Pretentie en mystificatie.

“Burgers willen wel duurzamer, maar niet minder consumeren. Overheden willen best vergroenen, zolang het maar geen pijn doet in de koopkrachtplaatjes. En bedrijven zijn niet langer de boeman, maar onderdeel van de oplossing.” Dit is een citaat uit een gedegen artikel in De Groene Amsterdammer van 23 maart j.l. over Unilever: Duurzaamheid uit een pakje *)

“Unilever wil zijn omzet verdubbelen en zijn milieu-impact met de helft verminderen. Dat is revolutionair; het is nog geen enkel bedrijf gelukt.” (Dit is een citaat uit een college op Nijenrode van professor ‘Sustainable Business and Stewardship’ André Nijhof, docent in good practices van bedrijven.) En, maar dat zegt de professor niet, dat gaat Unilever ook niet lukken. Dat blijkt duidelijk uit bovengenoemd artikel (een ‘must read’ voor wie in dit soort zaken geïnteresseerd is). En naar mijn mening zal dat op redelijke termijn geen enkel productiebedrijf lukken. Want omzet of winst vergroten vraagt meer grondstofffen, en draagt bij tot de ‘global warming’, hoe maatschappelijk verantwoord je dat ook probeert te doen. Misschien is in de verre toekomst een volledig circulaire economie zonder CO2 uitstoot technisch mogelijk, maar daarvan zijn we nog zeer ver verwijderd, en tot zolang is een doelstelling als die van Unilever een onhaalbare utopie.

In genoemd college vraagt een student zich af:  “Wordt de wereld er eigenlijk wel beter van als wij onze omzet verdubbelen”. Niet relevant, oordeelt de professor  streng. ‘Een non-discussie.” En hiermee wordt de wezenlijke discussie uit de weg gegaan.

Paul Polman, de CEO van Unilever geldt als de duurzaamheidskampioen van het bedrijfsleven. Hij heeft binnen Unilever het ‘Sustainable Living Plan’ gelanceerd en wordt daar alom voor geprezen. Volgens Polman is Unilever ‘de grootste NGO ter wereld’. Unilever werkt samen met Oxfam, Wereldnatuurfonds en andere NGO’s. De Verenigde naties roepen Polman uit tot ‘Champion of the Earth’, de hoogst mogelijke milieu-onderscheiding.

Ik word van dit alles lichtelijk onwel. Natuurlijk is het goed dat Unilever en andere bedrijven aandacht geven aan de duurzaamheid van hun productieprocessen, en dat ook uitdragen. Maar als dan tegelijkertijd blijkt dat Unilever haar duurzaamheidscriteria aanpast aan wat er mogelijk is, en dat Unilevers duurzame landbouw nauwelijks afwijkt van de reguliere landbouw; als je ziet dat hun streven naar het duurzaam verbouwen van palmolie nog lang niet bereikt is (en ook niet bereikt kan worden, terwijl ze dat wel pretenderen), en als je ziet dat ze streven naar een giga vergroting van hun omzet in cosmetica producten, dan kom je vanzelf uit bij de vraag van die student op Nijenrode.

Ik word niet goed van de pretentie en de misleidende woorden waarmee dit duurzaamheidsstreven gepaard gaat. Voor een werkelijk duurzame wereld is een totale omslag van ons denken nodig, waaruit dan een totale herstructurering van onze samenleving kan voortvloeien, en bedrijven zoals Unilever, met in hun voetspoor professors zoals Nijhof dragen daar niet aan bij, om het maar eens gematigd uit te drukken. In tegendeel, hun mystificatie bevordert dat we over dit soort vraagstukken niet echt gaan nadenken.

Dit is geen aanklacht specifiek bedoeld voor Unilever – het geldt het hele bedrijfsleven, met name die bedrijven die pretenderen een wezenlijke bijdrage te leveren aan een duurzame wereld. Het zou mooi zijn als die bedrijven zich wat realistischer en bescheidener zouden opstellen. Wel vragen aan het het nieuwe kabinet om miljarden te spenderen voor een groene politiek, maar zelf alleen maar vage intenties uitspreken in plaats van concrete investeringen toe te zeggen. Kom  niet alleen halen, kom eerst eens wat brengen, zeg ik samen met Marike Stellinga (NRC/Handelsblad van j.l. dinsdag).

