erik.van.praag

Liberté, égalité, parenté.

‘Vrijheid, gelijkheid, broederschap’, de oude slogan van de Franse revolutie. Het woord ‘broederschap’ is niet geslachts-neutraal, dus moeten we het misschien vervangen door verwantschap.

In onze samenleving draait het allemaal om vrijheid en gelijkheid. Het lijkt er op dat ‘vrijheid’ het voorshands gewonnen heeft van ‘gelijkheid’. Hoe dit zij, als verwantschap ontbreekt, dan lijken vrijheid en gelijkheid onoverbrugbare tegenstellingen te zijn. Voor (individuele) vrijheid is zo min mogelijk overheidsingrijpen vereist (het rechts-liberale ideaal), maar voor gelijkheid is juist overheidsingrijpen nodig (het oude socialistische ideaal).

Om uit deze tegenstelling te geraken is ‘verwantschap’ nodig. Maar wat is dat eigenlijk? ‘Verwantschap’ is het besef dat we allemaal broeders en zusters zijn, voortkomende uit dezelfde bron: het leven zelf. Ook dieren en planten, de hele levende natuur, komt uit die bron voort. Dit werd beseft door Franciscus van Assisi, die de dieren en planten met ‘broeder’ en ‘zuster’ aansprak. ‘Verwantschap’ is dat je je verbonden voelt met de ander en met de natuur, dat het je kan schelen hoe het met hem of haar gaat, en dat je bereid bent je daarvoor in te zetten. Het is ook je realiseren dat wat die ander overkomt ook jouzelf overkomt.

Voorheen werd dit ideaal van verwantschap wel belichaamd door de confessionele partijen – zij het dat de natuur daar bij hen niet onder werd begrepen; over de natuur waren we als rentmeester aangesteld – , maar deze zijn helaas geheel afgedwaald naar het vrijheidsbeginsel. En ook in de samenleving als geheel lijkt dit besef en het ideaal van verwantschap vrijwel afwezig. Onze samenleving wordt daardoor leeg en koud, en culturele en ethnische verschillen worden moeilijk overbrugbaar, en de tegenstelling tussen vrijheid en gelijkheid blijft problematisch.

Natuurlijk ontstaan hier tegenbewegingen, zoals bijvoorbeeld de beweging NieuwWij: https://www.nieuwwij.nl/over-nieuw-wij/  Hun credo: verbindt de verschillen. Je zou kunnen zeggen dat ze aansluiten bij het werk van Martin Buber en Levinas. In andere landen is leidt de afwezigheid van verwantschap eveneens tot initiatieven om te komen tot meer broederschap (fraternity, fraternité), zoals blijkt uit een artikelenreeks van Bas Mesters in De Groene. Maar vaak blijft het daarbij bij het ontwikkelen van lokale gemeenschappen. Een landelijke terugkeer naar het verwantschapsideaal blijft voorshands nog uit.

Communicatie is een weg naar verwantschap, maar alleen als we bereid zijn in onszelf op zoek te gaan naar het weten dat we deel uit maken van de ‘family of man’, of we dat nu leuk vinden of niet. (Ook in families zijn er wel eens familieleden waar je moeite mee hebt!). Het ‘wij’ dient niet alleen een nieuw concept, een mentaal idee te zijn, zelfs niet alleen een overtuiging, maar een weten.

Dit brengt me een beetje dichter bij de vraag die ik op 1 november moest laten liggen: Wat is de mens? Deze vraag zou je kunnen vervangen door de vraag: Wie of wat is wij? Niet: Wie zijn wij, maar: Wie of wat is Wij? Opnieuw blijf ik u het antwoord nog even schuldig.

 

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Stagnatie.

