groei

De neergang van onze economie. Onvermijdelijk?

In NRC/Handelsblad van zaterdag 29 oktober stond een artikel over het onderzoek van prof. Van Bavel over de vrije markt economie. Verontrustend.

Prof. Van Bavel heeft, met zijn medewerkers, een diepgaand historisch onderzoek verricht naar de opkomst en ondergang van de vrije markt in die landen en perioden waarin een echte vrije markt zich ontwikkeld had: Irak, 6e tot de 11e eeuw, Italië, 11e tot de 16e eeuw, en de Lage Landen van de 13e tot de 18e eeuw. Het patroon is in al die landen hetzelfde. Uit een periode van onrust en opstanden ontstaat een situatie van gr0te gelijkheid voor de burgers, zowel op politiek niveau als op het gebied van de welvaart. Door de vrije markt stijgt die welvaart in eerste instantie, maar al snel ontwikkelt zich een kleine elite die meer profiteert dan de rest en ook meer macht verwerft. Om zijn macht en rijkdom te behouden schermt deze elite zich steeds meer af en begint dwangmiddelen toe te passen. Voor de opgepotte rijkdom vindt de elite steeds minder toepassingen binnen de samenleving, en dan wordt het geld in speculatieve beleggingen in binnen- en buitenland geïnvesteerd. De economische groei stopt en de daling van de welvaart zet in. Een periode van economische stagnatie en economische krimp begint.

economische-crisis-vector-46511483Van Bavel ziet dat proces ook nu plaats vinden in de VS en Europa. Het kantelpunt van de groei ziet hij in de jaren 60 in de VS, en in de jaren 90 in Europa. Dat betekent dat onze economie in een structurele neergang is beland, die niet met de methoden van de vrije markt economie meer is te stoppen.

De conclusies van Van Bavel zijn gebaseerd op grondig varkensspaarvarken-economische-crisis-61865861onderzoek, maar ik denk dat iedereen die bereid is te kijken zijn conclusies kan delen. Het verklaart mijns inziens voor een deel de grote aanhang van populisten als Trump, LePen en Wilders. Zij spreken met name ook die kiezers aan voor wie de neergang al is begonnen, of in de nabije toekomst dreigt.

Is dit doembeeld af te wenden? Jawel, maar dat zou een volslagen ander inkomsten- en vermogens-belastingstelsel vergen, en een weer meer regulerende overheid. Daarvoor zou een verstrekkende sociale omwenteling nodig zijn. Het valt niet te verwachten dat gevestigde belangen daartoe bereid zijn. Het zal dus alleen gebeuren, goedschiks of kwaadschiks, als een grote massabeweging zich hiervoor zou inzetten. Zal de opstand der horden altijd op een kwalijk leiderschap uitlopen, waarbij de horde uiteindelijk weer niets te zeggen heeft en aan het kortste end trekt? Of zijn er ook andere scenario’s mogelijk, waarbij de massa juist een zegenende invloed zou kunnen hebben. Ik denk daar de laatste tijd veel over na en nodig u uit dat ook te doen.  Als ik daar nieuwe inzichten over heb zal ik er zeker op terug komen.

Literatuur: Bas van Bavel, The Invisible Hand? 2016

 

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

De knop gebroken.

Veel mensen dragen negatieve denkbeelden mee over zichzelf . Enkele voorbeelden: ik word niet gezien/geaccepteerd voor wie ik ben, ik mag er niet zijn, ik ben volslagen machteloos, ik ben dom, stout, slecht. Aan die laatste formuleringen kan je zien dat deze denkbeelden vaak worden opgedaan in de vroegste kindertijd. Die denkbeelden worden later op grond van nieuwe informatie of goedbedoelde adviezen vaak terzijde geschoven of onderdrukt. Maar daarmee zijn ze niet weg, ze leven in het onderbewuste voort. En zoals bekend hebben onbewuste denkbeelden vaak meer invloed op je leven dan bewuste. Ze hebben de neiging zichzelf waar te maken. En voor ouders: je draagt ze vaak onbewust over op je kinderen. Zo ben je er zelf waarschijnlijk ook aan gekomen.

Om na te gaan of je dit soort negatieve zelfbeelden bij je draagt is een scrupuleus zelfonderzoek noodzakelijk. Vaak helpt het om eerst de negatieve zelfbeelden van je ouders te onderzoeken. Vaak vind je sporen daarvan bij jezelf. Je kan ook kijken nar je eigen gedrag. In welke vicieuze cirkels kom je terecht? Wie kan je raken op je kwetsbare punten (de rode knoppen bij jou)? Dat zijn vaak sleutels voor je negatieve zelfbeelden. Hoe dit zij, ik ken niemand die niet enige negatieve zelfbeelden bij zich blijkt te dragen.