Kortom, wees waakzaam en doorzie de pretenties. Volgende week ga ik in op een mystificatie op dit gebied in de politiek.

 

*)door Daphné Dupont–Nivet, Anouk Ruhaak, Marije Schuurs, Jaap Tielbeke & Emiel Woutersen

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

The roads to beauty.

In this world we need the awareness of beauty. It is everywhere, as Confucius said, but in order to experience it we have to be receptive for it. Beauty is in the eye of the beholder (http://www.phrases.org.uk/meanings/beauty-is-in-the-eye-of-the-beholder.html). So it is a relationship, like Love and Quality (See Robert Pirsich: Zen and the Art of Motorcycle Maintenance). Said differently: Beauty is not a quality of some object, but an inner state.In Dutch Freemasonry the road to Beauty goes through Wisdom and Power (strength). So one way to reach Beauty is to develop ones own wisdom and personal power. Than can be done through self investigation, because wisdom and power is always present in us. Sometimes however it is blocked or underdeveloped. We have to find out what is setting our power and wisdom back, so that we can deal with our setbacks.

Because Beauty is an inner state it is an interesting question if there can be Beauty without an object. I think this is possible. Imagine for example you are in Nature, in a place where is absolute silence. Then it may happen that this silence overwhelms your mind. There is nothing left, no observer, no thinker, even no nature anymore. Then the mind is in a state of complete being alone. That silence is Beauty. It can also be reached in other moments, for instance after total surrender in making love, in deep meditation, while getting lost in a beautiful picture or very moving music. In the end then the object vanishes, like Nature in the first example. Nothing is left. *)

Having said that, the above examples show that external reality (Nature, paintings, a partner, music) can help to reach that state. Focussing with full attention on these external object is a second road to beauty, besides the road of self discovery I mentioned above.

One thing that triggers the experience of Beauty in me is when I am witnessing craftsmanship: a combination of excellent skill sand personal involvement. I can experience that with a musician, choir or orchestra, or with actors, with a carpenter or any profession.

Beauty as far as I am concerned is manifested love, as Plato already saw. Actually, it is the easiest way to reach Love. So let’s go for it: I need it, you need it, we all need it. It will make the world a better place.

 

*) Example inspired by J. Krishnamurti, Freedom of the known.

Disclaimer: I apologize for mistakes in my English. Blogs are cursory – not stuff for correction by a native speaker.

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

Van ‘Tja. . .’ naar ‘Ach. . .’

In mijn vorige blog schreef ik dat mijn reactie op de uitslag van de verkiezingen niet veel verder kwam dan ‘Tja. . . ‘. Maar nu heb ik een diepere gedachte. Dat kwam zo.

Vorige week woonde ik een prachtige scenische uitvoering van de Matheus Passie bij door de IJ- salon. Het deel na de pauze begint met de aria: “Ach, wo ist mein Jesus hin?’, hier gezongen door de zowel qua stem als uiterlijk beeldschone alt Rosina Fabius (een naam om in de gaten te houden). In deze aria zingt ze haar vertwijfeling uit na de gevangenneming van Jezus. In deze aria komt 11 keer het woord ‘Ach’ voor. (Dominee Klaas Vos dacht dat dit verwees naar de elf apostelen – Judas is dan immers al afgevallen).

Deze aria was voor mij de aanleiding tot een contemplatie over het woordje ‘Ach’. Er zijn maar weinig tussenwerpsels in de Nederlandse taal die zoveel kunnen uitdrukken: verdriet (zoals in de aria), medelijden, medeleven, meewarigheid, verwondering, onverschilligheid (zoals in de uitdrukking: ‘Ach, wat kan mij dat schelen!’), verbazing, een klacht, en nog veel meer. Maar het wordt zelden zonder emotie gebruikt. Daarom was het voor mij een goede reactie op de uitslag van de verkiezingen.