Maatregelen die de politiek – nationaal en op Europees niveau – al jarenlang niet neemt:

  • een reëler beprijzing van de CO2 uitstoot.
  • een btw op vliegtuigtickets
  • een accijns op kerosine
  • regulering van het internet (met name het aan banden leggen van de monopolies van de zeer grote internetbedrijven, zoals Google, Facebook, en Amazon)
  • een grondige regulering van het financiële stelsel, zodat we niet weer afstevenen op de volgende financiële crisis
  • een regulering van de belastingconstructies zodanig dat Nederland niet meer behoort tot de landen die ‘legale’ belastingontduiking mogelijk maken
  • emissienormen instellen EN HANDHAVEN ten aanzien van de autoindustrie
  • een structurele aanpak van het vluchtelingenvraagstuk
  • maatregelen gericht op een verduurzaming van de landbouw

 

Ik zou dit lijstje moeiteloos kunnen uitbreiden (onderwijs, defensie, gezondheidszorg), maar dat laat ik maar aan u over. Overigens is de politiek onder leiding van Merkel, Schäuble, Rutte en vooral Dijsselbloem op één gebied uitzonderlijk succesvol geweest: het vernietigen van de Griekse economie (Hoe zij dit voor hun geweten kunnen verantwoorden zou ik niet weten. Voor details verwijs ik naar De Groene Amsterdammer van 30 november – een artikel van Edward Geelhoed.).

Over al deze maatregelen wordt al jarenlang, soms decennialang, gesteggeld maar er gebeurt nooit iets dat de kwestie fundamenteel aanpakt. Waarom niet?

Er worden altijd drie typen argumenten aangevoerd om dergelijke maatregelen niet te nemen.

  1. Deze maatregelen hebben alleen effect als je ze neemt in internationaal verband.
  2. Ze schaden de economie (bedoeld is: de groei van het bnp).
  3. Ze vragen een belastingverhoging.

Deze argumenten hangen overigens samen, want als we de maatregelen eenzijdig zouden nemen, zou dat ook de economische groei kunnen schaden. Persoonlijk zou ik dat echter een voordeel vinden, want de economische groei moet hoe dan ook afnemen, willen we niet omkomen in de klimaatproblematiek.

Maar als puntje bij paaltje komt blijkt uit de argumenten dat financieel gewin – voor de welgestelden, het bedrijfsleven en de aandeelhouders – en koopkracht – voor de anderen – altijd voorrang heeft boven de kwaliteit van onze samenleving. Deze politiek wordt gesteund door de overgrote meerderheid van het electoraat, zoals keer op keer blijkt uit de uitslag van de verkiezingen. Intussen geven we de overheid de schuld van alles wat niet goed gaat. Tja. . .

Als we het echt anders zouden willen, zouden we misschien kunnen beginnen met het beestje bij de naam te noemen: zien wat er aan de hand is en onze eigen medeplichtigheid erkennen, en er over praten met wie het maar wil horen. Dan zou het kunnen zijn, dat kleine stapjes in een andere richting daarvan het gevolg zijn. Of dat iets oplost weet ik niet, maar in elk geval bevordert het onze innerlijke gemoedsrust. Zoals David Broza, door mij geciteerd in het vorige blog zei: “I don’t think I am going to change this world. I am going to change my world, and this makes me happy.”

 

 

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

East Jerusalem West Jerusalem

Do you know David Broza? An Israelian songwriter and singer. He did a wonderful project: producing a CD with singers and musicians from Israel and Palestine. This project is documented in a film with the title mentioned above. A must see, find it on Netflix.

The other week I witnessed a concert he gave in Amsterdam together with Mira Awad. Their performance was preceded by the documentary. They are wonderful singers. He is a kind of hybrid between Bob Dylan and Pete Seeger. It was a very moving evening.

People like David and Mira are courageous people. In their songs and in this project they are advocates of  peace and understanding between Israelians and Palestinians.  In Israel nowadays it is very difficult to be a peace advocate, let alone to cooperate with Palestinians to produce a documentary and a CD. You are scolded and called names, even threatened in the (social) media, insulted in social situations and discredited for disloyal behavior. For Mira it is even worse. The fact that she refuses to hate Israel makes her very unpopular with the Palestinian authorities. The Israelian authorities are looking down on Palestinians anyway.

