In 1944 is er, na intensief onderhandelen, een luchtvaartverdrag afgesloten dat het in principe vrije civiele verkeer in de lucht regelde, en werd afgesproken het luchtvaartverkeer te bevorderen, onder andere door kerosine niet te belasten. Aanvankelijk tekenden 52 van de 55 deelnemende landen het verdrag dat is uitgemond in de oprichting van de International Civil Aviation Organisation (ICAO), waarin vrijwel alle landen vertegenwoordigd zijn. De motieven voor dit verdrag waren niet alleen maar commercieel, er zat ook idealisme achter. Na de verschrikkingen van twee wereldoorlogen snakte men naar meer begrip en harmonie tussen de landen in de wereld. Het idee achter het verdrag was, dat als je vrij kon reizen naar allen landen ter wereld, dit zou leidden tot een grotere bekendheid met andere volken en culturen. Onbekend maakt onbemind, en zodoende dacht men dat dit fysieke contact zou kunnen bijdragen tot de wereldvrede.
Zoals we weten heeft dit maar gedeeltelijk gewerkt. Niettemin is het vrij kunnen reizen naar vrijwel alle landen ter wereld, althans voor het meer welgestelde deel van de wereldbevolking, een groot goed. 3,7 miljard passagiers in 2004! Helaas, zoals we allen weten, heeft die explosieve groei van het luchtverkeer ook een keerzijde. Om het kort samen te vatten, er is geen enkele manier om, als dit zo doorgaat, de klimaatdoelen van het verdrag van Parijs uit 2015 te halen.
In de verre toekomst is het misschien mogelijk om min of meer klimaatneutraal te vliegen, maar op middellange termijn zijn die technische mogelijkheden er niet. In de woorden van Paul Peters, lector duurzaam transport en toerisme aan de NHTV in Breda: ‘Ik heb allerlei scenario’s doorgerekend, maar er is geen enkel scenario denkbaar waarin we de opwarming tot twee graden kunnen beperken zonder het vliegverkeer te beteugelen. Het past gewoon niet.’ **) Dat lukt overigens ook op andere gronden niet, maar dat terzijde.
Waarom heeft het zin hierbij stil te staan? We kunnen er immers toch niets aan doen? De belangen van regeringen en luchtvaartmaatschappijen zijn zo groot dat – zoals ook op andere terreinen – de klimaat problematiek hieraan ondergeschikt wordt gemaakt. Er is geen enkele kans dat op korte termijn een accijns op kerosine zal worden ingevoerd. Waarschijnlijker lijkt nog een hogere beprijzing van de CO2 uitstoot, maar ook dat zal veruit onvoldoende zijn.
Toch kunnen we wel iets betekenen. We kunnen onze medeplichtigheid beëindigen. Dan zullen we ten eerste moeten stoppen met vliegen. In Europa kunnen we alles bereizen per trein, en desnoods per auto.
Intercontinentaal zouden we alleen moeten vliegen in het geval van ernstige familieomstandigheden. We kunnen echt niet meer voor ons plezier naar Afrika, Amerika, Azië en China reizen – heel jammer. Conferenties en zakelijke contacten moeten plaats vinden via videoverbindingen. Zelf had ik nog eens de droom om naar IJsland te gaan, maar dat zal ik moeten opgeven en uit mijn ‘bucket-list’ moeten schrappen. (Tussen haakjes: compenseren door bomen planten is een doekje voor het bloeden – maar dat stelpt het bloeden niet!). Als enkelen van ons stoppen met vliegen heeft dat in directe zin weinig effect, maar er gaat zeker een voorbeeldwerking van uit (Je ziet dat nu al met vleesgebruik). Op de wat langere duur zal dat resultaat afwerpen.
Ten tweede kunnen we binnen ‘groene’ partijen het standpunt dat ik hier verwoord uitdragen. Misschien leidt dat ooit tot politieke actie. Voor de Nederlandse overheid is het heel simpel om het vliegverkeer op zijn minst te beperken: als je het vliegveld Lelystad niet opent, of na opening gewoon weer sluit, zoals je nu moet doen met kolencentrales die nog lang niet afgeschreven zijn, dan loopt het vliegverkeer in Nederland vanzelf tegen zijn grenzen op. Natuurlijk leidt dat tot beperking van onze economische groei – precies wat er moet gebeuren.
Maar het allerbelangrijkste blijft ook in dit geval: Laten we onze ogen niet sluiten voor de werkelijkheid. Dan komen we vanzelf in beweging; zo niet in de lucht dan wel op de grond.
*) Met een knipoog naar: https://www.youtube.com/watch?v=sE2yz-L64ag
**) In De Groene Amsterdammer, 22-2-2018

The planet is seriously ill. This is no news for the readers of this blog – they all know this. But what many of us don’t realize – the planet that is we. We are part of the planet, Gaia, the total ecosystem. We are cells of one of its organs: humanity. So we are ill, but we, the majority in the Western World, don’t feel sick. That reminds me of the days I had cancer. I didn’t feel sick at all, but was very ill, even in mortal danger. So it is with us: we are dangerously ill, but don’t feel it. Furthermore, if we think about the illness of the planet we take the symptoms – ecological collapse, extinction of species, pollution, global warming, violence, the market, gun-addiction, etc. – for the illness itself. But that is not the illness. So we need a more holistic thinking, and then we can see what the illness is. It is, as many guides, including our inner guide, tell us, a lack of awareness in the human race. In think this awareness was greater in the seventies, when we talked about ‘healing the planet’. Nowadays one hardly hears that expression anymore.
Wie echt wil weten hoe het er met de wereld voorstaat leze The Uninhabitable Earth van David Wallace-Wells uit New York Magazine. **) Als u dat doet moet u wel doorlezen tot het eind, anders eindigt u in een depressie. De laatste alinea biedt nog enige hoop.
Wat is beter – deze ontmoedigende waarheden onder ogen zien, of, zoals onze leiders en hun medewerkers doen, leven in een illusionaire wereld? Per slot van rekening komt de zondvloed pas na ons.
Coming back from holiday I attended the Holland Festival Proms. This was a wonderful day all over, but the highlight certainly was The Nile Project. A group of about 14 musicians who with their love, vitality and african music ravished the public. With their laments they touched everyone deeply, and one couldn’t stop moving and dancing when they played their exciting rhythms.
In De Groene Amsterdammer van vorige week las ik dat de tien bedrijven in Nederland die de grootste bijdrage leveren aan de CO2 uitstoot in feite nog geen wezenlijke stappen hebben gezet om die uitstoor te verminderen, en ook niet voornemens zijn dat binnen afzienbare tijd te doen. De uistoot is nog even groot als tien jaar geleden. Van de energietransitie waarover in Nederland sprake is komt zodoende natuurlijk niets terecht. Het is dus niet alleen de overheid die in gebreke blijft.
Als we dusdoende ons geloof in de transcendente wereld, in de mogelijkheid van wonderen en een leefbare toekomst (zie mijn vorige blog), en zachtmoedigheid hebben ontwikkeld zijn we klaar om hulp te vragen aan de wezens in de ‘subtle realms’. We doen dit in gebed. Velen van ons zijn niet gewend te bidden – daarom ga ik daar in een volgend blog op in. Maar nu al vast dit: we kunnen niet verwachten dat onze partners in de ‘subtle worlds’ dit eventjes voor ons gaan oplossen. We moeten zelf ook een substantieel aandeel leveren. Wat en hoe? Ook daarover kom ik later te spreken.