Zoals ik die uitslag waarneem zijn er vrijwel uitsluitend verliezers. Kijk maar naar de uitslag: Rechts: 60 zetels, Links: 42 zetels, Populisten: 29 zetels (hebben in de peilingen op 37 zetels gestaan!), gematigd/midden (D66): 19 zetels. Je kunt het ook wat anders indelen, maar de trend is duidelijk. Tegelijkertijd beschouwen alle lijsttrekkers, behalve die van de PvdA, zich als winnaars. Interessant. Met enig recht zouden Pechtold en Klaver zich wel winnaar kunnen noemen, maar hun ruimere doelen zijn niet bereikt; een breed midden, respectievelijk een krachtig links. Ik vermoed dat hun invloed beperkt zal blijken.
De allergrootste verliezer is echter het klimaat. Met een beetje goede wil tel ik 52 zetels als voorstanders van een klimaatbeleid dat enig hout snijdt (overigens bij geen van die partijen wordt de problematiek ten volle onderkend, behalve misschien bij de Partij voor de Dieren). Dat is natuurlijk wat meer dan een paar jaar geleden, maar het is toch treurig dat er voor dit levensbedreigende probleem – we hebben nog maar twee decennia de tijd om het allerergste, waar onder de ondergang van Nederland, te voorkomen – slechts bij een derde van de kamerleden aandacht is. Ik zou pas blij geweest zijn met een verkiezingsuitslag waarbij dat bij de meerderheid van de kamerleden het geval zou zijn.

In twee jaar kan natuurlijk veel veranderen. Het kabinet kan vallen, er kunnen vervroegde verkiezingen komen, het kan ook zijn dat de rechtse partijen tot inkeer komen. Ik hoop dat het boek Drawdown, The 100 Things We Need To Do To Reverse Global Warming van Paul Hawkes zoveel impact zal hebben dat er wezenlijk wat verandert. Het komt uit eind april, dan kom ik er op terug.

Zoals gezegd is mijn reactie op de verkiezingsuitslag en de arme politici en de burgers van Nederland die hiermee moeten leven een welgemeend ‘ach. . . ‘ Daarin kan ik alle bovengenoemde emoties en betekenissen kwijt. Het is wat emotioneler en dieper vdan het ‘tja.. . ‘ van vorige week.

Datum Door erik.van.praag 2 Reacties

Tja. . .

Als ik vroeger te laat thuis kwam (dat wil zeggen, later dan ik van mijn moeder thuis mocht komen) dan was mijn excuus: ‘Er is iets met de tijd. . . ‘ Dat is binnen onze familie een gevleugeld woord geworden. Maar als je ouder wordt, is er echt iets met de tijd.

Als je ouder wordt gaat alles trager. Ik loop langzamer, ik fiets langzamer, ik kom langzamer uit mijn stoel overeind, ik reageer langzamer en ik denk langzamer. Alles kost meer tijd. Een effect daarvan is dat alles om je heen veel sneller lijkt te gaan. Mensen fietsen sneller en snellen mij lopend voorbij. Auto’s kleven aan mijn bumper en snijden me links en rechts (dat gebeurde me trouwens dezer dagen ook al door een fietser).  En mijn reactiesnelheid is afgenomen. In het verkeer moet ik oplettender zijn. Mensen spreken sneller, in de schouwburg en op tv; ik heb soms moeite ze te volgen.

Maar soms heb ik het idee dat die snelle processen om me heen niet alleen maar een artefact zijn van mijn ouder worden. Soms denk ik wel eens, dat alles vroeger echt veel langzamer ging. Dat geldt natuurlijk in de eerste plaats voor de communicatie. Vroeger moesten we de zaken vaak omslachtig en schriftelijk  regelen. Contact kon per telefoon, maar dat was duur, en verving niet het tijdrovende persoonlijk contact, zowel zakelijk als privé. Maar ook op terreinen waar internet niets mee te maken heeft gaat het nu sneller. We spraken langzamer en we reden langzamer in auto’s. En fietsten we vroeger echt zo hard als nu? Ik dacht het niet. Het komen en gaan van leden van de Tweede Kamer gaat ook echt veel sneller dan vroeger.

Het is vaker gezegd – we leven in een haastmaatschappij. Of dat nu komt door de computer, of door het belang dat we hechten aan bezit, geld en winst – ik zou het niet weten. Maar in elk geval, het lijkt wel of tijd altijd geld is – zelfs als we alle tijd van de wereld hebben. Of lijkt dat alleen maar zo? Klink ik nu als een oude man die dacht dat vroeger alles beter was (quod non)?