Fortunately they make such beautiful music that on the other hand they have a great  lot of fans. This is why the authorities can’t really harm them. Nevertheless, as I said earlier, it takes courage to do a project like this. What is wonderful, and what we can witness in the documentary, is that peace and understanding, even love,  are developing in the studio. This is how they want to contribute to more harmony in their societies

We know that music can build bridges. There are other examples, like MasterPeace (http://www.masterpeace.org ) and the work of Merlijn Twaalhoven, and maybe many more. And there are more people with the courage of David and Mira, like Ibrahim Issa of the Hope Flowers School.*) As far as David Broza and Mira Awad is concerned, one may wonder if this kind of reconciliation on such a small scale makes any difference in their society. Anyway, this is what is giving them hope, and that in itself seems to me a positive contribution. As David says: “I don’t think I am going to change this world. I am going to change my world, and this makes me happy.” And about social change: “Slow is fast.” And Mira: ” Do not be afraid, the light always prevails, although darkness seems to be ruling right now. Carry you truths proudly.”

To this I have nothing to add.

 

http://www.vriendenvanhopeflowers.nl/wordpress/?page_id=295

Disclaimer: I apologize for mistakes in my English. Blogs are cursory – not stuff for correction by a native speaker.

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

De hoogste rechter.

Hebben alle mensen een geweten? Ik? U? Rutte (die niet in zijn eerste leugentje gestikt is – ik ook niet trouwens)? Merkel? Berlusconi? Trump? Zijn fundamentalistische kiezer? Mugabe? Poetin? Erdogan? Assad? Mladic? Een jihadist, die op onschuldige burgers of kinderen schiet? Een ‘onschuldig’ kind dat  een koekje van een schaaltje pikt? Een verzetsstrijder, die een moord pleegt om erger te voorkomen? Een straaljagerpiloot die een gekaapt vliegtuig met passagiers uit de lucht schiet, omdat dat de piloot van dat toestel een aanslag wil plegen op een vol stadion? (Ik zag gisteravond  het toneelstuk Terror van Ferdinand von Schirach dat handelt over dit dilemma. Een aanrader: http://www.terror-devoorstelling.nl.).

Uit deze uiteenlopende voorbeelden blijkt wel dat de vraag niet zo makkelijk te beantwoorden is. Om iets dichter bij het antwoord te komen zullen we moeten onderscheiden tussen op zijn minst twee soorten geweten. 1. Het geweten dat voortkomt uit aangeleerde normen. De meest bekende daarvan zijn de tien geboden,  maar je zou ook de klassieke, en later de katholieke deugden leer daartoe kunnen rekenen (het volgen van je geweten is dan leven volgens de deugden, zoals voorzichtigheid, gematigdheid, moed, enz.). Deze normen onderscheiden zich psychologisch nauwelijks van meer oppervlakkige voorschriften, zoals goede manieren of kledingvoorschriften. Het niet opvolgen daarvan kan tot dezelfde schuld- of schaamtegevoelens leiden als niet deugdzaam handelen.

2. Maar er is ook een ander soort geweten, noem het de innerlijke stem, die je laat weten wat in elke situatie de juiste handeling is (de categorische imperatief van Kant). Dat geweten is minder gestructureerd dan het eerste geweten, want het kan in verschillende situaties uiteenlopende aanwijzingen geven, en openbaart zich soms niet eens als een precieze aanwijzing, maar als een vaag gevoel of intuïtie. Overigens: het vereist oefening om die innerlijke stem te onderscheiden van de verankerde morele voorschriften, waarvan in de vorige alinea sprake was.

De inhoud van het eerste geweten is sterk afhankelijk van de opvoeding, en van de cultuur waarin we worden groot gebracht. In die zin heeft iedereen wel een zeker geweten. Zo zullen mensen als Trump of Erdogan of een terrorist zeker een geweten hebben, maar je kan wel stellen dat de inhoud van hun geweten niet overeenkomt met het mijne – en het uwe neem ik aan.