Maar hoe kom je daar nu van af? Het helpt niet om je negatieve dekbeelden te onderdrukken en je het tegendeel in te prenten, want dan ontstaat er een innerlijke tweestrijd tussen beide denkbeelden, die in feite beide denkbeelden versterkt, met alle onvrede van dien. Wat wel helpt is een ander denkbeeld vinden waar je in gelooft, dat het negatieve denkbeeld ontkracht, en dat te versterken door het aandacht te geven. Bijvoorbeeld: het denkbeeld ‘ ik ben volsagen machteloos’ wordt niet onschadelijk gemarkt door het denkbeeld: ‘ik ben machtig’ (want dat geloof je toch niet), maar wel door het denkbeeld: ‘ik maak verschil’ of: ‘ik geloof in mezelf”.

imagesAls je dusdoende succesvol bent in het onschadelijk maken van je negatieve zelfbeeld(en) kan je het resultaat bestendigen door het dichten van een of meer haiku’s, die een metafoor zijn voor het proces dat je doormaakt. Een klassieke haiku bestaat uit drie regels van resp. 5, 7 en 5 lettergrepen, staat in verband met de natuur, en beschrijft een interessante wending of transformatie. Enkele voorbeelden die slaan op het bovenstaande voorbeeld:

  • de knop gebroken
  • zaad valt op vruchtbare grond
  • stralende toekomst

of:

  • de lege woestijn
  • onverwachte regen valt
  • op zaad dat ontkiemt.

Succes ermee! Als je het leuk vindt, zet ze dan maar eens op Facebook.

 

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Het groeidossier, deel 7. Van angst naar hoop: een lerende samenleving.

Onze samenlevingen leren niet of nauwelijks van fouten in het verleden. Voorbeeld: een belangrijke oorzaak van de economische crisis van 1929 was het afschaffen van allerlei wetten en regels die de financiële markten moesten reguleren. Na 1929 zijn daarom weer vele regels en wetten ingevoerd, die in de loop van de jaren weer zijn afgeschaft. Een belangrijke oorzaak van de economische crisis van 2008 was het ontbreken van allerlei wetten en regels die de financiële markten moesten reguleren. Na 2008 zijn weer vele regels en wetten ingevoerd, een proces dat nog steeds gaande is. Die zullen  in de loop van de jaren onder druk van o.a. de banken weer worden afgeschaft. Tenzij dat onder druk van een veranderende wereld niet meer kan. Een soortgelijk cyclisch proces zien we ook op vele andere terreinen, zoals rond privatisering, fusies, en zo voort. Conclusie: we zijn geen lerende samenleving.

In het algemeen houden we niet van informatie die niet strookt met onze wensen en opvattingen. Als we een rotsvast vertrouwen hebben in de heilzaamheid van een ongereguleerde markt, dan zullen we niet openstaan voor onderzoek dat laat zien dat die niet werkt. Als we geloven dat alle heil komt van economische groei, dan zullen we niet open staan voor informatie die stelt dat we dat niet nodig hebben. Als we geloven dat het met de opwarming van de aarde wel mee valt, dan zullen we niet open staan voor berichten die daarmee in strijd zijn, zeker niet als de consequenties daarvan voor ons onplezierig zijn. Als we vinden dat we de grenzen moeten afsluiten voor asielzoekers dan willen we natuurlijk niet weten dat dat helemaal niet kan. Als we denken dat wij het meest perfecte voetbalsysteem ter wereld hebben kijken we niet meer bij de buren of die het beter doen. Als we een afschuw hebben van gentechniek staan we niet open voor hen die beweren dat we daarzonder een wereldwijde voedselcrisis niet kunnen vermijden (en dan prefereer je hongersnood boven de ontwikkeling van ‘Gouden Rijst’). Als we mordicus tegen kernenergie zijn, dan willen we niet weten dat een drastische beperking van de CO2 uitstoot op korte termijn  waarschijnlijk niet zonder kernenergie kan (Als mevrouw Merkel wat dat betreft iets minder beperkt had gedacht, dan was Duitsland nu leidend geweest op het gebied van de vermindering van CO2 uitstoot, in plaats van dat het land bruinkool blijft winnen en verstoken in op bruinkool gestookte centrales).  Enzovoort en zo verder.

329

We leren dus niet alleen niet van het verleden, maar ook niet zoveel als zou kunnen van het heden. Wat we als samenleving werkelijk nodig hebben is geen materiële groei, maar een groei in inzicht en wijsheid. Alleen daardoor zullen we collectief de creativiteit ontwikkelen die nodig is voor het omgaan met de economische en ecologische uitdagingen waarvoor onze samenleving zich gesteld ziet. Een voorwaarde voor de ontwikkeling van inzicht en wijsheid is openheid van geest. Een houding waarbij we niet alleen denkbeelden toelaten die mogelijk met onze vooropgezette meningen in conflict komen, maar ook open staan voor wat er werkelijk in de wereld aan de hand is. Dat vraagt van ons dat we leren omgaan met angst.

Een goed voorbeeld vind ik nog altijd wat er in Engeland gebeurde aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. Geconfronteerd met de aanval van nazi-Duistland stond er daar een leider op die twee dingen deed: hij liet zien dat er offers gevraagd werden om het gevaar het hoofd te bieden, maar ook, dat er met die offers hoop zou zijn op een mooie toekomst in vrijheid. De dreiging voor Engeland was natuurlijk veel acuter en concreter dan de dreigingen waar wij vandaag voor staan: economische chaos en klimaatrampen. Maar die dreigingen zijn daarom nog niet minder reëel. Ook nu is het nodig dat we die onder ogen zien, in plaats van uit angst ons blikveld te vernauwen. Dan weten we dat we ook nu offers zullen moeten brengen, maar dat zullen we graag doen als we tegelijkertijd hoop kunnen houden op een betere toekomst.

imagesOm draagvlak te vinden voor een dergelijke transformatie in ons denken is het allereerst nodig dat wij als samenleving investeren in cultuur: onderwijs, kunst, filosofie, wetenschap, publieke omroep. Daar komen weldenkende mensen van. Dan zullen er opinieleiders opstaan, niet noodzakelijkerwijs politici, die ons voorgaan in ruimdenkendheid en realiteitsbesef. Die de uitdagingen en de mogelijkheden laten zien. (Misschien bent u nu al zo’n opinieleider) Dan zullen we ontwikkelen tot een lerende samenleving, en zal onze geestelijke groei het ons makkelijker maken om onze verslaving aan materiële groei los te laten. Maar er zijn nog meer mogelijkheden – wordt vervolgd.