Een van de dingen die in elk geval sneller gaan is de omsloopsnelheid van boeken, en het ongeduld van de uitgevers als het boek niet snel genoeg verkoopt. Een van mijn eerste boeken was Spiritueel Leiderschap, uit 1996, en dat verkoopt de uitgever nog steeds. Maar mijn latere boeken, voor zover niet geproduceerd middels ‘printing on demand’ moesten wel bliksemssnel verkocht worden, anders gingen ze in de ramsj. Dat is me vele keren overkomen; het laatst nog dezer dagen, toen dat gebeurde met Zin in Zorg. Net op dezelfde dag dat mijn dochter, Anna van Praag, schrijfster van kinder- en jeugdboeken, hetzelfde lot trof voor het samen met Myl0 Freeman geproduceerde prachtige prentenboek Te groot voor op school (nog te verkrijgen via bol.com en bij haar voor € 2, zie haar facebook pagina). Frustrerend. We hebben er onze beste krachten aan gegeven en zowel haar als mijn boeken vind ik best goed, al zeg ik het zelf. Gelukkig zijn de meeste boeken nog wel tweedehands beschikbaar.

Men zegt dat weliswaar het denken langzamer gaat, maar dat je als oudere wel wijzer wordt. Zou het? Meer berusting misschien. En ik heb natuurlijk wel meer ervaring dan een jongere, maar wijzer? Ik denk wel dat ik, toen ik jonger was, dacht dat ik redelijk wijs was, en dat was maar goed ook, want dat was voor mijn werk een unique selling point. Maar nu? Neem als voorbeeld mijn reactie op de verkiezingen. Vele mensen hebben daar vele woorden voor die snel worden opgeschreven en uitgesproken. Maar mijn reactie komt niet veel verder dan: “Tja. . . “. Misschien hebt u er wat aan.

 

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

Realiteit of illusie?

In mijn vorige blog zei ik dat het vrijwel niet mogelijk is om de toestand in de wereld  onder ogen te zien zonder dat je òf vervalt tot machteloze woede, òf
verlamd als een konijn in de koplampen blijft staren. Als remedie gaf ik toen aan dat je dit alleen maar kunt doen samen met anderen. Maar er is ook een andere mogelijkheid.

Eerst een beroemd citaat uit A Course in Miracles:

Nothing real can be threatened.                                                 Nothing unreal exists.

Als je dat gelooft dan kan je veel van de ellende van de wereld van je af laten glijden. Deze uitspraak gaat uit van een wereldbeeld dat de materiële werkelijkheid als een illusie beschouwt. Dit is een wijd verspreid geloof in het Boeddhisme, dat ook voorkomt bij Plato, en bij vele moderne spirituele leraren, onder wie Richard Bach (Jonathan Livingston Seagull) *). Zie bijvoorbeeld het volgende dialoogje uit Richard Bach, Illusions: 

En uit het ‘handboek’ uit Illusions:

The world is your exercise book., the pages on which you do your sums. It is not reality, although you can express reality there if you wish. You are also free to write nonsense, or lies, or to tear the pages.

Dit zijn uiterst moeilijk te bevatten wijsheden. Ik geef dit wereldbeeld het voordeel van de twijfel. Maar in mijn dagelijks leven ga ik toch wel degelijk uit van de realiteit van de materiële wereld met alle emoties die daarbij horen. Het doet mij pijn als ik zie hoe ons leefmilieu vernietigd wordt en ik me het lijden realiseer dat daarvan het gevolg is.

Niettemin bied het me wel enige troost als ik me verdiep in het wereldbeeld dat ik zojuist heb beschreven: dat de materiële werkelijkheid een illusie is. Het leert me alles wat er in de wereld gebeurt te relativeren, als ik het afzet tegen de eeuwigheid, en de eeuwige waarden liefde, schoonheid en waarheid. Een wereld waarvan ik af en toe in een openbaring een glimp heb mogen opvangen.

Het ontslaat me niet van de innerlijk gevoelde noodzaak om stelling te nemen en daarnaar te handelen, maar het bevrijdt me wel van fanatieke gedrevenheid, waar dan een meer natuurlijke beweegreden voor in de plaats komt. Dat is wat ik u toewens. Zo moge het zijn.