De interessante vraag rijst echter: hebben we allemaal dat tweede soort geweten? En, hoewel dat zoals we zagen, niet altijd precies aangeeft wat juist handelen is in een bepaalde situatie, heeft het dan toch een soort universele inhoud? Als het antwoord op deze vragen ‘ja’ zou zijn, dan rijst de vraag hoe het komt dat verschillende mensen zulk uiteenlopend gedrag vertonen in ethisch opzicht. Het zou kunnen zijn dat iedereen dat soort geweten wel heeft, maar dat sommigen geleerd hebben de stem daarvan zo effectief te onderdrukken (omdat het hem of haar niet uitkomt, of omdat er strijdigheid bestaat tussen de innerlijke stem en de aangeleerde normen), dat die niet meer gehoord wordt; laat staan dat die stem wordt  opgevolgd.

Maar misschien is het antwoord op de vraag in vorige alinea wel ‘nee’. Dan zouden sommige mensen geen innerlijk geweten hebben. Die zijn dan gehandicapt en dus eigenlijk ook niet om  hun gedrag (juridisch)  te veroordelen. Al kan je als samenleving ervoor kiezen dat wel te doen om de rechtstaat te beschermen.

Volgens Vaclav Havel (Brieven aan Olga) heeft iedereen dat tweede geweten, maar ik twijfel. Maar ook als dat niet zo is: iedereen kan leren zich deugdzaam te gedragen – maar dan moet hij/zij wel het belang daarvan in kunnen zien. Wat hoe dan ook nooit zal werken is proberen anderen over te halen tot ander gedrag; je kan een ander niet veranderen. Wat echter altijd mogelijk is: luisteren, en proberen te zien wat de ander beweegt. Dat zal zeker tot meer begrip leiden, en wie weet, tot meer verbinding. En dan is alles mogelijk.

Volgende week wil ik een voorbeeld behandelen van iemand die die verbinding in praktijk brengt.

 

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Snerp, piep, bonk.

Een wat lichter maar wel snerpend stukje vandaag (een beetje te lang, maar vooruit). Het gaat over een onderwerp dat de journalist Henk Hofland zeer ter harte ging, maar nu hij is overleden zal ik er maar eens wat van zeggen.

In 2001 maakte ik een wandeltocht van Berlijn naar Praag, twaalf jaar na de val van de muur. Ik weet nog dat ik in Cottbus een rustdag had genomen en op een bankje in de zon zat, alwaar ik onder andere de trams in Cottbus observeerde. Ik was onder de indruk van de – nieuwe – trams, die soepel en geluidloos voorbij zoefden.

Ik heb me mijn hele leven al buitengewoon geïnteresseerd voor trams. Jarenlang was ik lid van de Vereniging van Belangstellenden in het Spoor- en tramwegwezen. Ik heb vele trams gezien en in vele trams gezeten. Vroeger (en nu) in Amsterdam, in Den Haag, in Rotterdam, in België (Brussel), in Lissabon, in Nice, in Praag, in Moskou, en op vele, vele andere plaatsen, die ik nu al weer vergeten ben. Vroeger maakten de trams wat meer lawaai en snerpten in de bocht, maar tegenwoordig is dat bijna nergens meer het geval – met één uitzondering maar daarover zometeen.

In Praag maakten de oude trams  in 2001 niet zoveel lawaai, maar rammelden enorm als ze op kruispunten andere rails kruisten. In Amsterdam hoorde je vroeger bij de oude trams vooral het gieren van de elektromotor en het snerpen in de bocht – dat was voor de tijd van de beweegbare draaistellen. Wat me vroeger wel opviel was dat de trams in Rotterdam en vooral Den Haag zoveel geluidlozer , en ook comfortabeler reden dan de trams in Amsterdam. Ik heb nooit goed begrepen hoe dat kwam.