 

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

Het groeidossier, deel 6. Leven is groeien (en sterven, tja. . . ).

Alle levende organismen groeien. Groeien is een wezenskenmerk van het leven zelf. Er zijn twee soorten groei: groter worden, en complexer worden. We zien tijdens de levensduur van een organisme vaak vier fasen: groei, bloei, vrucht dragen en afsterven. Dat kunnen ook de fasen binnen een seizoen zijn, zoals bij planten en bomen.

Bij mensen en van mensen afgeleide organismen en systemen (gemeenschappen, organisaties, samenlevingen) gaat het iets anders. In het begin zien we dat het groot groeien en het complexer worden hand in hand gaan. Na enige tijd stopt in een organisch groeiproces het groter worden – bij organisaties en samenlevingen wordt dat soms geforceerd voortgezet, met alle schadelijke gevolgen van dien – en komt het accent te liggen op complexer worden. Dat complexer worden wordt dan meer en meer een geestelijk proces: ontwikkeling van kennis, competentie, inzicht, wijsheid, creativiteit en compassie. Als dat geestelijk proces tot stilstand komt zet het stervensproces in.

Leven is groeien. Dat geldt voor mensen, maar ook voor bedrijven, organisaties, maatschappijen. Maar dat hoeft geen materiële en kwantitatieve groei te zijn; het kan ook geestelijke en kwalitatieve groei zijn. Als we dus af willen van het paradigma van economische groei is het een goede oplossing om meer aandacht te geven aan collectieve geestelijke groei. Dan kunnen we als samenleving toch vitaal blijven.

De ziekte van deze tijd lijkt wel te zijn dat de aandacht voor materiële en economische groei gaat ten koste van de aandacht voor geestelijke groei. Er is wel een tegenbeweging gaande: de toenemende aandacht voor persoonlijke ontwikkeling. Maar persoonlijke ontwikkeling is nog geen geestelijke groei op maatschappelijk niveau. Om op maatschappelijk niveau geestelijk te groeien is een cultuur nodig die daar prioriteit aan geeft, en de structurele voorwaarde schept voor maatschappelijke geestelijke groei.

Is de geestelijke maatschappelijke groei dan helemaal tot stilstand gekomen? Nee, maar de groei is wel eenzijdig ontwikkeld. Het accent ligt op het ontwikkelen van praktisch toepasbare kennis, in het bijzonder het leren omgaan met de virtuele wereld, en meer op techniek dan op wetenschap en kunst. Het is niet voor niets dat wetenschap vandaag de dag aanzienlijk aan aanzien heeft ingeboet, en dat er drastisch bezuinigd wordt op kunst, filosofie en cultuur. Dit soort beperkte geestelijke groei kan het vitale verlangen naar geestelijke groei niet bevredigen. Als compensatie gaan we dan maar spullen kopen. Ziehier een derde, meer fundamentele reden waarom we zo verslaafd zijn aan economische groei. We willen meer, en steunen dus politici die ons dat beloven.

Als we van onze materiële verslaving af willen moeten we deze trend keren. Dat betekent op individueel niveau dat we ons meer moeten inspannen om ons geestelijk te ontwikkelen. Dat houdt nogal wat in, maar het voert te ver om daar nu op in te gaan. Graag verwijs ik voor geïnteresseerden naar mijn meest recente boek: Op weg naar jezelf – een pelgrimsreis in zeven etappes.

Maar zelfs als we allemaal meer aandacht zouden geven aan ons persoonlijk Unknowngroeiproces, is dat nog geen maatschappelijke groei. Omgekeerd is die persoonlijke groei echter wel een noodzakelijke voorwaarde voor die maatschappelijke groei. Maar voor maatschappelijke groei is bovendien een opschaling nodig naar meso- en macroniveau. In de volgende blogs zal ik laten zien wat dat volgens mij inhoudt, en een model van maatschappelijke geestelijke groei verder uitwerken.

Wordt vervolgd.

 

Datum Door erik.van.praag 5 Reacties

De regering past op de winkel.

De bekende Gestalt therapeut Fritz Perls heeft eens gezegd: “Er zijn drie soorten shit: chicken shit, bull shit en elephant shit. Met ‘chicken shit’ bedoelde hij de cliché’s die we in het dagelijks spraakverkeer bezigen, zoals: “Mooi weer, vandaag,” of “Hoe gaat het me je?”. Met ‘bullshit’ bedoelde hij de redeneringen waarmee we ons eigen gedrag verklaren, meestal met de bedoeling het goed te praten of om onze verantwoordelijkheid weg te redeneren. Onder ‘elephant shit’ verstond hij de semi-wetenschappelijke theorieën van psychologen en psychiaters. Mijns inziens is er nog een soort shit: dinosaurus shit: de taal die politici bezigen om het nut van hun werk te verdedigen.