*) In mijn boek Voor niets gaat de zon op – een blauwdruk voor een waardige wereld ben ik uitvoerig ingegaan op de verschillende werkelijkheidsbeelden die wij als mensen kunnen hebben (hoofdstuk 3).

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Leren in het donker te zien.

Er worden vaak parallellen getrokken tussen de huidige periode en de dertiger jaren. Is dat terecht? Wat zijn de overeenkomsten en de verschillen?

In beide perioden werd/wordt onze samenleving ernstig bedreigd, en in beide perioden werd/wordt dat gevaar ernstig onderschat. Maar er zijn zeker verschillen. In de dertiger jaren werden we maar bedreigd door één gevaar: de aanval op de democratie en de mogelijke gevolgen daarvan: racisme, dictatuur, immigratiegolven, geweld en oorlog. Nu worden we bedreigd door minstens drie gevaren: weer een aanval op de democratie, maar ook de ondergang van onze fysieke leefomgeving door het gebruik van atoomwapens  dan wel de klimaat catastrofe. En die laatste bedreiging heeft bovendien onomkeerbare gevolgen.

Andere verschillen zijn: we zijn nu veel welvarender dan toen. Het individualisme, materialisme  en consumentisme is verder voort geschreden, en we zijn nog meer gehecht, om niet te zeggen vastgeklonken aan ons comfort en ons bezit. Een ander verschil is dat de gevaren nu abstracter lijken en moeilijker voorstelbaar. Maar ze zijn niet minder reëel.

Er is ook een grote overeenkomst: in grote getale kijken we weg van de bedreiging. Dat was toen zo, en nu is het niet anders. Weliswaar wordt er in de media in toenemende mate over gepubliceerd, maar in ons dagelijkse leven spelen de bedreigingen slechts een marginale rol. Ook onze leiders in de politiek en in het bedrijfsleven lijken de problemen niet echt serieus te nemen. Soms wordt er enige verbale aandacht aan gegeven, maar doortastende maatregelen
blijven uit. Dat komt omdat kiezers en aandeelhouders niet gediend zijn van slecht nieuws. Zou er over de reële gevaren worden gesproken, dan kost dat kiezers dan wel waarde van het bedrijf op de beurs – althans dat denkt men (of dat werkelijk zo is staat nog te bezien. Het is nooit geprobeerd). Enkele voorbeelden: de EU komt maar niet tot een realistische beprijzing van de CO2 uitstoot, de VVD laat elke referentie aan de klimaat problematiek weg uit haar verkiezings program, over klimaat wordt in de verkiezingscampagne niet of nauwelijks gesproken (zelfs niet door GroenLinks), en de Shell, doet vrijwel niets aan de verduurzaming van de energieproductie, hoewel ze al sinds de jaren tachtig waarschuwden voor de noodlottige gevolgen van de opwarming van de aarde door CO2 uitstoot (hoe misdadig kun je zijn?).

Wat kan je hier nu tegen doen? De eerste stap is dat je de toestand onder ogen ziet. Maar dat is als individu vrijwel onmogelijk. Niet voor niets word ik door kennissen en vrienden vaak gezien als een pessimist. Daar zit wat in, al zie ik het zelf  meer als realisme. De situatie is echter zo somber, dat je of vervalt tot machteloze woede, of verlamd als een konijn in de koplampen blijft staren.  Beide is niet bevorderlijk voor je gezondheid en helpt de wereld geen stap verder. Dus moet je wat anders verzinnen. Mensen als Joanna Macy (http://www.truth-out.org/news/item/39448-learning-to-see-in-the-dark-amid-catastrophe-an-interview-with-deep-ecologist-joanna-macy), Peter Senge en Otto Scharmer (de U-methode) wijzen ons de weg. Je moet anderen opzoeken met wie je je zorgen kunt delen. Die kunnen we vinden in ons werk, in onze vriendenkring, in de kerk of in een ander genootschap, in een politieke partij, een cursus of opleiding, een leergroep, of waar dan ook. Of anders vorm je zelf een groep buiten die verbanden om (je kunt mensen ontmoeten bij lezingen, in workshops, meditatiegroepen, yogalessen, enz.). Gedeelde smart is halve smart. Als je gezamenlijk de toestand onder ogen ziet, en daar met elkaar over praat, vind je in het gedeelde verdriet en in de stilte ook troost en moed en onderlinge verbondenheid. En merkwaardigerwijs lucht het ook op als je de werkelijkheid zonder omwegen onder ogen ziet. Dan wordt het ook duidelijk wat je hand en je hart te doen vinden, en als je dat dan doet versterkt dat weer je hoop.
Dus vind een groep, of richt er een op, en deel je angsten en zorgen, tot je gezamenlijk in de put zit. En dan, na een moment van stilte, klim je eruit. Je kunt het licht aan het eind van de tunnel pas zien als je eerst de tunnel ingaat.