Tegenwoordig rijden de trams in Den Haag en Rotterdam nog steeds vrijwel geluidloos, ze zoeven over de rails zoals destijds de trams in Cottbus. Maar Amsterdam is, voor zover mijn ervaring reikt, de enige stad (ter wereld?) waar de trams niet alleen als vanouds lawaai maken, maar als je er in zit veel meer dan dat. Bij optrekken, remmen, en in de bochten, word je vergast op een luid en snerpend piepen, of een krakend kreunen, wat ergens vanuit de harmonicaverbinding schijnt te komen. Ook gaat het optrekken en het remmen vaak gepaard met dreigend gebonk (niet altijd in iedere tram, maar wel vaak). Dit alles geldt met name voor de Combino trams, die op alle lijnen rijden op twee na. Alleen de wat oudere trams, op de lijnen 24 en 5, kennen deze euvelen niet. Als je de trams op straat hoort, maken ze het lawaai van staal dat ratelt over staal. Bij de Rotterdamse en Haagse trams is dat niet zo.

Hoe zou dat toch komen? Ik vermoed dat een en ander samenhangt met het feit dat de Amsterdamse trams, als service aan het gehandicapte en hoogbejaarde volksdeel, geen schokbrekers hebben om zodoende een lage instap te verkrijgen. (Aan de andere kant worden er voortdurend haltes opgeheven, zodat de afstand tussen de haltes groter wordt. Is dit ter oefening van ditzelfde volksdeel?). Dat komt overigens het comfort niet ten goede. Maar het zou ook kunnen dat ze gewoon te goedkoop zijn ingekocht. Ze zijn  gemaakt en geleverd door de Duitse firma Siemens. Duitse degelijkheid – hoezo? (De trams schijnen intussen ook te lekken)

Hoe dit zij, ik schaam me plaatsvervangend voor de bezoekers van onze prachtige stad. Maar misschien schrikt het hen op den duur wel af. Dat zou nog niet eens zo’n slecht effect zijn – want Amsterdam is al overvol van toeristen.

Zoals ik al zei, dit is een wat lichter stukje. Het betekent allemaal niets in het licht van de Eeuwigheid. Voor mij een goede training om me niet te irriteren aan wat ik toch niet kan veranderen. Maar ik ben wel benieuwd wat de gemeente gaat aanschaffen, als deze trams t.z.t moeten worden vervagen. Misschien is de gemeente zo gehecht aan het lawaai (en de traditie), dat ze lawaai als eis in de aanbestedingsvoorwaarden opnemen. Of misschien wordt het GVB wel geprivatiseerd. Alles is mogelijk. Maar misschien maak ik dat niet meer mee.

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

De domme consument – ik dus.

Het zal u waarschijnlijk niet ontgaan zijn: de advertentie van de Rabobank onder de titel: Growing a better world together. De advertentie suggereert dat de Rabobank, samen met zijn klanten – daar moet je dan natuurlijk wel bij willen horen – het wereldvoedselprobleem wel even zullen oplossen. Alsof dat zo simpel kan. Wat een pretentie, wat een arrogantie! Ik heb me aan deze advertentie geërgerd om drie redenen. De eerste is de misleiding, en zoals ik a zei, de pretentie. De tweede is dat ik me als stomme consument niet bepaald serieus genomen voel. De derde is dat een serieus probleem – honger – gebruikt wordt voor een commerciële actie. Ik vind dat onethisch.

Nu zijn er natuurlijk veel meer advertenties die het domme publiek misleiden, zoals, om maar een enkel voorbeeld te noemen, alle autoadvertenties die een lager verbruik opgeven dan daadwerkelijk is te behalen, of de tabaksadvertenties (die nog steeds hier en daar opduiken, met name gericht op de jeugd). Maar de Rabobank maakt het wel heel dol. Hun advertentie bevat een aperte leugen. In de eerste plaats, zoals gezegd, is het natuurlijk helemaal niet zo dat de Rabobank het wereld voedselprobleem kan oplossen. Daarvoor is een ware revolutie in de landbouw nodig, waaraan de Rabobank hoogstens een steentje kan bijdragen door hun financieringspolitiek. In werkelijkheid doen ze echter het tegendeel: ze financieren in Nederland (en elders?) nog steeds de schaalvergroting, de mestoverschotten en de bodemuitputting die het wereldvoedselprobleem juist veroorzaken.