Neem de Troonrede. Omdat andere zaken mijn aandacht vroegen kom ik er nu pas over te spreken, wat het voordeel heeft dat ik het nu ook kan hebben over de Algemene Beschouwingen. De Troonrede is een prachtig voorbeeld van dinosaurus shit. Dat blijkt uit het feit, dat hij in drie woorden is samen te vatten: Business as usual. In het Nederlands heb ik trouwens zes woorden nodig om de Troonrede (ruwweg 2000 woorden) samen te vatten: De regering past op de winkel. Ik overdrijf, er staat, in een bijzinnetje, ook nog een maatregel in: het nieuwe deltaplan. En ook worden er enkele behartenswaardige woorden gezegd over de bescherming van de rechtsstaat. Maar daarmee is het wel gezegd.

Deze volstrekte nietszeggendheid roept bij de kamerleden een viertal reacties op: 1. Tevredenheid, zelfgenoegzaamheid 2. Het kabinet bakt er niets van (Wilders en Roemers), 3. Het kabinet heeft geen visie,  en 4. Meer daadkracht is nodig. Zo wil Buma een nieuwe kerncentrale en Pechtold belastinghervorming, en wel NU. Over het idee van Buma is een vernietigend  en humoristisch artikel geschreven door Jan Paul van Soest in Trouw, zie https://www.trouw.nl/tr/nl/4500/Politiek/article/detail/3749428/2014/09/17/Op-welke-vraag-is-nieuwe-kerncentrales-het-antwoord.dhtml). En wat de haast bij de belastinghervorming betreft: we hebben nog steeds, wonderlijk genoeg, een redelijk functionerende belastingdienst. Wat te snelle en ondoordachte ingrepen kunnen uitrichten leert ons bijvoorbeeld het bizarre declaratiestelsel in de gezondheidszorg, of de desastreuze effecten van alle maatregelen die de heer Dekker nu weer over het onderwijs uitstort (geheel in tegenstelling tot het advies van de commissie Dijsselbloem). Voor deze onzin hebben Kamer en Kabinet dan twee volle werkdagen nodig  (Wiebes: volhouden hoor! Laat je niet opjutten!) .

Maar wat staat er niet in de Troonrede? Er wordt gezegd dat dit kabinet geen visie heeft. (Wat is er trouwens mis met het oude woord beleidsvoornemens?). What’s new? Maar inderdaad, in de Troonrede had bijvoorbeeld kunnen staan:

1. De regering neemt zich voor het energiebeleid grondig te herzien. Het pas afgesloten energie-akkoord zien we als een eerste stap, maar er moet veel meer gebeuren: een totale transitie naar een ander energiessysteem is nodig. De regerling stelt een denkgroep in om daarvoor een plan te ontwikkelen.

2. Hetzelfde geldt voor de klimaat politiek. De regering zal er in de EU op (blijven) aandringen de kosten van CO2 emissies aanzienlijk te verhogen.

3. De regering zal zich in eigen land en in Europa inzetten voor een drastische hervorming van de landbouw en de eetgewoonten. Er moet een absoluut verbod komen op het toedienen van antibiotica aan gezonde dieren. Vleesproductie en -consumptie zullen ontmoedigd moeten worden (door voorlichting en wellicht fiscale maatregelen), boeren moeten ondersteund worden in het omschakelen van vleesproductiebedrijven naar akkerbouw (niet voor veevoer, maar voor menselijke consumptie).

4. Het blijkt dat de wetenschap nog geen oplossing kan aandragen voor het vraagstuk van hoe een werkelijk duurzame economie in te richten (volledige werkgelegenheid, ecologisch neutraal). Er is nog geen oplossing voor het bereiken van werkelijk duurzame groei, al zijn er wel al enige aanzetten (circulaire economie). De regering zal bevorderen, zowel binnenslands als internationaal, dat de bestudering van dit vraagstuk de hoogste prioriteit krijgt, bijvoorbeeld door het oprichten van een panel naar analogie van het klimaatpanel (IPCC).

Enzovoorts, en zo verder. Een dergelijk beleid zal niet makkelijk te verdedigen zijn, en er zullen vele maatschappelijke discussies losbarsten. Dat zou mooi zijn. Hoezo geen betrokkenheid bij de politiek? Als het maar ergens over gaat, dan komt die betrokkenheid er wel – zie bijvoorbeeld het referendum in Schotland. Maar het vraagt wel dat politici hun nek uitsteken, zoals de Schotse premier heeft gedaan. En ja, dan kan je ook verliezen, en met ere en vlag en wimpel het veld ruimen. Altijd handig als je bij de hemelpoort komt en Petrus vraagt: “Wat heb je gedaan?”, dat je dan naar eer en geweten kunt zeggen: “mijn best”. Ja, dan verdien je wel een plekje in de Hemel. Dat geldt trouwens niet alleen voor politici.

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

The future belongs to those who believe in the beauty of their dreams.

Unknown“I know not with what weapons World War III will be fought, but World War IV will be fought with sticks and stones.” ― Albert Einstein.

Our economy system is a mess. Inequality in personal wealth is a threat to our democracy and to peace. The unemployment rates all over the world are a threat to our democracy as well. Banks and financial institutions do exactly the same things as before the 2008 financial crisis. (In the London city they are certain that the next crisis is nearby, and this time the governments will not have the money to ‘solve’ it). Economic interests create war all over the place. There is no answer to the question how to grow without aggravating the ecological crisis. There is no agreement among experts about how to solve all these problems. Political parties , left and right, are failing to turn up. We simply DON’T KNOW. In the meantime governments frantically try to promote economic growth to no avail.