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Do not let me become a channel for darkness.

I want to dedicate most of this blog to a quote of Caroline Myss. Better than she I couldn’t say it.

On Holocaust Day, a fews weeks ago, Caroline attended mass, and there the priest said:

“There comes that time, that moment when we must recognize that we are being called forth to take a stand against injustice. That time is now. We can no longer be silent as human beings – many our fellow citizens – face an injustice that comes painfully close to a time that sent others to their death. Today it is the Muslims. Tomorrow it will be some other group of people. This is how the horror that became Nazi Germany began.” Then Caroline continues:

Many of us have been involved in our spiritual development for years. It’s time to reflect upon what that path means for you. The spiritual path is not about finding happiness and love; it is about developing stamina and resilience. It is about recognizing the truth and standing for principles. From truth comes the capacity to love with courage. Happiness is the result of not compromising your values, of making choices with courage – ones that do not betray your inner guidance. You don’t “find” happiness; you generate it from the essence of who and what you are.

Maybe all the years we have invested in reading spirituality and in inner work has been in preparation for this time right now. Protests are going to happen more and more. Unrest is going to grow. We have anticipated “change” happening. But as has always been the case, we never have control over how that change will happen. The choice we do have, however, is to remind ourselves of what we believe to be the Truth. The inner spirit has infinitely more authority over the physical world than chaos. You need to understand how that authority works and you need to trust Divine authority. And you need to cooperate with it. Fear and anger are poison. Teresa of Avila called these forces “reptiles” that contaminate your mind – tools of the darkness. If you start to believe in “dark messages” from the media, tell yourself that a “reptile is trying to get into your mind.” Pray it out of you: “. . .  Grant me the grace to dwell in thoughts that contribute to the healing of humanity. Do not let me become a channel for darkness. Not now. Not ever. Amen.”
I couldn’t agree more.
Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Waarom spiritualiteit?

Spiritualiteit, waar heb dat nou voor nodig? Waarom zou je niet gewoon een zo prettig mogelijke leven nastreven, eventueel aangevuld met wat zorg voor je naasten en wat verantwoordelijkheid voor de wereld om je heen?

Om die vraag te beantwoorden moeten we eerst even vaststellen wat we voor nu onder spiritualiteit verstaan. Voor mij staat spiritualiteit voor het niet zintuiglijk waarneembare, het niet materiële. Het kan zich openbaren als inspiratie, intuïtie, liefde, en een beleving van deel uit te maken van het grote geheel. En het kan zich openbaren als een roeping. Een roeping is een plotseling ‘weten’ dat je een taak hebt te vervullen in dit leven, en weten wat die taak is, al kan je hem misschien niet meteen in detail beschrijven.

Een roeping geeft je leven betekenis. Het maakt je leven niet noodzakelijkerwijs makkelijker, maar wel zinvoller en bevredigender. Iedereen heeft wel een bepaalde functie in dit leven te vervullen, maar niet iedereen is zich daar bewust van. Een roeping maakt je bewust van je functie. Je wordt dan meer dan een zandkorreltje op het strand, dat in principe te vervangen is door iedere ander zandkorreltje.

Als je je roeping wilt vinden is het nodig je spirituele kwaliteiten te ontwikkelen. Ik neem aan dat de gemiddelde lezer van mijn blog wel weet hoe dat te doen , en anders zijn er genoeg boeken en leraren die  de weg kunnen wijzen. Het komt er eigenlijk altijd op neer dat zo aandachtig en bewust mogelijk leven de weg is. Niet voortdurend bezig zijn met de toekomst of het verleden, en een extern doel na streven, maar tijd inruimen voor zoveel mogelijk aanwezig zijn in het hier en nu.