U zou zich kunnen afvragen waarom ik me hier zo druk om maak. Tja, misschien was het de druppel die de emmer deed overlopen. Door schijnbaar eerbiedwaardige instellingen worden we voortdurend bestookt met halve waarheden en leugens alsof we achterlijk zijn. Ik wil nog een voorbeeld noemen: de Nederlandse overheid die al jaren beweert belasting-rulings aan banden te leggen, maar in feite het tegenovergestelde doet, onder leiding van de linkse (?) minister Dijsselbloem. En al jaren beweert, bij monde van staatssecretaris Wiebes, dat deze rulings geheel volgens de regels verlopen, quod non. Deze staatssecretaris is voor zijn werk nu beloond met een ministerschap. Als ik hem was zou ik aftreden – maar ja, ik ben dan ook niet geschikt als politicus.

Enfin, ik heb over de Rabobank maar eens een klacht ingediend bij de reclamecodecommissie (https://www.reclamecode.nl ). Men moet ergens beginnen nietwaar? In de hoop dat het, als druppel op de gloeiende plaat, toch een eerste klein stapje is naar een samenleving waarin we elkaar eerlijk vertellen wat we doen en wat er aan de hand is.

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Wat is het om mens te zijn?

Via mijn vrouw Anne kreeg ik een interessante vraag aangereikt uit de Hart Sutra Club: Wat is het om mens te zijn? Je kunt die vraag ook parafraseren: wat is de essentie van het mens zijn? Als ik het in abstracte zin formuleer is het antwoord op deze vraag niet zo moeilijk. Ik zou zeggen: bewustzijn, dat zich ook bewust is van zichzelf. Of om met Troelstra te spreken: ‘Een beest met geest’. Maar als je deze vraag persoonlijk maakt wordt het veel lastiger: wie of wat is de mens? Dat is eenzelfde soort spirituele vraag als de vraag: Wie ben ik?

Ik kom dichter bij het antwoord als ik me realiseer wat mijn diepste verlangen is naar hoe, wat of wie ik wil zijn en wat ik in dit leven wil doen. Ik kom dan tot een zijnsvisie en een doevisie. Het valt nog niet zo mee om die visies te vinden en beknopt te formuleren; nog minder om die visies dan ook te realiseren (Er zijn oefeningen en workshops die je daarbij kunnen helpen. Het is in elke geval nodig je talenten te ontdekken en te ontwikkelen). Al onderzoekend zal bovendien blijken dat die visies in de loop van je leven een ontwikkeling doormaken.

Met het vinden en realiseren van onze zijns- en doevisie hebben we een mooi positief beeld van onszelf ontwikkeld. Maar er is ook een schaduwkant: onze gebreken, onze destructieve gevoelens en intenties, ons gebrek aan liefde, moed of edelmoedigheid, de struikelblokken in onszelf. Deze onderdrukken maakt niet dat ze weggaan. Een negatief oordeel over onszelf helpt ook niet, dat leidt alleen maar tot schuld of schaamte. Nee, het enige wat helpt is deze schaduwkant onder ogen te zien en accepteren dat het een deel is van wie we zijn. Dat zal de weg openen om deze schaduwkant te hanteren, zodat de schade voor mezelf en anderen in de praktijk meevalt.

Maar, zoals Levinas zegt: je kunt niet volledig mens zijn zonder verbinding met de ander. Het erkennen en openstaan voor de eigenheid van de ander is de weg naar de beleving van de oneindigheid. Professor Roger Burggraeve (of was dat ook Levinas, ik weet het niet meer) noemt dat: trans-ascendentie: het opstijgen naar het Al.

