces volledig (bij de argumentatie van deze stelling haalt hij de theorie van intelligent design en creationisme door elkaar)
  • synchroniciteit bestaat niet

enzovoorts en zo verder. Ieder weldenkend mens, en zeker iedere weldenkende wetenschapper kan je uitleggen dat je nooit kan bewijzen dat iets niet bestaat, en dat andere stellingen gebaseerd zijn op een onbewezen aanname (axioma). Voorts heeft Swaab op een aantal fundamentele vragen – het ontstaan van het leven, waar komt de stuwende kracht van de evolutie vandaan, de relatie tussen hersenprocessen en beleving – geen antwoord, maar pretendeert dat deze antwoorden uit de bestudering van de hersenen en de evolutie te herleiden zijn. Het is voor mij onbegrijpelijk hoe een intelligent mens als Swaab zo de plank mis kan slaan. Hij beschouwt zijn meningen als feiten, en past daarmee in de trend die we heden ten dage zien op Twitter en bij populistische partijen.

Het voert voor dit blog te ver om al deze stellingen te weerleggen. Ik heb dat eerder gedaan; zie mijn blogs van 8 en 16 juni 2016, 21 december 2017 en 21 juni 2018. Je zou dus zeggen: laat het toch rusten. Ik zou die oude koe dan ook niet meer uit de sloot hebben gehaald, ware het niet dat Swaab, door zijn arrogantie, de stelligheid waarmee hij zijn meningen als absolute waarheden poneert, en het dedain waarmee hij diegenen die een andere mening zijn toegedaan aanspreekt, grote schade aanricht. Gerenommeerde wetenschappers als Cees Dekker, Pim van Lommel, M. Behe, en A. van den Beukel worden als kleine jongens in de hoek gezet. Hun theorieën kun je net zo min objectief bewijzen als het materialisme van Swaab, maar ze gaan daar, voor zover ik kan nagaan, met aanzienlijk minder pretentie en meer prudentie mee om. En natuurlijk maken zij ook wel eens een denkfout. Swaab heeft een scherp oog voor de splinters in hun werk, maar de balken in zijn eigen oog ziet hij niet.

Wat heb ik toch een hekel aan dogmatiek, en aan mensen die hun eigen subjectieve meningen tot heilige waarheden verheffen. Ik vind dat dodelijk voor debat, communicatie en onderling begrip. Misschien heb ik er ook zo’n hekel aan omdat ik er zelf ook niet geheel vrij van ben, maar ik hoop dat dit in de loop van de jaren minder is geworden. Ik heb moeizaam moeten leren dat iedere ‘waarheid’ relatief en persoonlijk is, hooguit een aspect van de grotere Waarheid (als die er is) en altijd moet kunnen worden opgegeven als je je vrijheid van denken wilt behouden. Over dogmatiek in de Christelijke kerk een volgende keer.

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

Eindeloos en geborneerd bewustzijn.

In mijn vorige blog heb ik in dichtvorm het accent gelegd op wat ik allemaal niet weet en niet geloof. Uiteindelijk bleven er maar twee ‘zekerheden’ over (zie aldaar). Maar dat was toch niet helemaal correct. In dit blog wil ik een ander punt noemen waar ik in geloof. En dat is dat bewustzijn niet afhankelijk is van het functioneren van de hersenen. Sterker, dat het bewustzijn (denken, voelen, ervaren. beleven, waarnemen, het aansturen van ons lichaam) helemaal niet in de hersenen plaats vindt.

Dit is in verscheidene studies aangetoond. Een van de bekendste kunt u vinden in het boek Eindeloos bewustzijn van de cardioloog Pim van Lommel. Aan de hand van bijna-dood ervaringen (BDE’s)  en lichaamsuittredingen (BLE’s: buiten-lichamelijke ervaringen), die ook plaats kunnen vinden als de hersenen (tijdelijk) niet meer functioneren (hersendood) laat hij op wetenschappelijk overtuigende wijze zien dat bewustzijn kan plaats vinden onafhankelijk van het functioneren van de hersenen. Dit onderzoek is voor het eerst gepubliceerd in het gerenommeerde medische tijdschrift The Lancet (2001).

Deze bevinding wordt ondersteund door het zeer zeldzame, maar wel gedocumenteerde verschijnsel van ‘hersenloze mensen”, mensen waarbij nauwelijks of sterk verminderde hersenmassa aanwezig is, die toch normaal functioneren (James Lorber, Science, 1980). En ook door het verschijnsel van terminale luciditeit, mensen met Alzheimer die enkele dagen of uren voor hun sterven opeens normaal en helder kunnen functioneren (Michael Nahm, Ph.D.: Terminal Lucidity in People with Mental Disease and Other Mental Disability; The Journal of Near-Death Studies, Volume 28, No 2, 2008)

19072011109Dit zijn alle opmerkelijke en overtuigende fenomenen, die mijns inziens maar tot één conclusie kunnen leiden: het bewustzijn is te zien als een eindeloos veld, dat zich niet tot een bepaalde plaats beperkt. Van Lommel spreekt van een non-lokaal bewustzijn in een niet plaats gebonden ruimte. Grappig dat hij hierbij langs wetenschappelijke weg tot eenzelfde conclusie komt als de filosoof Teilhard de Chardin die het concept noösfeer heeft gemunt (Het verschijnsel mens, 1958).

Ik ben een sceptisch mens, en ik geloof niet gauw iets dat ik niet zelf heb waargenomen, zoals u in mijn vorige blog heeft kunnen lezen. Maar ik ben ook een wetenschapper, en tegenover zoveel overweldigend bewijs kan ik niet op. Dus ja, ik geloof in eindeloos bewustzijn. Des te opmerkelijker vind ik het dat vele bekende en minder bekende wetenschappers, materialisten en sceptici, het bestaan van dit fenomeen blijven ontkennen met een hardnekkigheid, die ik niet anders kan duiden dan als een emotionele hechting aan een onbewezen vooronderstelling, namelijk dat alleen dat bestaat wat zintuigelijk kan worden waargenomen. (Een dergelijke hardnekkigheid zien we ook in de discussie over de vrije wil). Een vooronderstelling overigens die door de kwantum mechanica wordt gelogenstraft. Waar zou dit gebrek aan openheid van geest toch vandaan komen? Ik zou het niet weten, al kan ik als psycholoog daar wel over speculeren. Maar dat laat ik verder maar aan u, de lezer, over.

.

Datum Door erik.van.praag 3 Reacties