En als je dan je roeping gevonden hebt, ga er dan voor. 100%. Je wordt daar zo blij van! Maar meer dan dat: we hebben je nodig. De wereld heeft je nodig. Ach, dat weet je diep in je hart allang.

De taoist zegt: degeen die de weg volgt behartigt zijn zaken zonder te handelen, en toch blijft niets ongedaan. Dat is het pricipe van Wu Wei, doen zonder doen. Het betekent niet dat je nooit handelt, maar wel dat je acties in lijn zijn met de stroom die speciaal voor jou bestaat, de weg die specciaal voor jou is uitgestippeld. Je roeping dus. Die te volgen geeft een grote rust. Niet dat ik dat zelf altijd heb ervaren – je kunt daaruit concluderen dat ik regelmatig van de weg ben afgedwaald. Tja, erover schrijven is nog wel iets anders dan hem in praktijk brengen. . .

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

De functie van Trump voor de spirituele groei van de mensheid.

Het kwaad bestaat. Zonde bestaat. Dit is een van de spirituele ‘waarheden die Caroline Myss noemt in haar finale ‘salon’. Maar deze stelling heeft weinig betekenis als we kwaad en zonde niet nader definiëren. Ik begin met ‘zonde’.

Zelf heb ik ‘zonde’ vaak gedefinieerd als verspilling van energie. Daar zou je ook ‘verkeerd’ gebruik van energie onder kunnen rekenen. Dat is zonde. Maar het laat natuurlijk onverlet de vraag wat ‘verkeerd’ is. De definite die Caroline Myss geeft helpt ons iets verder: The conscious act of knowing that what you are doing is wrong – and that what you are doing is harming another in any way – and yet you do it anyway – is Sin. De cruciale termen hier zijn ‘conscious’, welbewust, en ‘harming’, schaden. Zo bezien is Trump geen zondaar, want ik neem aan dat hij zich niet bewust is van de schade die hij aanricht – of er in elk geval niet bij stil staat. De Amerikaanse psychiaters die Trump een narcissistic personality disorder’ toeschrijven gaan daar ook van uit – dat is precies waarom Trump zo gevaarlijk is. (Ik vond mijn eigen beschrijving van Trump als hebbende een psychopathische karakterstructuur eigenlijk nog wel zo duidelijk – zie mijn blog van 27 oktober op deze site).

‘Kwaad’ heb ik in het verleden gedefinieerd als alle handelingen die gericht zijn tegen de groei en de integriteit (heelheid) van het leven zelf. Ik deel de mening van Carline Myss dat het een realiteit is, maar ze definieert het verder niet. Wie dat wel doet is Scott Peck (The Road less traveled). Hij definieert kwaad als het gebruiken van macht en dwang om te vermijden dat je zelf geconfronteerd wordt met de noodzaak om spiritueel te groeien. Het gaat vaak gepaard met leugens en het verdraaien van de waarheid. Het kwaad is als regel onbewust; dat onderscheidt het van ‘zonde’. In die zin belichaamt Trump inderdaad het ‘kwaad’.

Kwaad heeft een functie in de wereld. In de woorden van Scott Peck: het dient als een signaal om ons te waarschuwen tegen onze eigen oppervlakkigheid en nodigt ons uit onszelf te zuiveren.  Het helpt ons om ons te bezinnen op wat het ‘goede en het ‘ware’ eigenlijk is, en hoe het staat met het kwaad in onszelf. Onze persoonlijke betrokkenheid bij de strijd tegen het kwaad in de wereld is een van de manieren waarop we groeien. We weten dus wat ons te doen staat.

Wat ik zojuist heb beschreven werkt natuurlijk niet voor diegenen die het kwaad niet als zodanig herkennen. Dat geldt voorshands voor de meerderheid van hen die op Trump hebben gestemd en dat straks op Wilders zullen doen. Voor hen mag je hopen dat ze tot inkeer komen, als de vreselijke gevolgen van wat hun ‘leiders’ hebben aangericht zichtbaar worden. Dat is wat er na de laatste wereldoorlog gebeurd is met die Duitsers die op Hitkler hebben gestemd. Het heilzame effect daarvan is tot op de dag vandaag in Duitsland waar te nemen.