Research, both in the US and in the Netherlands show that the vast majority of the well-to-do don’t give a damn. As long als they can accumulate wealth in the short term, more, more, more, they don’t care. This is especially true for the very rich ones (there are exceptions of course). Montesquieu, the great philosopher about the political system and democracy, already said it: ‘Love for democracy is love for equality.’  But in this society another value completely pushes this value of equality aside: the value of absolute freedom, the right to act as one pleases no matter what.

The ecological and  economical problems and the problems of war and peace are all interconnected. No improvement or sustainable progress can be reached in one of these areas separately. What to do?

I think the first step is to make explicit which is the society we want. Not in general terms, but in concrete images and concepts. That we have to do each for him or herself, and then also on a collective level. This issue should be the object of dialog in each school, in each firm, in each political party and in each institution. There should be one or more special think tanks to discuss this matter and to develop a vision. Then the next step should be to develop ideas about how to get there. Then, at last, we probably have assembled enough courage to look at the present situation as it is in all its horror. We then do not have to talk about it anymore in vague, non committing terms, as we do now. And then, probably, we’ll develop the political will to move. Many problems will show itself on our way, but in the end a radiant future then may lie before us.

All big changes of our time started with movements  bottom up: the French revolution, the fall of the Berlin Wall and the Soviet Empire, the fall of the apartheid regime of South Africa, the liberation of India and Pakistan. Then great leaders understood the signs of the time and could pick up and channel the energy of the masses. Something like that could happen today. Big crises could catalyze that process.

Our responsibility is to start each for ourselves. Let’s start today, and develop our vision about the future, and share that with everyone, wherever we come, and whoever we meet. As Eleanor Roosevelt said: “The future belongs to those who believe in the beauty of their dreams.” And John F. Kennedy: “We have come too far, we have sacrificed too much, to disdain the future now”.

By the way: a good way to start is to go to the nearby MasterPeace concert on Peaceday, september 1st. In 40 countries in the world. The Dutch concert is in Ziggo Dome, Amsterdam. See: https://www.masterpeace.org

For this blog I heavily rely on the article of Marcel ten Hooven in NRC/Handelsblad of August 24. 

(I apologize for mistakes in my English. Blogs are cursory – not stuff for correction by a native speaker).

 

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

Mijn bureau opruimen voor de vakantie.

In dit laatste blog voor mijn vakantie wil ik nog wat zaken afhandelen die al een tijdje op mijn bureau liggen. Daarmee is deze blog wel wat aan de lange kant geworden, maar u hoeft het natuurlijk niet allemaal te lezen.

In de eerste plaats staat er in Letter en Geest, de bijlage van Trouw, van 10 mei een bizar artikel van Jaffe Vink, als een soort voorpublicatie van zijn te verschijnen boek: ‘Wie is er bang voor de vooruitgang’. In dit artikel wordt het rapport van de Club van Rome, ‘Grenzen aan de Groei’, uit 1972 afgekraakt, en worden de reacties hierop in politiek en samenleving als overdreven, ja zelfs hysterisch afgedaan. Uit het artikel blijkt overduidelijk dat de heer Vink het rapport niet heeft begrepen. Dat komt ervan als ondeskundigen zich met ingewikkelde materies gaan bezig houden zonder  de moeite te nemen zich er echt in te verdiepen.  De strekking van het artikel is dat we ons overdreven zorgen maken over de toekomst, en als zodanig past het
Vervolgens word ik wat moe van het optimisme in bladen als P+ en De Optimist  (de opvolger van Ode, bijlage van NRC/Handelsblad van 10 mei). Deze bladen staan vol met duurzame oplossingen die de wereld zullen redden. Quod non. Daarmee is niets gezegd ten nadele van de projecten en producten die in die bladen gepresenteerd worden. In tegendeel, meestal zijn het uiterst zinnige projecten, die een bijdrage kunnen leveren tot de noodzakelijke transitie waarvoor we staan. Maar ook niet meer dan dat. Alle zogenaamde ‘cradle to cradle’ projecten bijvoorbeeld geven vaak wel aan hoe grondstoffen hergebruikt kunnen worden, maar geven voorshands geen oplossing voor het energiegebruik dat daar voor nodig is. Gemakshalve gaan ze er meestal van uit dat de benodigde energie uiteindelijk wel duurzaam zal worden opgewekt. Maar daar zijn we nog lang niet , en dat zal ook nog wel even duren (alleen enkele kleinschalige projecten kunnen ook in dit opzicht de toets der kritiek doorstaan). Waar ik zo moe van word is van de overspannen verwachting dat het heil van onze toekomstige wereld door dit soort ondernemingen binnen handbereik ligt. Maar daarvoor is echt nog wel wat anders nodig.  Wat nodig is, is een totale “Umwertung aller Werte’, gebaseerd op solidariteit met onze minder bevoordeelde medemens en toekomstige generaties. Daaruit zal dan hopelijk een revolutionaire, structurele verandering van ons economische stelsel voortvloeien. Dat daarbij ons huidige niveau van welvaart gehandhaafd zal kunnen worden lijkt me uitgesloten. Dat lijkt me een illusie die ook in de milieubeweging en in links-politieke hoek nog wel eens gekoesterd wordt.artikel uitstekend in de trend om de klimaatverandering en de waarschijnlijk desastreuze gevolgen daarvan te betwijfelen (Zie ‘De Twijfelbrigade’ van Jan Paul van Soest). Als zijn hele boek dit niveau heeft, moeten we er niet veel goeds van verwachten. Wat bezielt de krantenredacties toch om dit soort artikelen te plaatsen, in dit geval de redactie van Letter en Geest, die in 2006 al tot de conclusie was genomen dat de heer Vink niet helemaal in het redactiebeleid van Trouw paste, om het maar gematigd uit te drukken.