Deze drie wegen vormen tezamen een levensopgave die pas eindigt met de dood. Naarmate we vorderen op deze weg komen we ook dichter bij het antwoord: wie of wat is de mens? De antwoorden op de vragen “Wie ben ik?” en “Wie is God” heb ik mogen ervaren, maar deze vraag staat voor mij nog open.

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Not in our own interest.

“The Dutch and the American government almost at the same moment reached rock-bottom: canceling the amnesty for children of migrants who are already in the country for some considerable time – so that they have to return to a country they hardly know, and where they are not welcome, and  even may be in danger -, and the intention to build walls around their countries to stop migration”. (James Kennedy, in the Dutch paper Trouw,  10/14/2017). In Holland these walls are not physical (that is not possible) but administrative.

We, in Europe, tend to blame president Trump and the right wing Republicans because of their narrow-minded and heartless policies. But in fact we in Europe do exactly the same, only more concealed. Instead of blaming America, those who voted for political parties who are supporting this policy, should go and sit in a corner being ashamed and feeling remorse. (btw: interesting: The parties who are pleading for a more humane migration policy, are also the parties who advocate a stronger climate policy. Mere coincidence?)

Everywhere countries appear to close the borders. Instead of peace and harmony this will create hostility and violence. So this policy is not even in our own interest, nor in that of our country. If we are willing to give these facts attention, not just for a moment, but continuously, I am sure this will exert influence on our social and political behavior.

Disclaimer: I apologize for mistakes in my English. Blogs are cursory – not stuff for correction by a native speaker.

 

 

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Ons grootste verlangen.

Het is nu twee weken geleden. Talloze malen heb ik Eberhard van der Laan de afgelopen weken horen kenschetsten als ‘een lieve man’. Ik voel me daar ongemakkelijk bij. Deze karakterisering doet hem namelijk geen recht. Van der Laan was helemaal geen lieve man. Een betrokken en gedreven man, iemand met veerkracht en doorzettingsvermogen, die af en toe ongenadig kon confronteren en uitvallen, dat allemaal wel. Ook iemand die goed kon luisteren en bemiddelen bij conflicten. En iemand met liefde voor mensen en de stad. Maar dat maakt hem nog niet tot een lieve man.

Hij is de afgelopen weken ook op een voetstuk geplaatst, en ook daarover voel ik me ongemakkelijk. Mensen horen niet op voetstukken – dat is noch voor henzelf noch voor hun omgeving goed. Het maakt mensen onaantastbaar, onmenselijk haast. Gelukkig heeft Van der Laan daar geen last meer van.

Waarom doen mensen dat? Ik denk dat het een uiting is van hun verlangen naar een betere, meer waardige wereld. En van hun gevoelde onmacht daar zelf substantieel aan bij te dragen. Daarom hun behoefte aan idolen, aan leiders die dat voor hun kunnen regelen.

Maar zo werkt het natuurlijk niet. Een betere, waardige wereld kunnen we alleen bereiken als we daar allemaal aan bijdragen. Als we allemaal ons eigen puzzelstukje vinden en dat invoegen in de planetaire puzzel. Mensen voelen zich onmachtig, maar zijn dat natuurlijk niet. Natuurlijk kunnen we niet individueel een betere wereld bewerkstelligen, maar we kunnen wel een beter mens worden, zoals de vrijmetselaars zeggen. Daarvoor is nodig dat we in ons zelf zoeken naar wat onze gewondheid en onze belemmeringen, onze inzichten, talenten en onze idealen zijn. Dat kost tijd, en is soms een moeizaam proces. Maar het zal leiden tot ons eigen niveau van competentie.

We kunnen niet allemaal een Mandela, een Ghandi, een Martin Luther King of een Van der Laan zijn. Maar we kunnen wel onszelf zijn. We kunnen deze grote leiders niet beter eren dan door daar voor te gaan. Laten we onze terughoudendheid en angsten overwinnen. Om met Marianne Williamson te spreken: Onze diepste angst is niet dat we onvolmaakt zijn.
Onze diepste angst is dat we immens krachtig zijn. En tegelijkertijd ons  grootste verlangen, zou ik daaraan willen toevoegen.