Datum Door erik.van.praag 2 Reacties

Wonderen

Sinds mei 2001 publiceerde Caroline Myss online haar zogenoemde ‘Salons’. Dat waren een soort columns, waarin ze haar wijsheid en  ervaring deelde en soms commentaar gaf op wat er in de wereld gebeurde. Ze is daar onlangs mee gestopt, en vervangt ze nu door wat ze noemt “muse newsletters’, die iets meer dan haar salons ingaan op de actualiteit (muse = reflecteren, overdenken, en ook: geïnspireerd worden – denk aan de oud-griekse ‘Muzen’). Ze heeft haar salons afgesloten met een laatste salon waarin ze puntsgewijs een twaalftal ‘grote spirituele waarheden’ opsomt, die haars inziens de kern vormen van de boodschap die ze in de loop van die jaren heeft ontwikkeld. Sommige van die waarheden zijn volgens mij helemaal geen waarheden, maar aanwijzingen voor hoe je een moreel leven kunt leiden. Niettemin is de lijst interessant, en ik zal in dit en mijn volgende blogs op enkele van die ‘waarheden’ ingaan.

Vandaag de eerste waarheid: Wonderen bestaan. Deze wet stemt overeen met de Course in Miracles die daarover zegt: ‘Miracles are natural. When they do not occur something has gone wrong’. Caroline Myss zegt daarover: Wonderen gebeuren allen bij mensen die dapper en moedig in het leven staan en vertrouwen hebben in het feit dat ze geleid worden. Bij mensen die hoopvol zijn en blijven doorgaan ondanks tegenslag (en daarmee hun hoop weer voeden, zou ik er aan toe willen voegen). Ze gebeuren met name niet bij mensen die geestelijk lui en klagerig zijn.

Zelf heb ik mijn leven vele wonderen ervaren (hoewel ik mezelf niet bijzonder dapper vind, en ook niet altijd ben doorgegaan bij tegenslag, maar kennelijk was het toch voldoende om wonderen deelachtig te worden). Over enkele ‘grote’ wonderen heb ik eerder gepubliceerd, dus dat wou ik hier maar even laten zitten. Als het goed is brengt elke dag wel een of meer wonderen met zich mee, soms grote, soms ‘kleinere’ die bij nadere beschouwing toch iets groots blijken te hebben. Maar we gaan er soms achteloos aan voorbij zonder ze op te merken. Zo dacht ik bij het schrijven  van dit blog: maar gisteren was toch een wonderloze dag? Niet dus. Er waren er verschillende, maar ik zal er één beschrijven. Daarvoor moet ik eerst iets vooraf vertellen.

Sinds jaren hebben wij een zeer neurotisch poesje, dat we overgenomen hebben van een kennis, die haar op haar beurt had overgenomen van een familielid. Wat er met dit poesje gebeurd was weet ik niet, maar ze liet zich in elk geval niet oppakken, laat staan strelen. Na enige pogingen hebben we haar maar aan zichzelf overgelaten, en haar verder gevoed en verzorgd. Na jaren begon ze een merkwaardige gewoonte te ontwikkelen: ze streek af en toe langs mijn benen en begon kopjes te geven aan mijn voeten. Tezelfdertijd ging ze soms naast Anne op de bank liggen en liet zich voor het eerst aanraken.

Nu volstrekt zich iedere avond eenzelfde ritueel. Als na de avond meditatie de bel klinkt springt ze van een kruk af, waar ze al heeft zitten wachten, en gaat klaar zitten op steeds dezelfde plek in de keuken. Dan ga ik voor haar staan, en geeft ze kopjes aan mijn voeten terwijl ik haar liefdevol toespreek en over haar rug en in haar nekje aai. De ene keer wil ze dat wat langer, de andere keer gaat ze wat eerder weg. Maar het moet gebeuren! Is dat niet wonderlijk?

Als u getuige wil zijn van een wonder, ga dan naar de film The Idol, op 12 februari ’s middags. Georganiseerd door de Vrienden van de Hope Flowers School. Zie de tijdlijn op mijn facebookpagina: https://www.facebook.com/erik.vanpraag

 

Datum Door erik.van.praag 5 Reacties