Overigens stond er in datzelfde nummer van De Optimist wel een heel leuk stuk over Masterpeace, waarin we konden zien hoe in verschillende deelprojecten in landen over de hele wereld dapper gestreden wordt tegen racisme en voor vrede. Hier is de link naar het artikel: 0514NRC Masterpeace

En dan iets over de meer korte termijn. Zoals Marike Stellinga schrijft in NRC/Handelsblad (10 mei) is de eurocrisis niet voorbij, zoals de heer Dijsselbloem stelt. Dat kan ook helemaal niet omdat er een structurele werkloosheid is die niet kan worden opgelost door meer economische groei volgens het neoliberale model. En dat is het enige model dat Europa kent en hanteert. Groei volgens dit model is echter nog lang niet duurzaam, en draagt dus bij tot het klimaatprobleem. We weten gewoon niet hoe we het werkloosheidsprobleem kunnen aanpakken, en tegelijkertijd de transitie kunnen maken naar een duurzame economie.

Zou het kunnen zijn dat de weerstand tegen ‘Europa’ mede veroorzaakt wordt doordat onze ‘leiders’ consequent weigeren de werkelijkheid onder ogen te zien zoals die is? Of zou het komen doordat de Unie, uitgaand van de neoliberale ideologie, dus van het primaat van de markt met weinig overheidsingrijpen, tegelijkertijd een enorme regelzucht ten toon spreidt?

Ik hoor van alle kanten dat de aanstaande Europaverkiezingen in wezen een keuze tussen voor of tegen tegen ‘Europa’ zijn. Maar dat gaat het natuurlijk helemaal niet over. Mijns inziens is de werkelijke keuze  die tussen een neoliberaal. superkapitalistich Europa, en een Europa dat gaat voor het beschermen van onze ‘commons’, onze gemeenschappelijke waarden en natuurlijke hulpbronnen, met een noodzakelijke rol van de nationale en Europese overheid. Als je het zo bekijkt is de keuze niet moeilijk: de partijen zijn betrekkelijk eenvoudig te rangschikken van superkapitalistisch aan de ene kant, via gematigd liberaal tot een duurzame economie aan de andere kant. Moet je natuurlijk wel even weten met wie die partijen in het Europees parlement een fractie vormen. (D66, bijvoorbeeld, zit in de fractie van de liberalen; een stem op D66 is dus gelijk aan een stem op de VVD).

imagesVoor wat mij persoonlijk betreft – ik neem even drie weken vakantie van mijn eigen gepieker. Ik hoop wel dat het in Kroatië, waar ik naar toe ga, dan wat mooier weer is dan vorige week. Toen was het daar koud en nat, terwijl het hier warm was en de zon scheen. Ik ontmoet  u over drie weken weer – wordt vervolgd.

 

 

Datum Door erik.van.praag Laat een reactie achter

Wees uzelf, zei ik tot iemand. . .

Vorige keer heb ik beloofd wat dieper in te gaan op de begrippen persoonlijke ontwikkeling en persoonlijke groei. Daarover bestaan mijns inziens veel misverstanden. In het hiernavolgende maak ik geen onderscheid tussen beide begrippen.

Veel mensen beschouwen persoonlijke ontwikkeling als de ontwikkeling van kennis en vaardigheden. Anderen hebben het over het je bewust worden van wat je beweegt, van je hogere levensdoel of van je bestemming. Weer anderen hebben het over zelfkennis. Geen van deze definities dekt voor mij het begrip helemaal. “The person who has the courage to know himself, is the warrior of the heart”  is een citaat van mijn vriend en leermeester Danaan Parry (1939-1996), dat ik vaak gebruik. In dit citaat zitten drie elementen: courage (moed), hart en weten. Bij elkaar vormen die drie een aardige omschrijving van wat ik persoonlijke ontwikkeling noem. Maar eerst: wat is een ‘warrior of the heart’?