 

Datum Door erik.van.praag 3 Reacties

Wie ben ik?

Een verlichte geest is een open geest. Dat betekent dat hij aan niets meer vasthoudt. Voor hem bestaan er geen absolute waarden, waarheden, zekerheden. Hij ( de term geest is manlijk, zoals de term ziel vrouwelijk is) leeft in ‘de wolk van niet weten.’ Dat maakt dat hij in directe verbinding kan staan met wat de ‘American natives’ (Indianen) de Grote Geest noemen. Je zou ook kunnen zeggen: hij leeft in volstrekte vrijheid, vrij om te kiezen van welke waarheden en waarden hij wil uitgaan in zijn dagelijkse praktijk, en vrij om wat dan ook te doen of te laten. Voor hem geldt bovendien dat hij op vanzelfsprekende wijze op spiritueel niveau – dat wil zeggen vrij van geconditioneerd zijn –  kan functioneren (zie mijn blog van 14 september).

De weg naar de verlichte geest voert via contemplatie over de vraag ‘Wie ben ik?’ Op die vraag is een antwoord mogelijk, en ik denk dat ik ook weet welk antwoord, maar dat ga ik nu hier niet melden (hoewel dat door vele leermeesters al wel is gedaan). Want met dat antwoord zou ik u alleen maar in de weg staan – het werkt alleen maar als u het antwoord zelf ontdekt. (In het verleden ben ik met deze esoterische ‘wetenschap’ wat onzorgvuldig omgesprongen en heb ik het antwoord wel gegeven – daar heb ik nu spijt van). Voorlopig weet u het antwoord op die vraag waarschijnlijk dus nog niet.

Wat u  kunt doen als u het antwoord wil weten is: die vraag met grote hardnekkigheid stellen, en dan bereikt u, meestal na veel schijnantwoorden, de echte tussenstations: momenten waarop u het antwoord op die vraag intuïtief weet, en in één of enkele woorden kunt samenvatten. Een valkuil daarbij is zelfmisleiding- u denkt dat u het antwoord weet, maar denken is geen weten. Als u op het goede spoor zit blijkt dat uit een innerlijk weten en uit een begeleidend gevoel: vreugde, bevrijding, leegte, of wat dan ook.*) De antwoorden die u dusdoende vindt voelen aan als HET antwoord, maar dat is het in het algemeen nog niet. Er zal altijd weer een moment komen dat het zinvol is, en u de behoefte voelt,  de vraag opnieuw te stellen, en dan begint het hele proces van voren af aan. Uiteindelijk bereikt u wellicht het laatste antwoord – en dan weet u dus niets meer met zekerheid.

Een andere weg is meditatie, maar de ervaring leert dat deze weg voor de meeste mensen veel doorzettingsvermogen vraagt, met name als je het voor jezelf alleen doet. Deelnemen aan bijvoorbeeld boeddhistische retraites maakt dat echter weer veel makkelijker.

De vraag die u uzelf echter van tevoren kunt stellen – voordat u echt gaat investeren in de weg – is deze: wil ik wel een verlichte geest, een staat van niet weten bereiken? U kan altijd een stukje die weg opgaan (een workshop of retraite volgen) en dan daarna besluiten of u door wilt zetten. Feit is dat zij, die de weg serieus beoefenen in het algemeen niet meer terug willen. En ook denk ik dat deze wereld, die meer in verwarring verkeert dan ooit, aan verlichte geesten behoefte heeft. Niettemin: bezint eer ge begint.

 

*) Er bestaat een workshop die u speciaal op deze weg kan ondersteunen; zie: http://www.quantumsprong.org

Datum Door erik.van.praag 3 Reacties
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 ... 30 31   Next »