In sommige tradities bij Amerikaanse Indianen was the Warrior of the Heart een van de ‘elders’ van de stam, een wijze oude man die functioneerde als het geweten van de stam. Hij werd geraadpleegd bij morele kwesties, zag erop toe dat de stam en zijn leden ‘juist’ handelden, en bemiddelde bij conflicten. Een dergelijke figuur treffen we ook aan bij bepaalde sekten in het Tibetaans Boeddhisme. Hij is niet het stamhoofd of de leider van de sekte, maar een wijze raadgever, die naast de leider staat buiten de hiërarchie.Deze figuur kan een symbool zijn van waar we naar toe willen groeien in onze persoonlijk ontwikkeling. Maar om daar te komen is allereerst moed nodig: de moed om onder ogen te zien wat is: in onszelf en buiten ons zelf. Dat is vaak een pijnlijk proces, en confronteert ons met de angst die in ieder van ons aanwezig is, bewust of onbewust. Daarom is er moed voor nodig. Moed is een kwaliteit van het hart. Dat zien we aan het woord zelf: moed is afgeleid van het middelnederlands ‘moet’ (hartstocht, gemoed) dat zelf weer oudere wortels heeft. We zien het ook aan het Engelse en Franse courage, dat afgeleid is van het Latijnse ‘cor’ (hart). Moed is een gemoedsbeweging. Moed bestaat bij de gratie van angst en uitdaging: als we onze veiligheidsgebied verlaten en het gebied van onze ‘ growing edge’ betreden: het terrein waar we doorheen moeten gaan om verder te komen op de weg van onze groei (zie afbeelding hieronder). En zo komen we  dan in contact met ons ‘ge-weten’, datgene wat we altijd al geweten hebben maar ons tot nu toe niet bewust waren.

Growing edge

Zo bezien is persoonlijke ontwikkeling een levenslang proces, dat spontaan plaats vindt, maar meer of minder  diep kan gaan. Om je maximale diepte en hoogte te bereiken moet je er echter expliciet tijd aan besteden en volhouden wanneer het even moeilijk wordt. En dan zal het proces, zoals eerder gezegd, vaak angstig en pijnlijk zijn. Daarom is er discipline nodig, en daarnaast kan een leraar of leergemeenschap, de sangha waar ik het vorige keer over had, zeer behulpzaam zijn. Een leraar en/of een sangha kan je ook helpen je blinde vlekken te zien. Soms is een leraar of sangha een voorwaarde om vol te houden, maar in elk geval is een sangha altijd ondersteunend, inspirerend en bezielend.

Over persoonlijke ontwikkeling is natuurlijk nog veel meer te vertellen. Er zijn boeken over vol geschreven (ook door mij). Maar voor een blog lijkt me dit wel voldoende.

“Wees uzelf, zei ik tot iemand, maar hij kon niet, hij was niemand.” (P.A. de Genestet) Ik mag toch niet hopen dat u zo een keer wordt waargenomen. U bent natuurlijk al uzelf, maar ik wens u toe dat dit zich ook in de wereld manifesteert. Dat zal u een gevoel geven van het leven ten volle te leven, maar bovendien: wij hebben u nodig!

 

P.S. Op mijn vorige blog kwam een reactie binnen van Mauk Pieper van Venwoude, die stelde dat ik de sangha van Venwoude over het hoofd had gezien. Voor mijn weerwoord: ga naar mijn vorige blog en kijk bij reacties.

 

 

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie

De zorg van een professional

Als professional zit ik enigszins met mijn handen in het haar. Ik word nogal eens geraadpleegd door mensen die behoefte hebben aan een doorgaande groep voor hun persoonlijke en spirituele ontwikkeling. Zelf heb ik jarenlang dergelijke groepen begeleid: groepen die die jarenlang bijeen kwamen – in principe voor onbepaalde tijd voor  bijvoorbeeld een dagdeel per maand -, waaraan je zolang kon deelnemen als je wilde, met een minimum verplichting voor een half jaar (zes bijeenkomsten van één dagdeel). Een van die groepen bestaat nog (een mannengroep) en werkt nu zonder leiding. Zelf leid ik nog alleen maar de Heart Sutra Club, en die is voorlopig vol.

Die groepen ontwikkelden zich tot een ‘sangha’ een gemeenschap van vrije, onafhankelijke mensen met een gemeenschappelijk doel: hun eigen persoonlijke groei en het elkaar daarin ondersteunen. Naar mijn mening is in deze geseculariseerde wereld een grote behoefte aan dergelijke groepen, maar als ik iemand naar een dergelijke groep zou willen verwijzen, dan weet ik eigenlijk niet waarheen ik dat moet doen. De enige groep (waarvan ik weet) die daarbij in de buurt komt is de Sangha die georganiseerd wordt door Centrum Boswijk, maar die is specifiek voor hulpverleners, en bovendien erg groot; dus niet voor iedereen geschikt. Verder komt het Centrum voor Tantra in de buurt met zijn trainingen van anderhalf jaar, waaruit vaak informele doorgaande groepen voortkomen. Maar ook de jaartraining is tijdelijk, en  tantra is ook niet voor iedereen de weg. Zelf heb ik onderdak gevonden bij de vrijmetselarij, maar die werkt voornamelijk met rituelen en symbolen. Bovendien werken de meeste loges uitsluitend op cerebraal niveau – en ook dat is niet voor iedereen geschikt.

Er is een enorm aanbod van therapie- en trainingsgroepen, maar dat is niet wat ik bedoel – en naar mijn mening ook niet waaraan mijn cliënten behoefte hebben. Therapiegroepen zijn er om oud zeer te genezen, en de meeste trainingsgroepen zijn cursussen met een beperkte duur, gericht op het ontwikkelen van persoonlijke effectiviteit. Ik ben echter op zoek naar permanente groepen die een veilige haven zijn  ‘gewone’ mensen zoals u en ik, waarin je je diepste zieleroerselen met elkaar kunt delen en die zijn als een spiegel voor de geest. Waarin je hart kan groeien. Een sangha, maar dan niet gebonden aan een bepaalde godsdienstige of spirituele denominatie.

Misschien zijn die plekken er wel, maar ik ken ze niet en kan ze via internet ook niet vinden. Dat zegt nog niets, want er is zo’n overdaad aan groepen voor persoonlijke ontwikkeling, dat ik de plek die ik zoek wellicht over het hoofd zie.  In een volgend blog zal ik dieper ingaan op wat ik versta onder persoonlijke ontwikkeling en de noodzaak daarvan in deze wereld. Wordt vervolgd.

 

Datum Door erik.van.praag 3 Reacties

My heart is growing.

(English translation below. I apologize for mistakes in my English.)

 

Mijn hele leven ben ik gefascineerd geweest door persoonlijke ontwikkeling. Van mezelf en van anderen. Het was een rode draad, zowel privé als zakelijk. Maar ik kon er nu pas achter dat ik me  er eigenlijk nooit in verdiept heb wat dat nu eigenlijk is, persoonlijke ontwikkeling. Terwijl ik er toch een tiental boeken over heb geschreven. Bizar!

Ik heb de afgelopen tien dagen voor de derde keer in mijn leven de hele Ring des Nibelungen van Richard Wagner meegemaakt, deze keer in de magnifieke uitvoering van Pierre Audi en Hartmut Haenschen. Een van de ontroerendste momenten vind ik altijd het slot van Die Walküre, als Brünnhilde op de rots te slapen wordt gelegd door haar vader Wotan, omringd door een ring van vuur, zodat ze allen maar door een echte held gewekt kan worden. Het is vooral de wonderschone  muziek die me dan ontroert, en die nu al weer dagen in mijn hoofd zit. Ze zeggen wel eens dat je hart groeit, en ja, zo voelt dat. Is dat nu persoonlijke ontwikkeling?

In het bedrijfsleven en in het onderwijs wordt persoonlijke ontwikkeling gezien als de ontwikkeling van kennis en vaardigheden. Belangrijk, maar dat dekt het begrip voor mij toch niet. In de wereld van cultuur en wetenschap wordt het ook wel gedefinieerd als culturele en maatschappelijke vorming. Komt al dichterbij. In de professionele praktijk van  loopbaanontwikkeling is het vooral de ontwikkeling van je talenten en het volgen van je interesses of passies. In de wereld van de psychotherapie wordt het vooral gezien als het helen van pijn en  het overkomen of opruimen van de de blokkades in jezelf. In vele godsdienstige tradities wordt het gezien als nader komen tot God. In de minder orthodoxe tradities als het vinden van je bestemming en het nader komen tot jezelf: ontwikkeling, de wikkels er af. Maar wat is dan dat zelf? Wie of wat ben ik dan?

Daarover zijn vele geleerde antwoorden gegeven, ook door mij: leegte, de bron, de God van binnen, Geweten (dat wat je altijd al geweten hebt), Aanwezigheid, innerlijke grids, enzovoort. Persoonlijke ontwikkeling – wat een jargon trouwens! –  wordt dan dit diepste zelf te leren kennen, en daar trouw aan blijven. Dat vraagt moed: “The person who has the courage to know himself is the Warrior of thee Heart” (Danaan Parry).

Maar hoewel ik nu weer bezig ben met een serie van acht artikelen over dit onderwerp, wat is persoonlijke ontwikkeling,  – Fritz Perls zou zeggen: elephant shit – moet ik toch zeggen dat mijn uiteindelijke antwoord niet in woorden is te vangen. Voor mij ligt het antwoord in de ervaring: als mijn  hart groeit. Tja, aan dat antwoord heeft u natuurlijk weinig, maar misschien kunnen we de ervaring samen delen.

 

My  whole life I have been fascinated by the concept of personal growth. Growth of myself and others. It was my life theme, both in business as private. But now I am discovering that I never investigated in depth what is its true meaning. While in the mean time I wrote about ten books about it. Weird!

Last ten days I witnessed the Ring des Nibelungen of Richard Wagner for the third time in my life, this time the magnificent performance of Pierre Audi and Hartmut Haenschen. One of the most moving moments for me is the last scene of Die Walküre, when Brünnhilde is put to rest on the rock by her father Wotan, with the ring of fire around her, so that she could be awakened by a hero only. Especially the stunning music is touching me deeply, and already for days I continuously am hearing this melody inside. As they say: one’s heart is growing, and that is exactly how it felt. Is that personal growth?

In the corporate world and in education personal growth is seen as the development of knowledge and skills. Important, but for me that doesn’t cover the concept. In the field of culture and science personal growth often is defined as cultural and social education. Is already coming closer. In the field of professional career counseling it is defined as the development of ones natural abilities and finding out what is motivating. Psychotherapists see growth as healing and overcoming setbacks. In many religious traditions personal growth is seen as becoming more intimate with God. In the less orthodox spiritual traditions personal growth is seen as finding ones destiny, and approaching ones  self. But what and who is that self? Who am I? 

Many masters gave their answers to that question, and so did I: the void, the source, they God within, original knowing, Presence, inner guidance, and so on. Personal growth then  is getting to know your deepest self and being true to it. This is requiring courage:  ‘”The person who has the courage to know himself is the Warrior of the Heart” (Danaan Parry).

Although again  I am busy to write eight articles about this question – what is personal growth? – Fritz Perls would say: elephant shit – I have to say that my ultimate answer can’t be caught in words. For me the answer lies in the experience: when my heart is growing. That answer may not be particularly useful for you, but maybe we can share the experience.

Datum Door erik.van.praag 1 Reactie